STALPAERT - STALPERS XVII Generaties » Lambert Janssone [heer] van Winghe (van Overbeke) (± 1420-< 1474)

Persoonlijke gegevens Lambert Janssone [heer] van Winghe (van Overbeke) 

  • Hij is geboren rond 1420.
    Zowel Lambert als Laureys van Wynghe worden gebruikt; met Anne van Orsmale als wijf / huisvrouw.
  • Eigendommen:
    • vanaf 8 november 1434 Heer van Overbeeke / St Joris-Winge (vanaf 8nov1434).
      220 Jan van Winge [186]
      ---
      [186] (Armigeri) Jan van Winge. Ontvanger van Tienen 1416-18, 1420-23; ontvanger-generaal van Brabant 1423-25, 1427-28; raadsheer van Jan IV (1423-24) en Filips van Sint-Pol (1427-28). GDB, p. 747 nr. 270; SAP IV, p. 258.
      Jan van Winge koopt van jonkvrouw Machteld s’Papen een leen bestaande uit een rente van 5 pond auts ghelts ende vierentwintich capuynen tsiairs metten laten ende heerlicheden dairtoe behoirende op allerhande goederen in de parochie van Sint-Joris-Winge.
      Dit leen gaat op 8 november 1434 over op zijn zoon Lambrecht van Winge. RKB 555 f. 168r.
    • vanaf 1445 Hof van Herenth.
      Huis Oppenheim in Oplinter
    • van 17 september 1448 tot 15 juli 1463 Aleijdis,Vrouwe tot Oplinter.
      Zijn broers Jan en Walter van Redingen deden op 9 november 1447 gezamenlijk het verhef van hun rechten die ze te Oplinter meenden te bezitten. Amper tien maanden later deed Lambert van Winge het verhef van de heerlijkheid, op 17 september 1448.
      Zijn dochter Aleydis was getrouwd met Hendrik II van Redingen.
      Lambert deed er -volgens het verhef van 15 juli 1463- opnieuw afstand van ten voordele van laatstgenoemde. Daar waren wel twee voorwaarden aan verbonden: in de eerste plaats mocht Hendrik II van Redingen de heerlijkheid niet verkopen of er een hypotheek op leggen. De tweede voorwaarde hield in dat Hendrik beloofde Oplinter na te laten aan Antoon van Redingen, de zoon die hij bij Aleydis verwekt had. En zo geschiede: Antoon van Redingen erfde inderdaad de heerlijkheid Oplinter (verhef 22 maart 1480), om het echter enkele jaren later zelf te verkopen aan ridder Maarten I van Wilre (verhef van 18 mei 1487).
  • Vermelding op 26 augustus 1444: Lambert zoon van Jan.
    Geographie et histoire des communes belges ; Tome.10 - Glabbeek.
    pag.49-56 Iwain et Gilles, fs de Iwain Stalpaert.
    Lambert de Winghe, zoon van Jean, verenigde zich met het schout-ampt (baljuw) dat hij van het hertogdom bezat, en die met name een feodaal hof en een censaal hof omvatte, het naast de kerk gelegen kasteel en zijn bijgebouwen (r. van 26 augustus 1444). Ze vormden een ambtstermijn die behoorde tot Blanden of Heverlé en die als opeenvolgende meesters René Van Scoenenbergen, Henri S'Papen, Mathilde Absoloens, zijn weerdinne (wat niet precies zijn vrouw betekent) als leven had gehad; Jean De Pape, broer van Henri; de nicht van deze, Marguerite Van der Poorten, weerdinne van Jean Van Pool, en vervolgens, voor de helft, Jean Ostons, van Lierre (r. van 7 februari 1452) en Henri de Pulle, neef van Jean De Pape.
    Na Lambert de Winghe ging het heerschappij over op zijn zoon Henri de Redingen en vervolgens op Antoine de Rotselaer.
  • (Akte) op 10 juni 1446.
    Act SAL7739 Lambert van Wynghe schuldbrief aan Johan vanden Hove
    Datum: 1446-06-10 ; Taal: Latinum ; Folio 338R°
    Transcriptie ; 2018-12-10 door Frans Feyaerts
    It(em) lambertus de wynghe p(ro)misit joha(n)ni vanden hove filio q(uo)nd(am) balduini vigintiqui(n)q(ue)/
    flor(enos) renen(ses) aur(eos) bon(os) (et) leg(ales) ad festu(m) b(ea)ti joha(n)nis bap(tis)[te] p(ro)xim(e) p(er)sol(vendos) ta(m)q(uam) ass(ecutu)[m]/
    wijtvliet py(n)noc junii x
    Nagekeken door: Mi-Je Van Gils ; Moderator: Mi-Je Van Gils
    ---
    Add. 1 [links en onder de akte R°338.5]
    Datum: 1446-06- ; Taal: Nederlands ; Folio 338R°
    Transcriptie 2018-12-10 door Frans Feyaerts
    Joh(annes) heeft gekent dat de voirs(creven) schout nietr meer en soude/
    sijn dan xxii r(ijnsche) guld(en) hoewael den brief inhelt xxv/
    want hij de iii sijndt d(er) geluften ontfaen heeft en(de) opte(n)/
    selve(n) dach vand(er) geluften Dand(er) xxii r(ijnsche) guld(en) hebbic ic/
    ontfaen tsand(er)daighs na s(in)t ja(n)sdach (et) joh(annes) h(abetur)
    Nagekeken door: Mi-Je Van Gils ; Moderator: Mi-Je Van Gils
  • (Akte) op 14 april 1450.
    H. RAB R 44785 : Cijnsboek van Leuven, Herent en Lubbeek 1450
    f 67v datum:14-4-1450
    Her Willem van Erpe geheten Ostonijs erfgenamen i d van enen cleinen driecantich plaetsken gel. achter sijn huys ende hof ende wijngert gel. opten Capellenberch diemen heyt die Boegertstrate tusschen die goide LAMBREGHTS VAN WINGE ende Cloes­ters van Tshertogendale geg. bij Felip rentmeester voirs van in april voirs Paesch ende xiiii c xlii jaer
  • (Akte) vanaf 26 juni 1450.
    Act SAL7744 R4.2-V4.1 Folio 4R°, Folio 4V°, Datum 26 juni (1450 schepenjaar).
    Transcriptie 2015-02-15 door Sarah Macquoy
    Van b(er)telmeeuse de hont en(de) willem(me) van baussele (et) c(etera)/
