Willem Blois van Treslong groeide in Brielle op. Hij was gehuwd met Adriana van Egmond, dochter van Otto van Egmond van Kenenburg. In maart 1572, toen onder druk van Alva koningin Elizabeth van Engeland de watergeuzen had gelast Engelse havens te verlaten, voer Blois van Treslong met een vloot van zesentwintig schepen onder leiding van Willem van der Mark, heer van Lummen (Lumey) op de Noordzee rond. Op 1 april verschenen ze voor Den Briel op het eiland Voorne aan de monding van de Maas en eisten ze het op in naam van de prins van Oranje. Blois van Treslong gaf de zegelring van zijn vader, die baljuw van Voorne was geweest, mee als teken van vertrouwen. De burgemeester weigerde niettemin de poorten te openen. Aangezien het Spaanse garnizoen was vertrokken en een deel van de bevolking was gevlucht namen de geuzen Brielle met gemak in. Anders dan anders bleef het niet bij een landgang, maar behielden de geuzen het stadje. Zo verloor op 1 april Alva zijn bril. 'No es nada', het is niets, zou Alva gezegd hebben, maar het bleek aanleiding voor de Zeeuwse steden om verdere inname van Spaanse garnizoenen te weigeren. Terwijl Lumey naar Holland trok, benoemde hij Blois van Treslong tot gouverneur van de stad. Deze voer op 20 april met drie schepen naar Vlissingen en droeg daarmee bij aan de aansluiting van Vlissingen als tweede stad na Brielle bij de Opstand. Blois van Treslong was aanvankelijk ook betrokken bij het beleg van Middelburg. Achteraf bleek 1 april een keerpunt in de strijd omdat de meeste Hollandse en Zeeuwse steden zich na de inname van Brielle, al dan niet gedwongen, bij de Opstand aansloten.
Op 24 maart 1573 benoemde Willem van Oranje, zelf behalve stadhouder ook admiraal-generaal, Willem Blois van Treslong tot luitenant-admiraal van Holland en West-Friesland, een functie die hij op 4 maart 1574, dus in minder dan een jaar, weer kwijtraakte, aan de Brusselse edelman Lodewijk van Boisot. In januari 1574 nam hij met een eskader deel aan de zeeslag bij Reimerswaal.
Op 15 juni 1576 werd Blois van Treslong luitenant-admiraal van Zeeland. Willem van Oranje zond hem in 1578 met twee schepen naar Duinkerke om er een admiraliteit op te richten voor Vlaanderen. Zo moest worden voorkomen dat het naburige Grevelingen waar 'malcontenten' zich verzamelden, tot kapernest zou uitgroeien. Treslong stelde de Zeeuwen gerust door te beloven de Vlaamse admiraliteit naar Zeeuws voorbeeld in te richten. Uiteindelijk werd hij op 7 maart 1585 ontslagen en 'door den invloed der Staten van Zeeland in hechtenis gezet; op grond van blijkbare onwaarheden en verfoeijlijke lasteringen in gevaar het leven te verliezen', in de woorden van Groen van Prinsterer. Een knallende ruzie in de Zeeuwse admiraliteit tussen Blois van Treslong en twee leden van die instelling tijdens het beleg van Antwerpen kan een rol hebben gespeeld. Hoe dan ook, afgezien van zijn optreden als geuzenkapitein was zijn adellijke status een voorwaarde geweest voor benoeming in de beide functies van luitenant-admiraal.
***
In 1591 werd hij gerehabiliteerd. In zijn laatste levensjaren was hij luitenant-groot-houtvester van prins Maurits (1592-1594) en groot-valkenier van Holland (1593-1594). Vandaag de dag is in de Michaëlskerk in Oosterland zijn zwaard nog steeds te bewonderen.
Tussen 1982 en 2003 had de koninklijke marine een naar hem vernoemd fregat in de vaart, Hr Ms Bloys van Treslong.
Repertorium op de Lenen van de Hofstede van Voorne. OUDE TONGE
nr.160F. Een twaalfde van het leen.
De beleningen zijn gelijk aan nr. 151 tot:
4-8-1562: Paulus Pietersz. voor Willem van Treslong bij dode van Katharina van Wijngaarden, diens moeder, LRK 130 c. Zeeland fol. 4-5v.
27-8-1574: Willem van Treslong bij dode van Willem van Treslong, zijn oudste broer, LRK 75 fol. 85-86.
1-12-1575: Lijftocht van Adriana van Egmond van Merestein, gehuwd met Willem van Blois van Treslong, gouverneur en opperdijkgraaf van den Briel en Voorne, LRK 133 fol. 69.
14-1-1591: Mark van Steeland bij overdracht door Willem van Blois alias Treslong, LRK 137 fol. 356-362v.
