Overleden als militair op Java, Indie
Rang: Sld Ekl.OVW.1-11 RI (Margriet Bataljon)
Mil. onderdeel: KL.
Geboorteplaats: Deventer
Overlijdensplaats: Tjiandjoer
Oorzaak: Politionele actie te Indie
Tijdstip: 11:00
.
HET BATALJON MARGRIET
Het OVW-bataljon 1-11 RI is voortgekomen uit de Binnenlandse Strijdkrachten van gewest IV, district Salland. Via Engeland, waar het werd voorzien van de noodzakelijke uitrusting, vertrok het naar Indië. Daar de bevelhebber van het South East Asia Command (SEAC), de admiraal Mountbatten, vanaf 2 november 1945 een landingsverbod op Java en Sumatra voor Nederlandse troepen had ingesteld werd er uitgeweken naar Malakka. Dit verbod is in maart 1946 opgeheven. Op 26 januari 1946 werd het bataljon ingedeeld bij de U-Brigade. Na aankomst te Batavia werd het bataljon ingezet bij het bewaken van het havengebied, het eiland 'Onrust', het vliegveld Tjililitan en nog enkele andere objecten. Op 4 mei werd het bataljon ingedeeld bij de W-Brigade en belast met de beveiliging van west Batavia.
Op 19 mei werd er een zuivering gehouden bij Pesing om acht vermiste kameraden op te sporen. Er bleek slechts één overlevende te zijn. Op 28 mei bezette het bataljon Tangerang. In juni kreeg de W-Brigade de taak om een deel van de weg Buitenzorg Bandoeng te beveiligen. Het bataljon zou als Brigade reserve gelegerd worden in Tjiandjoer. Nadat Tjiandjoer was bezet zuiverde het bataljon de omgeving en had het detachementen te, Sarampat, Pasir Hajam, Tjilakoe en Tjibeber. Uiteindelijk werd deze actieperiode afgesloten met de bezetting van Gekbrong op 2 augustus. Tegen het einde van het jaar nam de onrust weer toe en vonden er in december twee grote zuiveringsacties plaats.
Tijdens de 1e politionele actie, op 21 juli 1947, trok het bataljon vanuit Lembang door de Tjiaterpas op naar Segalherang en Djalantaga. Via Soebang, Pegaden, Tjikoeja ging het door naar Indramajoe. Op 26 juli werd het bataljon overgebracht naar Cheribon. Via Tegal en Pekalongan kwam het aan in Batang en Weleri. Op 2 augustus bereikte het bataljon Semarang. Op 11 september werd het bataljon verplaatst naar Cheribon voor acties rond Koeningan. Ook werd het bataljon ingezet in het gebied rond Tasikmalaja en Tjiamis. Vanaf eind oktober nam het bataljon deel aan zuiveringen ten zuiden van de lijn Garoet-Tasikmalaja-Bandjar en bezette onder andere Tjikatomas. In november werd het weer gelegerd in de sector Tjiamis. Als gevolg van de toenemende onrust werd er van 13 tot 18 april 1948 samen met onder andere 1-4 RI en het KST in dit gebied een grote zuiveringsactie gevoerd. Op 22 april vertrok het bataljon naar Koeningan in afwachting van de repatriëring.
Opgericht:
12-07-1945 Harderwijk
Vertrek Engeland:
17-10-1945 Aldershot/Wokingham
Vertrek Indië:
28-10-1945 a/b "Nieuw Amsterdam"
Aankomst Malakka:
20-11-1945 Soengei Patani
Aankomst Indië:
09-03-1946 Batavia
Toegevoegd aan:
T.T.C. West-Java, *T.T.C. Midden-Java
Ingedeeld bij:
U-Brigade, W-Brigade (B-divisie)
Actiegebied(en):
Batavia, Tjiandjoer, *Semarang, Cheribon,
Tjiamis, Tasikmalja, Tjikatomas
Commandant:
Maj. B.H. Doppen 12-07-1945 / -10-1945
Maj. Baden -10-1945 / -07-1946
Lt.Kol J.J.A. Boers -07-1946 / 06-12-1947
Maj. R.F. Schill 13-12-1947 / 07-06-1948
Gerepatrieerd:
14-05-1948 a/b "Waterman"
07-06-1948 aankomst Rotterdam
Omgekomen:
33 man
Bijnaam:
Bataljon "Margriet"
grootouders
ouders
broers/zussen
kinderen
Hendrikus Johannes van Essen | ||||||||||