    Item nadat onlanx bijden raide vand(er) stad comen zijn b(er)telmeeus de hont/
    clerck vanden registre d(er) stad van loeven(en) t(er) eenre zijden en(de) willem(me)/ van baussele alse meye(r) LAMBRECHTS VAN WYNGE tot oplynthe(re) t(er)/ ande(re) ald(aer) de voirs(creven) b(er)telmeeus met gescrifte en(de) and(er)s opdede bijde(n)/ rade vand(er) stad dat de voirs(creven) meye(r) uut zijnre hachten hadde late(n) / gaen henr(icken) van redinghen den welken symoen vand(er) coud(er)borch/ van wegen b(er)telmeeus voirscr(even) also hij seide hadde doen houden/ voe(r) vi[c] rijd(er)s zond(er) hem d(aer)af recht te doen of den selven henr(icken)/ te recht te bringen Den voirs(creven) meye(r) d(aer)op v(er)andwerdende dat hij/ wail geloefde dat de voirs(creven) henrick in zijns vorst(er)s vroente/ gedaen mocht zijn ten versuecke van p(ar)tien voe(r) e(n)nige schout //
    die zij hem eysschende mochten zijn En(de) d(aer)af hadde de voirs(creven)/ b(er)telmeeus zijn recht moegen v(er)volghen en(de) de vroente beleiden/ met rechte zond(er) dat hij den selven meye(r) d(aer)om yet te thijen/ of te moeyen hadde (et)c(etera) Biedende de voirs(creven) p(ar)tien alrehande/ thoeniss(en) tot hoe(re)r zaken also zij meynen dienende Dwelke/ aengehoirt zijnde intlange bijde(n) rade vand(er) stad heeft/ de selve raed goede delib(er)acie d(aer)op gehadt de voirs(creven) zake/ en(de) de p(ar)tien met hoe(re)r t(er)mi(n)acien en(de) uutspraken va(n) rechte/ te rechte gestelt voe(r) meye(r) en(de) scepen(en) van loeven(en) om ald(aer)/ met rechte gehandelt te werden Act(um) p(re)sid(entibus) lye(ming)[en] lynte(re)/ burgim(a)g(ist)ris et plu(r)ibus aliis de (con)silio junii xxvi svryd(aigs)/ Nagekeken door: Sabrina Keyaerts , Jos Jonckheer , kristiaan magnus ; Moderator: Jos Jonckheer
  • (Akte) tot 14 juli 1463.
    SAL7357 V14.2 Act Datum: 1463-07-14 Folio 14V°
    Transcriptie, 2016-10-23 door Karel Embrechts
    Item de vors(creven) lambrecht heeft gelooft dat hij anthonise van/
    redinghen sone des vors(creven) henricx dien hij heeft van jouffr(ouwe)/ ALITEN VAN WYNGHE des vors(creven) lambrechts dochter sal laten/ volghen vredelijc en(de) ombelet alle de goede die hij mett(er)/ vors(creven) zijnd(er) dochter den vors(creven) henrick gaff in heylichsche/ vorweerden zoe wanneer de selve anthonis met raide/ vanden vrienden van beiden zijden te heylicke trect en(de) dat hij/ den selven anthonise dae(re)nbynnen metten selven goeden houden/ en(de) rege(re)n sal het en wae(re) dat de vors(creven) jouffr(ouwe) alijt bynnen lants quame en(de) woenende bleve dat haer dan/ om tvoirs(creven) kynt te houden en(de) eerlijc te rege(re)n [die] volgen sullen/ cor(am) eisd(em)
    Nagekeken door: kristiaan magnus, Moderator: kristiaan magnus
  • (Akte) op 19 augustus 1469.
    SAL7363 Act R53.1 Datum: 1469-08-19 Folio 53R° Transcriptie, 2017-07-22 door Mi-Je Van Gils
    Item LAMBRECHT VAN WYNGHE jouffr(ouwe) KATLIJNE VAN DORMALE sijn wijf/
    HENRIC VAN REDINGHEN hue(r) behuwede sone ende ANTHONIJS VAN/
    REDINGHEN wettich sone desselfs HENRIX yerst uut desselfs henrix/ sijns vaders brode met behoirliker manie(re)n gedaen renu(n)cie(re)nde/ in desen de vors(creven) lambrecht henric en(de) anthonijs en(de) elc van/ hen der p(ri)vilegien vand(er) univ(er)siteit van loven(en) in tegewoir/ dich(eit) der scepen(en) van loeven(en) gestaen hebben gelooft ongesund(er)t ende/ onversceiden voir hen hue(re)n erve(n) en(de) nacomeling(en) vrancke(n) willemair/ vleeschouwe(r) woenen(de) te loeven(en) inde coestrate zijne(n) erve(n) en(de) nacomeling(en)/ van eene(n) beemde geheete(n) de polsteert [gelegen te langdorp] onder theerscap van wittham/ geleg(en) te weerde aende(n) dijck in deen zijde die deme(r) in dande(re) jan/ calabers wijf ende kinde(re) in die derde ende jan v(er)noyen maurisses/ broexkens ende steve(n) vanden berghe in die vierde zijden Op welke(n)/ beemt die voirs(creven) vrancke alsoe de vors(creven) gehuysscen kinden ende lijdde(n)/ gecocht ende gecreg(en) heeft elf rinsche gul(den) te twintich stuv(er)s tstuc/ erfliker rinte(n) dair inne hij alnoch niet gegoet noch geerft en es maer/ sal [d(air) af] cortsweechs guedinge en(de) vestich(eit) dair af gescien altoes genoech/ te doene wairt dat hem yet te nauwe gesciet ware in des voirs(creven) steet/ Ende den vors(creven) beemt op eene(n)twintich pe(n)ninge tsijs als voir allet/ recht d(air) voe(r) uutgaend(de) van allen ande(re)n letselel en(de) calaengie(n) te warande(re)n/ Bekinnen(de) dat den vors(creven) beemt nu ter hue(re)n ghelt viventwintich hollan(tse)/ guld(en) sonder argelist Geloven(de) voirt ongesundert als voe(r) de vors(creven) rente(n)/ tallen tiden te lossen ende quijt te houden van allen settinge(n) bede(n) co(m)me(re)n/ scatting(en) en(de) ande(re)n laste(n) hoedanich die wae(re)n die tenig(er) tijt d(air) op mochte(n)/ wordde(n) gestelt bij wien dat ware [oft geschien mochte] Alsoe dat den voirs(creven) vrancke(n) willem(air)/ zijne(n) erve(n) ende nacomeling(en) vast en(de) seker sijn moige hier wae(re)n over/ wouter vande(n) tymple en(de) joes absoloens scepen(en) te loven(en) xix aug(usti)
