Ridder, 'den grooten Vyncent', in 1509 'een man van groot aensien', een der rijkste ingezetenen der Nederlanden, invloedrijkste Hollandse ambtenaar uit de eerste helft van de 16e eeuw, rekenmeester der Nederlanden, secretaris van Karel V, genealoog
Mr. Vincent Cornelisz. van Myerop (Suys 269vso-271vso, nos. 169-184), 1- rekenmeester in de Rekenkamer van Holland, 2- charterbewaarder van Holland en tenslotte 3- tresorier-generaal van de Centrale Regering, had een belangrijk aandeel in deordening van de toestanden in Utrecht na de overdracht van de temporaliteit aan Karel V.
Heer van De Ketel, Spalant, Spirinxhoek, Dortsmonde en Ruyven
uit: De geuzenpenning; munt- en penningkundig nieuws, 6e jg no.3 juli1956. p.25 ev. door F Beelaerts van Blokland.
Er bevindt zich in het GemeenteMuseum te 's-Gravenhage, ook een dergelijk portret van Mr. Vincent's dochter Eva van Mierop, oud 60 jaar, weduwe van Mr.Adriaen Stalpaert van der Wiele, Heer van Ruyven, eertijds rentmeester van Kennemerland, later rekenmeester in den Haag. Het portret draagt het jaartal 1565. Eve overleed in 1570, en was weduwe sedert 1557.
Uitvoerige omschrijving van de persoon. Hierbij gebruikt hij de dissertatie van Serge ter Braake als basis.
95560 - bast. mr. Vincent Cornelis (van VAN MIEROP (MYEROP)) (ook CUIJK van MYEROP), geb. 1469, ridder, bijgenaamd "den grooten Vyncent", in 1509 "een man van groot aensien" genoemd, een der rijkste ingezetenen der Nederlanden en wellicht de invloedrijkste Hollandse ambtenaar uit de eerste helft van de zestiende eeuw, vermaard rekenmeester der Nederlanden in de Habsburgse tijd, ondertekende regelmatig met XXC (vingtcent) Cornelisz. gevolgd door vele krullen (een erudiet grapje waaruit blijktdat hij aardig opde hoogte was met het Frans), genealoog, klerk (1498-vóór 1499) van Thomas Beukelaar
1. Cornelisz., Vincent
2. 1469
3. 14-06-1550
4. ambachtsheer van de Ketel (bij Delft) 1525; heer van Cabau
5. uit de buurt van Geervliet?
6. Cornelis Ottenz. (tollenaar van Geervliet 1508) x N van Boshuizen?
7. Maria, (bastaard)dochter van Jacob Ruysch*
8. Cornelis van Mierop*; Heijman van de Ketel* x Janna Jansdr.; Margareta x Vincent Dammasz.*; Eva (of Aeffken) x Adriaan Stalpaert van der Wiele*; Magdalena x 1 Jan Laurens Martens, 2 Gerrit Hendriksz. van Ravensbergen
(gedeputeerde van Haarlem); Martha x Witte Jacobsz.; Jacob (heer) van Cabaux Catharina Oosterling; dochter (?, nietopgenomen in testament) x Pieter Bol*
10. klerk in de Rekenkamer 1504-1505; auditeur 31-12-1505 – 20-01-1509; bewaarder van de charters en registers 02-09-1518 – 14-06-1550; rekenmeester 20-01-1509 – 29-08-1541
11. gecommitteerde in de Raad van Financiën 1531-1546; thesaurier-generaal in de Raad van Financiën 1546-1550
12. klerk van rentmeester-generaal en rekenmeester Thomas Beukelaar* 1498->1499
16. Gerrit van Assendelft*: vriend; Jasper Lievenz. van Hogelande*: vriend
17. V. zou afstammen van een bastaardtak van de edele familie Kuyc. V. was een van de commissarissen voor de ‘informacie’ van 1514. V. nam in 1516 het initiatief tot de eerste gedrukte editie van het Tractatus de cura rei publicae
van Filips van Leiden. Bij testament van 1549 liet V. weten in de Kloosterkerk in Den Haag begraven te willen worden, indien de grafkelder in het Sint-Jeronimusconvent te Delft nog niet gereed was. Uiteindelijk werd hij begraven
in de Augustijnerkerk in Brussel. V. was een fervent verzamelaar van collatierechten in Hollandse kerken. V. wordt in de literatuur vaak vermeld als Vincent Cornelisz. van Mierop, maar in de bronnen komt hij steevast voor als Vincent Cornelisz. of zelfs gewoon als ‘meester Vincent’.
acb 572-573; grm 802 sen. 59; HvH 1670 d. 07-09-
1550, 1673 d. 18-01-1557; lh 2 f. 53v; RekReg 6 f. 17rv,
9 f. 179r; RekRek 194 f. 119v, 195 f. 118r, 338 f. 174r,
340 f. 193r, 343 f. 178v, 354 f. 100v, 366 f. 84v, 385 f.
