(1) Hij is getrouwd met Stephana van Wylich.
Zij zijn getrouwd
Kind(eren):
(2) Hij is getrouwd met Beatrix van Haeften.
Zij zijn getrouwd op 21 oktober 1468.
(3) Hij is getrouwd met Johanna van Hemert.
Zij zijn getrouwd rond 1478.
Kind(eren):
- ridder en ambtman van de Neder-Betuwe; heer van Rossum, Broekhuizen, Poederoijen, Oijen en Meinerswijk
Akte, waarbij Johan van Rossem Johansz., heer tot Zoelen, verklaart Aert. de Cock van Opijnen schadeloos te zullen houden inzake de betaling van een hoofdsom van 1900 Rijnse guldens en de rente daarvan, door Aert de Cock voornoemd verschuldigd aan Johan, heer tot Ghemen, 1442. 1 charter
602 Johan van Rossem en Aernt Doeyss van Vaern dragen over aan Vyncencius, jonggraaf tot Moirss en tot Zarwerden, de goederen in de kerspels Ochten, Hien en Dodeweerd, behoorende tot Ochten, behalve die van de heerlijkheden de Lehe en Lienden, hun aangekomen van den heer van Monster. Int jair onss Heren dusent vyerhondert sess ende vyertich des neesten Dinxsdages na sente Jacobsdach des heyligen apostels. Oorspr. (Inv. no. 6111), met de geschonden zegels van de oorkonders; dat van Johan van Rossem, heer van Zoelen, oud-ambtman, is verloren. Datering: 1446 Juli 26 Vindplaats: Erfgoedcentrum Achterhoek en Liemers.
1965a Johan van Rossem, heer tot Zoelen, erkent, dat zijn overleden vader heer Johan van Rossem, ridder, schuldig is geweest aan jonker Gerardt, heer tot Culenborch, 256 rijnsche guldens, en dat hij betaald heeft aan dien jonker 65 rijnsche gulden schadevergoeding, terwijl deze hem de rest heeft kwijtgescholden.
Wapenalbum Bommelerwaard [P.v.d.Zalm: 2007].
Nr. ross/ 2472. ROSSEM, JAN VAN (de jonge); ridder, heer van Rossum, 1484-1511 en schepen in de Hoge Bank van Driel, 1501.
= Wapen: in zilver,drie vogels (papegaaien) van keel, twee en één geplaatst. Het familiewapen van zijn eerste echtgenote (Van Haeften): het châtillonwapen, het gouden schildhoofd, beladen met een barensteel met drie hangers van sabel; dat van zijn tweede (Van Hemert): gevierendeeld, I. en IV. het châtillon-wapen, het gouden schildhoofd beladen met een uitkomende, klimmende leeuw van sabel; II. en III. in zilver, een klimmende leeuw, naar rechts gewend, van sabel.
= Bron: Jan van Rossem zegelde met genoemd wapen als schepen in de Hoge Bank van Driel, Donredages nae Sunte Thomasdach 1501. Hij zegelde samen met zijn medeschepen Henrick van Driell. Zie: het OA. huis Waardenburg, inv.1312, RAG; CA. Hij was een zoon van JOHAN (de oude genaamd; zoon van Goossen en Anna Steck), ridder, heer van Rossem, Heesel, Leenbergen, enz., raad van de hertog Arnoud, ambtman van Tiel, enz. en MARGRIET VAN GROESBEEK, een dochter van Jan, ridder, heer tot Hoemen, Malden en Beek, en Hadewig van Lynden. Johan werd in 1484 beleend met het dagelijks gericht te Rossum en maakte Rossum tot een open huis voor de Hertog in 1495. Hij droeg voorts in 1511 het gericht te Rossum over aan zijn oudste zoon Johan. Johan overleed in 1512 en huwde 1e. in 1468 (huwelijksvoorwaarden op 21 oktober) Beatrix van Haeften, dochter van
Walraven van Haeften en Hendrica van Varik; 2e. voor 1478 Johanna van Hemert (overleden na 1523), dochter van Peter van Hemert en Johanna Martensdr. van Herlaer. Zij woonde als weduwe op het kasteel Poederoijen. Uit het eerste huwelijk werd geboren: Meralda, zij huwde 1e. Willem van Gent, 2e. Jan van Ensse genaamd Sneewind, 3e. Reinier van den Bern. Uit het tweede: 1, Maarten; 2. Johan, beiden opvolgende heren van de Cannenburg en 3. Margriet of Margaretha.
Zie: de NL. jrg.LXX (mei 1953), kol.134 tot en met 149; “Geldersche Kasteelen”, door Spaen, pg.282-283
grootouders
ouders
broers/zussen
kinderen
Johan III heer van Rossem | ||||||||||||||||||||||||||||||||||||
(1) | ||||||||||||||||||||||||||||||||||||
(2) 1468 | ||||||||||||||||||||||||||||||||||||
Beatrix van Haeften | ||||||||||||||||||||||||||||||||||||
(3) ± 1478 | ||||||||||||||||||||||||||||||||||||
Johanna van Hemert | ||||||||||||||||||||||||||||||||||||
De getoonde gegevens hebben geen bronnen.