    Nagekeken door: Jos Jonckheer, Moderator: Jos Jonckheer
  • (Akte) vanaf 19 augustus 1469.
    SAL7363 Akte V°53.2 ,Act, Datum: 1469-08-19, Folio 53V°
    Transcriptie, 2017-07-22 door Mi-Je Van Gils
    It(em) die vors(creven) LAMBRECHT ende sijn wijf hebben openbairlijc/ gerevoceert ende weder roepe(n) alle alsulk(en) auctoriteit macht/ van heffen oft p(ro)curatie als zij HENRIKE VAN REDINGHEN voirtijts/ moig(en) hebben gegeven aengaende hue(re)n goede(n) en(de) rinte(n) opte/ heffen en(de) te rege(re)n voir wien die gepasseert wae(re) in gheestelik(en)/ oft weerlik(en) gerichte(n) eisd(em)
    Nagekeken door: Jos Jonckheer, Moderator: Jos Jonckheer
  • (Akte) tot 25 mei 1476.
    SAL7369 R358.1-V358.1 Act, Datum: 1476-05-25 , Folio 358R°, Folio 358V°
    Transcriptie 2018-05-17 door Karel Embrechts
    It(em) jan van molevelt in p(rese)ncia heeft genomen en(de) bekint dat hij genome(n) heeft/ tegen LAUREISE VAN WYNGHE als man en(de) mo(m)boir jouffr(ouwe) ANNEN VAN ORSMALE/ sijnre weerdinne(n) thof der selver jouffr(ouwe) metten huysen hove(n) wynnen(de) landen/ beemde(n) eeussele(n) bossche(n) en(de) alle ande(re)n toebehorte(n) gelic dat geleg(en) es te torbisoul/ en(de) alsoe olivier le roy voe(r) jan van floref en(de) jan van schore nae [die] gehouden/ hebben houden(de) xix boend(er) weder des goets meer es oft myn en(de) dat/ bij (con)sente des voirs(creven) jans van schore die dair aen van halfmerte naist/ comen(de) alnoch x jair lanc zijn due(re)n soude pechtinge houden soude des hij/ alhier afgegaen heeft [es] en(de) dat die pechtinge quijtgescouden heeft Te/ houden te hebben ende te wynnen van halfmerte naistcomen(de) eenen/ t(er)mijn van tweelf jae(re)n lang v(er)volgen(de) elx jairs dae(re)nbinne(n) om en(de)/ voe(r) Met (con)dicien oft de voirs(creven) jouffr(ouw) aflivich wordde binne(n) middelen/ tide dat dan de voirs(creven) wynne nae hue(r) doot tgoet behouden soude nae/
    vi jair lanc nae den lantrechte en(de) niet lang(er) elx jairs dae(re)nbinne(n)/
    elc boender dair af o(m)me en(de) voe(r) acht dossine(n) corens goet en(de) payabel/ der maten van loven(en) met wanne en(de) met vede(re)n wael bereyt sint andr(iesmisse)/ apostels te betale(n) en(de) te loeven(en) te(n) huyse des vors(creven) laureys te leve(re)n alle/ jae(re) den voirs(creven) t(er)mijn due(re)nde quol(ibet) ass(ecutu)[m] It(em) sal de vors(creven) wynne alle jae(re)/
    den voirs(creven) t(er)mijn due(re)nde leve(re)n int voirs(creven) hof ii[c] walme(re)n om de huysinge/ dair mede te decken ende alsmen die aldair verdect oft anders dect oft plect/ van ouden wercke dair af sal de voirs(creven) wynne den wercliede(n) de(n) montcost/ gheve(n) en(de) de voirs(creven) laur(eys) de dachue(re)n betale(n) It(em) oft d(air) yet van nuwe(n) wercke/
    behoifde gewracht te wordde(n) d(air) af sal de wynne met sijne(n) wage(n) en(de) p(er)den/ naerder halen dairt hem de voirs(creven) laur(eys) bewijse(n) sal hout steen leem teenen/ stroe en(de) des dair toe behoeve(n) sal moge(n) sonder voirder d(air)inne belast te sijne/ It(em) sal de voirs(creven) wynne den voirs(creven) laureise te loven(en) leve(re)n alle jae(re) twee/ steene vlas van xii ponden wel bereit totter hekelen en(de) hij sal hem jairlix/ houden een vercken tot sinte lambrechts daige dat de voirs(creven) laureys he(m) coepe(n)/
    sal oft doen coepen omtri(n)t vastelavonde It(em) de voirs(creven) wynne sal jairlix betale(n)/ den chijs vand(en) huyse gedragen(de) omtri(n)t xii(½) stuv(er)s sonder afslach en(de) d(air) toe/ allen den chijs uute(n) voirs(creven) goeden gaende alsoe in tijts dat de vors(creven) laur(eys)/ d(air) bij gheen schade en lijde en(de) dat in afslage van des voirscr(even) steet It(em) hij/
    sal den voirs(creven) laur(eise) alle jae(re) den vors(creven) t(er)mijn due(re)nde inhale(n) sijn core(n) rinten //
    te weten aen henri de mollebaix (½) mudde aen mathise peron/ ix dossine(n) aen de he(re)n van viller iii mudde(n) aen de kinde(re) henri noyens/ iii mudde(n) en(de) aen janne clarissen (½) mudde sond(er) cost des voirs(creven) laureys/ en(de) dat op cost des voirs(creven) laur(eys) te loven(en) leve(re)n It(em) sal de voirs(creven) wy(n)ne/ den voirs(creven) t(er)mijn lang due(re)nde die voirs(creven) lande wynne(n) werve(n) ende/ meste(n) gelijc reengenoete(n) bove(n) en(de) benede(n) wel en(de) loflic alsoe verre/ wel de veerste als de naeste en(de) die late(n) tsijne(n) afscheide(n) alsoe/ hij die vinde(n) sal It(em) sal de vors(creven) wy(n)ne de huysi(n)ge vand(en) vors(creven) hove houde(n) vand(er)/ und(er)ster rijkele(n) nederw(er)t in goede(n) state It(em) es vorweerde dat de vors(creven) wy(n)ne op tvors(creven)/ bosch niet meer rechts hebben en sal dan inde weyde en(de) tscaerhout mach hij eens/ ofhouwe(n) tsijne(n) p(ro)fite It(em) sal de wy(n)ne alle tstroe vand(en) goede(n) comen(de) jairlix int hof/ bringe(n) en(de) dat ald(aer) ette(n) met sijne(n) beeste(n) en(de) te meste make(n) en(de) dat mest vue(re)n opde vors(creven)/ lande tslants meeste(n) p(ro)fite It(em) wairt dat d(aer) eenige boome v(er)droechde(n) die sal de/ wy(n)ne moge(n) uutrode(n) en(de) te hemw(er)t neme(n) en(de) voir elke(n) sette(n) ii poote(n) vand(en) selve(n)/