Rep Lenen Hofstede Voorne op Voorne, 1230-1650 ; HELLEVOET
201. (1476: het gors) Oosthoek, gelegen tussen Mare, Flakkee en Zuidmare (1581: aan Oudenhoorn ent Ruigedijk).
8-1-1348: Hugeman van Borsele, V 29 fol. 60v nr. 96.
2-4-1476: Jan van Nijenrode voor zijn huwelijk met Johanna van Montfoort bij overdracht door Eleonora van Borsele, vrouwe van Zuilen en St. Maartensdijk, en Gijsbert van Nijenrode, haar man, zijn broer, zoals haar aangekomen van Frank van Borsele, haar neef, eventueel aan haar terug te vallen, LRK 118 c. Zeeland fol. 44-45v.
8-2-1478: Jacob Jansz. voor Eleonora van Borsele bij dode van Jan van Nijenrode, LRK 119 c. Voorne fol. 1.
14-9-1486: Jasper van Culemborg, heer van Borsele, bij dode van Eleonora, zijn grootmoeder, LRK 94 fol. 28v-29.
1-1-1505: Mr. Andries van Hargen voor Cornelia van Culemborg bij dode van Jasper, haar vader, LRK 122 c. Zeeland fol. 19.
18-6-1541: Dirk van Lixveld voor Frans van Rennenberg voor Jan Frans van Rennenberg bij dode van Willem van Rennenberg, diens vader, die aankwam bij de dood van Cornelia van Culemborg, gravin van Rennenberg, Willem’s moeder, LRK 126 c. Zeeland fol. 24v.
..-.-15..: Hulde van Jan Frans van Rennenberg, LRK 126 c. Zeeland fol. 24v.
15-6-1562: Sebastiaan Splinters voor Herman, graaf van Rennenberg, heer van Zuilen en Oudenhoorn enz., bij dode van Jan Frans, diens neef, LRK 130 c. Zeeland fol. 1.
21-8-1579: Mr. Joris de Gruyter, doctor in de rechten en raad, voor George van Lalaing, graaf van Rennenberg, baanderheer van Vyle, heer van Villers, Jabrechies enz., hoofd van de financiën, kapitein generaal van Friesland, Overijssel, Groningen, de Ommelanden, Drente en Lingen, bij overdracht door Willem van Ittervoort voor Herman, graaf van Rennenberg, heer van Zuilen, Westbroek, Oudenhoorn enz., LRK 134 fol. 329.
10-8-1581: Willem van Blois van Treslong, admiraal van Zeeland, gouverneur van het westerkwartier van Vlaanderen enz., na verbeurte en verkoop door Thomas Geniets, ontvanger generaal van de konfiskaties, LRK 135 fol. 214v-216.
1-8-1595: Jasper van Blois van Treslong ook voor zijn broer en zuster bij dode van Willem, hun vader, LRK 138 fol. 332-334v.
30-11-1609: Anton van Lalaing, graaf van Hoogstraten, bij dode van Willem van Lalaing, zijn vader, die aankwam van Herman, graaf van Rennenberg, die aangekomen was van George van Lalaing, graaf van Rennenberg, LRK 235 fol. 127.
18-7-1614: Mr. Nikolaas van Reigersberg, advokaat bij het Hof van Holland, voor Charles van Lalaing, graaf van Hoogstraten, baron van Harchicourt enz., bij dode van Anton, diens neef, LRK 141 c. Arkel fol. 25.
9-8-1616: Mr. Reiner van Persijn, stadhouder van de lenen van Wassenaar, voor Lamoraal, prins van Ligne, markies van Roubaix, heer van Wassenaar enz., bij dode van Margaretha van Lalaing, gravin van Ligne, diens moeder, die aankwam van George van Lalaing, graaf van Rennenberg, haar broer, LRK 142 c. Arkel fol. 12.
27-9-1649: Nikolaas Blijens, ontvanger van Hoogstraten, voor François Paul de Lalaing, graaf van Hoogstraten, bij dode van Albert van Lalaing, graaf van Hoogstraten, diens vader, die aankwam van Charles van Lalaing, diens grootvader, LRK 151 c. Arkel fol. 17-18.
Huis te Swieten, bij Leiden, 17 juli 1594
(1) Hij is getrouwd met Wilhelmina Kaarlsdr.
Zij zijn getrouwd
(2) Hij is getrouwd met Adriana van Egmond (van Kenenburg).
Zij zijn getrouwd in het jaar 1570, hij was toen 41 jaar oud.
Kind(eren):
grootouders
ouders
broers/zussen
kinderen
Willem Jaspersz [Admiraal der Geuzen] Bloys Van Treslong | ||||||||||||||||||||||||||||||||||
(1) | ||||||||||||||||||||||||||||||||||
(2) 1570 | ||||||||||||||||||||||||||||||||||
Adriana van Egmond (van Kenenburg) | ||||||||||||||||||||||||||||||||||
De getoonde gegevens hebben geen bronnen.