140v, 5253 f. 1r, 4638 f. 13v; rkz 1747 f. 13r (1530);
Schagen 283; SvH 2279 f. 59v; Procurateurs, nr. 694;
Baelde, De collaterale Raden, 248; Beelaerts van Blokland,
‘Een legpenning’; Coldeweij, De heren van Kuyc, 120; Fruin, Informacie, 6; Van Der Gouw, Stukken, 5; Van Hijum, Grenzen aan macht, 24; Hoek,
Repertorium op de grafelijke lenen te Delft’, 310; Van den Hoven van Genderen, De heren van de kerk, 236; Ibelings, ‘Bevolking’, 85; Koopmans, De Staten van Holland, 251; Kort, ‘Repertorium op de lenen van de hofstede Strijen’, 45; Kort, ‘Repertorium op de lenen van de hofstede Putten’, 142; Leverland, St. Pancras ophet Hogeland, 125; Tracy, Holland under Habsburg
rule, 47-48; Van Weel, ‘Manrique’, 380-381
Virtus Jaarboek voor adelgeschiedenis 2015
pag.60 -Heren van Holland.
Het verwerven van Heerlijkheden door niet-edelen ontstond in de zestiende eeuw met hoge (Haagse) ambtenaren als Vincent Corneliszn en Vincent Cuycj van Mierop. Het patriciaat begon pas met het kopen van heerlijkheden na 1600.
Noot: De schrijver van het boek meent kennelijk dat niet Hollandsche Edelen als GEEN edelen beschouwd kunnen worden. Een aanmatiging welke tot op heden in Holland opgeld doet.
17-8-1537: Meester Vincent Cornelisz.(van Mierop), raad en gecommiteerde van de domeinen en financiën na overdracht door Jacob Adriaensz. van der Wiele alias Stalpart (L.H. 126, cap. N.H. fol. 11).
Stalpert van der Wiele | 1537-08-17 ; Inv Arch Wassenaer Starrenburg regest no 39, 47, 66
keizer Karel beleent mr Vincent Cornelisz, Raad der domeinen en financiën, met de hem door Jacob Adriaensz van der Wyele alias Stalpaert overgedragen heerlijkheid Ruyven en 21 ½ morgen land aldaar, behorende tot de 50 morgen, vroeger aan Jacob getransporteerd door Mathie van Bosschuysen, en een jaarrente van 6£ van 40 groten, gaande uit 66 morgen bij Delft; 1550-09-26: beleend Aefgen Vincents, vrouw van Adriaen Stalpert van der Wiele, raad en rentmeester van Kennemerland en Vriesland, met Ruyven, land en jaarlijkse rente, haar aanbestorven van haar vader mr Vincent Cornelisz; 1570-11-20: beleend Cornelia Adriaens Stalpaertsdochter, vrouw van Gerrit de Witte, bij dode van haar moeder Eva Vincentsdochter, weduwe van Adriaen Stalpairt
Leenhof van Wassenaar; 128 D.
Het huys, de hofstad (1531 van SpirincxHouck)
9-10-1550: Meester Heyman van de Ketel Vincentsz., raad en rekenmeester in den Hage, bij dode van zijn vader meester Vincent Cornelisz., volgens diens testament d.d. 17-7-1549, waarbij hij aan zijn tweede zoon Heyman het huis en hofstad Spierincxhoeck c.a., 4 morgen land vroeger gebruikt door Claes Heyn, 4 morgen land gebruikt door Pieter Dircxz., 15 hond land gebruikt door de weduwe en de kinderen van Jasper Gheerlofsz. en 8 hond land vroeger gebruikt door Adriaen Adriaensz. toe wijst. Een paar zwanen, 6 morgen land buitendijks bij Spierincshoeck, waarvan de helft leenroerig is aan Wassenaer, worden vermaakt aan zijn derde zoon Jacob (F, fol. 4).
Nationaal Archief; 1551 Maart 31
De executeurs testamentair van mr. Vincent Cornelisz. (Mierop) machtigen Jan de Woest Jacobsz., secretaris van Stryen, om aan rector en vicarissen van St. Jeronimus' dal te Delft te transporteeren een vierendeel van de Noordkavel van den Brouck in Stryen, waarvoor dat college eenige jaarlijksche kerkelijke plechtigheden zal verrichten.
- Dezen lesten dach van de maent Marcii in den jaer ons Heeren duysent vijffhondert een ende vijftich naer gemeen scryven.
- Oorspr. ( Inv. no. 27.2 ). Met de zegels van mr. Vincent Dammasz., voogd van de weduwe, Cornelis van Myrop, domproost en aartsdiaken van Utrecht, Heyman van de Ketel, Jacob van Cabau en Adriaen Stalpaert als executeurs, in rode was, waarvan het eerste geschonden. Met transfix d.d. 1551 Mei 26 (zie no. 100).
Hij is getrouwd met Maria Jacobsdr [Vrouwe] Ruysch Van Cabau.
Zij zijn getrouwd rond 1494.
Kind(eren):
grootouders
ouders
broers/zussen
kinderen
Vincent Cornelisz [Meester] van Cuijk van Myerop | |||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
± 1494 | |||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
Maria Jacobsdr [Vrouwe] Ruysch Van Cabau | |||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
De getoonde gegevens hebben geen bronnen.