    arnde It(em) sal de vors(creven) wy(n)ne tsijne(n) leste(n) jae(r) besaeyt late(n) acht boend(er) lants te/ wynt(er)coirne d(aer) af sal hij te hemw(er)ts behoude(n) de drie boend(er) geleg(en) te poullonfosse/ sond(er) yet d(aer) af te geve(n) en(de) dand(er) v boend(er) sal hij goet doen alsdan xvii mudden/
    core(n)s mate(n) van loven(en) It(em) als de vors(creven) wy(n)ne tvors(creven) coren levert sal de vorster/ laur(eys) hem en(de) den zijne(n) hue(re)n montcost geve(n) In(de) En(de) alle dese vorweerd(en) inde su(n)t/ fideiuss(or) d(i)c(t)i coloni ind(ivisim) d(i)c(tu)s joh(ann)es van schore al(ia)s de droege (com)mor(ans) ap(u)[d] torbisoul/ et gerard(us) molevelt (com)mor(ans) ap(u)[d] mulcke p(ro)pe tonge(re)n cor(am) meld(er)t couck(eroul) maii xxv
    Nagekeken door: kristiaan magnus
    Moderator: kristiaan magnus
  • (Akte) vanaf 27 oktober 1477.
    SAL7371 Act V87.2-V89.1 Datum: 1477-10-27 Talen:Latinum,Nederlands
    Folio 87V°, Folio 88R°, Folio 88V°, Folio 89R°, Folio 89V°
    Transcriptie 2019-12-01, door kristiaan magnus
    It(em) villicus lovanien(sis) median(tibus) scab(inis) lovanien(sibus) adduxit LAURENTIU(m)/ DE WYNGHE p(ro)nu(n)c burgim(a)g(ist)r(u)m opidi lovanien(sis) ad om(n)ia et/ sing(ula) bona i(m)mo(bilia) et he(re)d(itaria) joh(ann)is de schore dicti de droeghe rixonis/ de raetshove(n) de hoxhem flor(entii) alcus de glymes joh(ann)es de smet/ de torrebaix le beghines [et] henr(ici) moys de torrebaix le s(aint) tron/ necnon joha(n)nis de molevelt et gerardi [de] moelevelt (com)mor(antium)/ apud mulcke p(ro)pe tonge(re)n infra lo(vaniu)[m] et ex(tra) sit(a) in mans(ionibus) do(mi)[b(us)]/ curt(ibus) t(er)ris ar(abilibus) p(ra)t(is) pascuis silvis censu t(re)censa vineis/ redd(itibus) et suis p(er)tinen(tiis) univ(er)s(is) vide(licet) ad bona d(i)c(t)or(um) joh(ann)is/ de schore d(i)c(t)i droeghe rixonis de raetshove(n) flore(n)tii/ alcus joh(ann)is de smet et henr(ici) moys pro cert(is) recog(nitionibus)/ et p(ro)miss(ionibus) conscript(is) in li(tte)ris scabinor(um) lovan(iensium) quaru(m) tenor sequit(ur)/ in hec verba Cond zij allen lieden dat jan van schore/ geheete(n) de droeghe in p(rese)ncia heeft genome(n) en(de) bekint dat/ hij genomen heeft jegen LAURYSE VAN WYNGHE als man en(de)/ mo(m)boir jouffr(ouwe) ANNE(n) VAN ORSMALE zijnre weerdinne(n) thoff/ der selver jouffr(ouwe) metten huysen hoven wynnen(de) landen/ beemden eusselen bosschen ende allen ande(re)n toebehoirten/ gelijc dat belegen is te torbisoul en(de) also olivier le roy dat voe(r) //
    en(de) nae hem jan van floref gehouden heeft houden(de) xix boend(er) weder/
    des goets meer is oft min en(de) dat bij consente des voirs(creven) jans van/
    floref die d(aer) noch ii jae(r) aen hebben soude Te houden te hebben/ en(de) te wynnen van halfm(er)te naestcomen(de) eene(n) t(er)mijn van xiiii jae(re)n/ lang vervolgen(de) Met cond(icien) oft de voirs(creven) jouffr(ouw) aflivich werde/ binne(n) middelen tide dat dan de voirs(creven) wynne nae hue(r) doot/ tgoet behouden soude vi jae(re)n lang nae den lantrechte en(de) niet/ lange(r) elcx jaers d(aer)enbinne(n) elc boend(er) om x dossijne(n) corens/ goet en(de) payabel d(er) mate(n) van loeven(en) met wanne en(de) met vede(re)n/ wel bereyt tsinte andr(iesmiss)[e] ap(oste)ls te betalen(e) en(de) te loeven(en) ten huyse des/ voirs(creven) laur(eys) te leve(re)n alle jae(re) den voirs(creven) t(er)mijn dueren(de) q(u)[o]l(ibet) ass(ecutu)[m]/ It(em) sal de voirs(creven) wynne alle jae(re) den voirs(creven) t(er)mijn dueren(de) leve(re)n int/ voirs(creven) hoff ii[c] walme(re) om de huysinge d(aer) mede te decken(e) en(de) alsmen/ die ald(aer) verdect oft anders dect oft plect van ouden wercke d(aer)af/ sal de voirs(creven) wynne den werclieden den montcost geve(n) en(de) de voirs(creven)/ laur(eys) de dachue(re)n betalen En(de) oft d(aer) yet van nuwe(n) wercke behoefde/ gewracht te werden d(aer)af sal de wynne met zijne(n) wagen(en) ende/ p(er)den naerde(r) halen dairt hem de voirs(creven) laur(eys) bewisen sal hout/ steen leem teenen stroe en(de) des d(aer) toe behoeven sal moege(n) sond(er) voird(er)/ dair inne belast te wesen It(em) sal de voirs(creven) wynne den voirs(creven)/ laur(eys) te loeven(en) leve(re)n alle jare twee steen vlas van xii ponde(n)/ wel bereyt totter hekelen en(de) hij sal hem jaerlijcx houden een/ vercken tot s(in)[te] lambrechts dage dat de voirs(creven) laur(eys) he(m) coope(n) sal/ oft doen coope(n) omtrint vastelavonde It(em) de voirs(creven) wynne sal/ jaerl(ijcx) betale(n) den chijs vand(en) huyse gedragen(de) omtrint xii(½) st(uvers)/ sond(er) afslach en(de) d(aer)toe alle den chijs uuten voirs(creven) goeden gaende/ alsoe in tijts dat de voirs(creven) laur(eys) dair bij gheene schade en lijde/ en(de) dat in afslage van des voirscr(even) steet It(em) hij sal den voirs(creven)/ laur(eys) den voirs(creven) t(er)mijn dueren(de) alle jae(re) inhalen zijn corenrinte(n)/ te weten(e) aen henri de mollebaix (½) mudde aen mathijs peron/ ix dosijnen aen lambert del vaul viii dosijne(n) aen henra gilchon/ ix dosijne(n) aen de hee(re)n van vileer iii mudd(en) aen de kinde(re)/ henri noyens iii mudd(en) en(de) aen janne clarissen (½) mudde/ sonder cost des voirs(creven) laur(eys) en(de) dat op cost desselfs laur(eys) te loeven(en)/ leve(re)n It(em) sal de voirs(creven) wynne den voirs(creven) t(er)mijn lang dueren(de) de //
    voirs(creven) lande wynnen werven en(de) mesten wel en(de) loflic gelijc/
    reeng(enoten) bove(n) en(de) beneden alsoe wel de verste als de naeste en(de) die/ laten tsijne(n) afsceyden alsoe hij die vynden sal It(em) sal de voirs(creven)/ wynne de huysinghe vand(en) voirs(creven) hove houden vand(er) underster/ rijkelen nederweert in goeden state It(em) is vorweerde dat de voirs(creven)/ wynne op tvoirs(creven) bosch niet meer rechts hebben en sal dan inde weye/ en(de) tscaerhout mach hij eens afhouwen tsijnen p(ro)ffite It(em) sal de/ voirs(creven) wynne alle tstroe vand(en) voirs(creven) goeden comen(de) jaerlijcx bringe(n) int/ voirs(creven) hof en(de) met zijne(n) beesten etten en(de) te meste maken en(de) dat/ mest vue(re)n opde voirs(creven) lande tslants meeste(n) p(ro)ffite It(em) waert dat/ d(aer) e(n)nige boome verdroechde(n) die sal de wynne moege(n) uutroeden/ en(de) te hemweert neme(n) ende voir elcken setten ii poten vand(en) selven/ aerde It(em) sal de voirs(creven) wynne tsijnen lesten jae(r) bezayt laten viii/ boend(er) lants te wyntercoren d(aer) af sal hij te hemweerts behouden de/ drie boende(r) gelegen te poullonfosse sonder yet d(aer)af te geve(n) ende/ dand(er) vijf boende(r) sal hij goet doen alsdan xvii mudd(en) corens/ maten van loeven(en) It(em) als de wynne tvoirs(creven) coren levert sal de/ voirs(creven) laur(eys) hem en(de) de zijne hue(re)n montcost geven Inde sunt fid(eiussores)/ rixo de raetshove(n) de hoxhem flor(entius) alcus van glymes joh(ann)es/ smet van torrebaix le beghines en(de) henr(ic) moys van torrebaix le/ s(aint)tron et p(rim)[(us)] cor(am) ouderogge maes januar(ii) xviii a(nn)[o] lxxi It(em)/ promis(eru)nt d(i)c(t)e p(er)sone p(re)fat(is) laur(entio) xxv mod(ios) silig(inis) pag(abilis) mens(ure)/ lovan(iensis) et xvi peters te xviii st(uvers) vide(licet) viginti mod(iis) ad mo(nicionem) et/ v mod(iis) cum d(i)c(t)is xvi pet(er)s a medio m(ar)cii p(ro)xim(e) infra duos a(n)nos/ (con)t(iguos) et i(n)me(diat)[e] sequen(tes) q(uo)l(ibet) ass(ecutu)[m] Tali cond(icione) si postmod(um) (com)put(ato) facto/ rep(er)iat(ur) q(uod) d(i)c(t)us joh(ann)es de floreff plus tenet(ur) d(i)c(t)o laur(entio) q(uod) hoc ecia(m)/ solvent t(am)q(uam) ass(ecutu)[m] et p(rim)[(us)] eisdem Et ad bona d(i)c(t)or(um) joh(ann)is de/ molevelt joh(ann)is de schore d(i)c(t)i de droeghe et gerardi de moelevelt/ pro cert(is) recog(nitionibus) et p(ro)miss(ionibus) consc(ri)pt(is) in li(tte)ris scab(inorum) lov(aniensium) q(ua)r(um) tenor sequit(ur)/ in h(ec) verba It(em) jan van moelenvelt in p(rese)ncia heeft genomen/ en(de) bekint dat hij genomen heeft tegen LAUR(eys) VAN WYNGHE als/ man en(de) momboir jouffr(ouwe) A(n)NEN VAN ORSMALE sijnre weerdinnen/ thoff der selver jouffr(ouwe) metten huysen hoven wynnen(de) land(en) beemden/ eusselen bosschen en(de) allen ande(re)n toebehoirten gelijc dat gelegen is/ te torbisoul ende alsoe olivier le roy voe(r) jan van floreff en(de) jan van //
    schore nae die gehouden hebben houden(de) xix boend(er) weder des goets/
    meer is oft min en(de) dat bij co(n)sente des voirs(creven) jans van schoe(re) die d(aer)aen/ va(n) halfmerte naestcomen(de) alnoch x jair lang zijn pechtinge houden/ soude des hij alhier afgegae(n) is en(de) die pechtinge quijtgescoude(n) heeft/ Te houden te hebben en(de) te wynne(n) van halfm(er)te naestcomen(de) eene(n)/ t(er)mijn van tweelf jae(re)n lang vervolgen(de) Met (con)d(icien) oft de voirs(creven)/ jouffr(ouw) aflivich worde binne(n) middelen tide dat dan de voirs(creven) wynne/ nae hue(r) doot tgoet behouden soude vi jaer lang naeden lant/ rechte en(de) niet lang(er) Elcx jaers dae(re)nbinne(n) elck boend(er) d(aer)af/ om en(de) voe(r) acht dossijne(n) corens goet en(de) payabel der mate(n) van/ loev(en) met wanne en(de) met vede(re)n wel bereyt sinte andr(iesmiss)[e] apostels/ te betalen en(de) te loeven(en) ten huyse des voirs(creven) laur(eys) te leve(re)n alle/ jae(re) den voirs(creven) t(er)mijn dueren(de) quol(ibet) ass(ecutu)[m] It(em) sal de voirs(creven) wynne/ alle jae(re) den voirs(creven) t(er)mijn dueren(de) leveren int voirs(creven) hof ii[c]/ walme(re)n om de huysinge d(aer) mede te decken ende alsmen die/ ald(aer) verdect oft anders dect oft plect van ouden wercke d(aer)af/ sal de voirs(creven) wynne den wercliede(n) den montcost geve(n) en(de) de/ voirs(creven) laur(eys) de dachue(re)n betalen It(em) oft d(aer) yet van nuwe(n) wercke/ behoefde gewracht te wordden d(aer) af sal de wynne met sijnen/ wagen(en) en(de) p(er)den naerde(r) halen dairt hem de voirs(creven) laur(eys) bewise(n)/ sal hout steen leem teenen stroe en(de) des d(aer) toe behoeven sal moege(n)/ sonder voird(er) dair inne belast te zijne It(em) sal de voirs(creven) wynne/ den voirs(creven) laur(eys) te loeven(en) leve(re)n alle jae(re) twee steene vlas van/ xii ponden wel bereyt totter hekelen en(de) hij sal hem jaerlijcx/ houden een vercken tot sinte lambrechts dage dat de voirs(creven) laur(eys)/ he(m) coepen sal oft doen coepen omtrint vastelavonde It(em) de voirs(creven)/ wynne sal jaerlijcx betalen den chijs vand(en) huyse gedragen(de)/ omtrint xii(½) st(uvers) sonder afslach en(de) d(aer) toe alle den chijs uute(n)/ voirs(creven) goeden gaen(de) alsoe in tijts dat de voirs(creven) laur(eys) d(aer)bij gheen/ schade en lijde en(de) dat in afslage van des voirscr(even) steet It(em)/ hij sal den voirs(creven) laur(eys) alle jae(re) den voirs(creven) t(er)mijn dueren(de) inhalen/ sijn corenrinten te weten(e) aen henri de mollebaix (½) mudde/ aen mathijse peron ix dossijne(n) aen de hee(re)n van viler iii mudd(en)/ aen de kinde(re) henri noyens iii mudd(en) en(de) aen janne clarissen/ (½) mudde sond(er) cost des voirs(creven) laur(eys) en(de) dat op cost des voirs(creven)/ laur(eys) te loeven(en) leve(re)n It(em) sal de voirs(creven) wynne den voirs(creven) //
    t(er)mijn lang dueren(de) die voirs(creven) lande wynne(n) werven en(de) mesten/ gelijc reeng(enoten) bove(n) en(de) beneden wel en(de) loflic alsoe wel de verste/ als de naeste en(de) die laten tsijne(n) afsceyden alsoe hij die vinde(n)/ sal It(em) sal de voirs(creven) wynne de huysinge vand(en) voirs(creven) hove houden/ vander underster rijkelen ned(er)weert in goeden state It(em) is/ vorweerde dat de voirs(creven) wynne opt voirs(creven) bosch niet meer rechts/ hebben en sal dan inde weyde en(de) tscaerhout mach hij eens afhouwe(n)/ tsijne(n) p(ro)ffite It(em) sal de wynne alle tstroe vand(en) goeden comen(de)/ jaerlijcx int hoff bringe(n) en(de) dat ald(aer) etten met sijnen beesten/ en(de) te meste maken en(de) dat mest vue(re)n opde voirs(creven) lande slants/ meeste(n) p(ro)ffite It(em) wairt dat d(aer) e(n)nige boome verdroochde(n) die/ sal de wynne moege(n) uutroden en(de) te hemweert nemen en(de)/ voir elcke(n) setten ii pote(n) vand(en) selve(n) arnde It(em) sal de voirs(creven)/ wynne tsijne(n) lesten jae(r) besaeyt laten acht boender lants te/ wynt(er)coren(en) d(aer) af sal hij te hemweerts behouden de drie/ boend(er) gelege(n) te poullonfosse sond(er) yet d(aer) af te geve(n) ende/ dander vijf boender sal hij goetdoen alsdan xvii mudd(en) corens/ maten van loeven(en) It(em) als de voirs(creven) wynne tvoirs(creven) coren levert/ sal de voirscr(even) laur(eys) hem en(de) den zijnen hue(re)n montcost geven/ En(de) alle dese vorweerd(en) Inde est fid(eiussor) t(am)q(uam) p(ri)n(cipa)l(is) d(i)c(t)i coloni/ d(i)c(t)us joh(ann)es van schore al(ia)s de droeghe (com)mor(ans) apud torbisoul/ cor(am) mercels couckeroul maii xxv a(nn)[o] lxxvi It(em) d(i)c(t)e p(er)sone/ p(ro)mis(eru)nt ind(ivisim) d(i)c(t)o laur(entio) lx mod(ios) silig(inis) mens(ure) lovan(iensis) ad mo(nicionem)/ p(er)sol(vendos) t(am)q(uam) ass(ecutu)[m] et apud lo(vaniu)[m] deliberan(dos) t(am)q(uam) de arrirag(iis) certor(um) cens(us)/ et t(re)cense d(i)c(t)o laur(entio) p(re)d(i)c(tu)m joh(ann)em van schore al(ia)s droeghe cess(is) Et/ exin(de) p(ro)misit d(i)c(t)us joh(nn)es van moelevelt p(re)fat(um) joh(ann)em van schore/ de xlviii mod(iis) silig(inis) et idem joh(ann)es de schore eu(n)d(em) joh(ann)em de/ moelevelt de xii mod(iis) silig(inis) indemp(nes) (con)serva(r)e eisd(em) It(em) gerard(us)/ de molevelt (com)mor(ans) apud mulcke p(ro)pe tonge(re)n p(ro)misit p(er)fice(re)/ et adimple(re) om(n)es et sing(ulas) p(ro)miss(iones) (con)d(iciones) co(n)venc(iones) ac recognic(i)o(n)es/ in dict(is) accensa et p(ro)miss(i)[o(n)e] (con)tent(is) Et d(i)c(t)i colon[(us)] et gerard(us)/ eius f(rate)r p(ro)mis(eru)[nt] ind(ivisim) d(i)c(tu)m joh(ann)em van schore indemp(nem) (con)s(er)va(r)e/ insup(er) promisit colon[(us)] pred(i)c(t)us eu(n)d(em) joh(ann)em eius f(rat)rem exinde/ releva(r)e indemp(nem) cor(am) berghen vos julii p(ri)ma a(nn)[o] xiiii[c]/ lxxvi Et h(ab)uit querelas hiis int(er)f(uerunt) hanck(art) hove oct(obris)/ xxvii
    Nagekeken door: Karel Embrechts; Moderator: Mi-Je Van Gils
  • (Akte) tot 14 juli 1483.
    SAL7377 Act V33.1-V34.1 Datum: 1483-07-14 Folio 33V° Folio 34R°
    Folio 34V° Transcriptie 2019-10-16 door arlette De Paepe
    Nae dien dat h(er) jacop jamairt p(ri)este(r) en(de) jan steveneal/ van nethen(e) betogen hadden bijden rade vander stat joh(ann)ese/ vander eycken een d(er) executue(re)n vanden testame(n)te jouffr(ouwe)/ A(n)NEN wijlen VA(n) ORSMALE wed(uwe) LAUR(eis) wile(n) VA(n) WYNGHE/ en(de) joh(ann)ese va(n) cav(er)chon inde stat va(n) meest(er) ja(n)ne lobbe/ oick executuer desselfs testame(n)ts versueken(de) van hen/ te hebbe(n) guedinge en(de) vestich(eyt) vand(en) coope(n) d(er) erfgoed(en)/ die elck heu(re)r bezundert voirmaels inde(n) leven(de) live der/ voirs(creven) jouffr(ouwe) tegen de selve joffr(ouwe) hadde(n) gedae(n) Te wete(n)/ de voirs(creven) h(er) jacop acht(er)volgen(de) eender cedulle(n) ald(aer) geexhibert/ vand(en) huyse en(de) hove mette(n) lande bempde(n) bosschen/ toebehoirte(n) en(de) onderpande(n) gelijck de meeste(re)n jan calaber/ en(de) bertel(meeus) kyp die uuytgedaicht hadde(n) voir xi mudd(en)/ rox gelijck d(er) selver meeste(re)n brieve me(n)cie maecte(n) dair/ mede zij de selve xi mudden heffen(de) ware(n) en(de) oick/ vanden onderpande va(n) janne va(n) schoenvorst va(n) zijne(n)/ ii(½) mudde(n) cor(en) erflijck inder vuege(n) dat h(er)jacop betale(n)/ soude alle(n) co(m)mer d(air)voe(r) uuytgaen(de) en(de) geve(n) d(er) voirs(creven)/ jouffr(ouwe) jairlijx uuyt den voirs(creven) goeden tsinte andr(ies)/ messe vier mudden rox en(de) dat hij tonderpande setten/ soude erve twee mudde(n) erfs corens weert zijnde te/ loven(e) te leve(re)n oft de voirs(creven) twee mudden afquiten/ met xl r(insche) gulden(e) te xx stuv(er)s tstuck bynne(n) drie/ jae(re)n oft den onderpant voirs(creven) sette(n) alsoe dese goede/ gelege(n) zijn te nethen(e) Ende de voirs(creven) jan steveneal/ vand(en) gelege met huyse hove boeg(ar)de schue(re)n wi(n)nen(de)/ landen en(de) den toebehoirte(n) wijle(n) jans steveneal zijns/ vader gelege(n) te nethen(e) d(air)op onder den ande(re)n die/
    van schoenvorst hadde(n) een mudde en(de) x mol(evaten) corens/ erflijck opde(n) co(m)mer uuyte(n) selve(r) goeden gaen(de) en(de) voirt/ op ii halste(r) cor(en) erfspachts mate(n) va(n) loven(e) jairlijx/ sinte andr(ies)misse apostels te betale(n) en te loven(e) te/ leve(re)n te quite(n) t(er) gelieften vand(en) coepe(r) met vi r(insche) g(ulden) //
    te lx pl(a)c(ken) tstuck en(de) met volle(n) pachte hoepen(de) dat/ hen die vanden selve(n) executue(re)n gescieden soude(n) ende/ sculdich ware(n) te gescieden(e) Te voirde(r) want zij p(rese)nterd(en)/ t(er) ande(re) zijden te voldoen(e) des zij sculdich ware(n) uuyt sak(en)/ vander selver come(n)scap dair tegen de voirs(creven) joh(ann)es ende/ joh(ann)es antweerden(de) seyde(n) dat zij bijde selve come(n)scape(n) niet/ en ware(n) geweest noch d(air)aff luttel oft niet en wisten te/ spreken niet min de come(n)scap gecleirt en(de) geprueft zij(n)de/ den rechte genoech zijnde zij moeste(n) wel doen ende/
    ware(n) bereet te doen(e) des trecht wijse(n) soude e(m)mer en/ meynde(n) zij hen in hue(re)n prope(re)n p(er)sone(n) nerge(re)ns inne te/ derve(n) verlone(n) Soe zijn beyde de voirscr(even) coepe(re)n d(air)op/gewijst tot hue(re)n thoene ende ten dage d(air)toe dienen(de)/ thoende de voirs(creven) h(er)jacop met he(re)n anth(onise) van wairna(n)t/ p(ri)este(r) en(de) gielijse lambert de voirs(creven) zijne come(n)scap gelijck/ dat voe(r) genoech opgedae(n) es geseet te zijne mair tuychde(n)/ meer dat den onderpant des jonch(e)r(e)n va(n) gave(re) mede inde/ selve come(n)scap begrepe(n) was en(de) dat die come(n)scap niet voirde(r)/ en gesciedde dan zoe v(er)re d(er) jouffr(ouwe) recht va(n) alle(n) d(er) selve(r)/ goede(n) gedroech en(de) dat de jouffr(ouwe) te huerw(er)t behielt en(de)/ r(e)serveirde hue(r) recht vand(en) mudde en(de) xii mol(evaten) cor(ens) erflijck/ die mede vand(en) selve(n) onderpande(n) va(n) gave(re) zijn en(de) dat/ vorweerde was dat h(er) jacop de coop(er) die quijt houde(n) soude/ moete(n) vand(en) chijse en(de) even(en) des jonch(e)r(e)n va(n) gave(re) En(de)/ de voirs(creven) jan thoende mette(n) selve(n) he(re)n anth(onis) en(de) he(re)n janne/ flami(n)ge oick p(ri)este(r) zij(n) come(n)scap vand(en) voirs(creven) gelege met/ huyse(n) hoven boeg(ar)de schue(re)n (et)c(etera) gelijck hij dat voe(r) nairde(r)/ opgedae(n) hadde Alsoe al gesciet te zijne vand(en) selve(n) goede(n)/ zoe v(er)re d(er) jouffr(ouwe) recht in dien he(m) bestreeke ende niet/ voirde(r) es bijden rade vander stat uuytgeproke(n) ende/ get(er)mineert dat de voirscr(even) jannes vand(en) eycken als/ executeur en(de) jannes va(n) caverchon inde(n) name svoirs(creven) meest(er)/ jans lobbe oick executeur den voirscr(even) coepe(re)n guedinge //
    doen sulle(n) elken van zijne(n) coope zond(er) hen erge(re)ns/ te deve(n) v(er)lone(n) in hue(re)n prope(re)n p(er)sone(n) en(de) dat de coope(re)n/ t(er) ande(r) zijden de voirscr(even) executuers sulle(n) voldoe(n) nae/ dat de waerh(eit) gedrage(n) heeft in (con)s(ili)[o] p(rese)ntibus liefk(e)nr(ode)/ sub(stitu)[to] hoeve(n) burg(imagistris) et plu(r)ibus aliis julii xiiii
    Nagekeken door: kristiaan magnus , Moderator: kristiaan magnus
  • Hij is overleden voor 1474 in Leuven / Louvain, VlmBrab, Be.
  • Een kind van Jan Walthersz [schepen] van Winghe (van Oplinter) en Yda filia Jean de Pape e-Winghe
  • Deze gegevens zijn voor het laatst bijgewerkt op 9 augustus 2023.

Gezin van Lambert Janssone [heer] van Winghe (van Overbeke)

(1) Hij is getrouwd met Maria Hermeijs.

Zij zijn getrouwd


Kind(eren):

  1. Ida [soeur] van Winghe  ± 1425-????


(2) Hij is getrouwd met Katlijne Anne van Orsmale (Dormale van Hervelee).

Zij zijn getrouwd.


Notities over Lambert Janssone [heer] van Winghe (van Overbeke)

25-6-2021Mark,
Ik heb de indruk dat Yda gehuwd met Jan van WINGHE, de dochter was van Jan de PAPE, heer van Schoonbergen (Lubbeek), schoonzoon van Renier van SCHOONBERGEN x Clarissa van WINGHE, want (de zoon van Jan en Yda) Lambert van WINGHE erfde in 1445 het “hof van Herenth” van Hendrik de PAPE (zie : Itinerea Nova V. 245.3). Dit bestond uit een cijnshof, 1 leenhof, 8 leenmannen en een kleine jurisdictie.
Mvg. Olivier.

Heeft u aanvullingen, correcties of vragen met betrekking tot Lambert Janssone [heer] van Winghe (van Overbeke)?
De auteur van deze publicatie hoort het graag van u!


Tijdbalk Lambert Janssone [heer] van Winghe (van Overbeke)

  Deze functionaliteit is alleen beschikbaar voor browsers met Javascript ondersteuning.
Klik op de namen voor meer informatie. Gebruikte symbolen: grootouders grootouders   ouders ouders   broers-zussen broers/zussen   kinderen kinderen

Voorouders (en nakomelingen) van Lambert Janssone [heer] van Winghe (van Overbeke)


Via Snelzoeken kunt u zoeken op naam, voornaam gevolgd door een achternaam. U typt enkele letters in (minimaal 3) en direct verschijnt er een lijst met persoonsnamen binnen deze publicatie. Hoe meer letters u intypt hoe specifieker de resultaten. Klik op een persoonsnaam om naar de pagina van die persoon te gaan.

  • Of u kleine letters of hoofdletters intypt maak niet uit.
  • Wanneer u niet zeker bent over de voornaam of exacte schrijfwijze dan kunt u een sterretje (*) gebruiken. Voorbeeld: "*ornelis de b*r" vindt zowel "cornelis de boer" als "kornelis de buur".
  • Het is niet mogelijk om tekens anders dan het alfabet in te voeren (dus ook geen diacritische tekens als ö en é).



Visualiseer een andere verwantschap

De getoonde gegevens hebben geen bronnen.

Over de familienaam Van Winghe (van Overbeke)


Wilt u bij het overnemen van gegevens uit deze stamboom alstublieft een verwijzing naar de herkomst opnemen:
Mark Stalpers, "STALPAERT - STALPERS XVII Generaties", database, Genealogie Online (https://www.genealogieonline.nl/stamboom-stalpers/I10076.php : benaderd 12 januari 2026), "Lambert Janssone [heer] van Winghe (van Overbeke) (± 1420-< 1474)".