Hij is getrouwd met Marytgen Philipsdr van Hoegendans.
Zij zijn getrouwd
Kind(eren):
- rond 1529-1536 secretaris van Den Haag
- zie scan fragment uit "Les Livres des Procurateurs de la Nation Germanique de l'Ancienne Université d' Orléans 1444-1602" met biographies des etudiants (E.J. Brill, Leiden 1978)[scan]
zie pdf Haagse Elite tot 1572:
PLUMEON, MR. JAN.
geb./ovl. ca. 1490/'92 ('t Hart, Costumen 38, 20) Ovl. 1550/'51 (Archief Confrérie Sint Joris 50 fol. 3vo)
functie(s): substituut-klerk verm. 4 nov. 1525, klerk ca. 1527-1550 ('t Hart, Costumen VII en XII, Archief Confrérie Sint Joris 50 fol. 3vo); weesmr. 1538-'46, hoofdman sacr.gasth. 1532/'33, '38/'38, '38/'39, '42/'43, '43/'44, '45/'46, '46/'47, '47/'48, '48/'49, '49/'50, rentmr. 1536-'39; rentmr. H. Geest 1544-'50 (ontbr.: '46-'47, '49)
Studeerde te Orléans rechten Studeerde te Orléans rechten vanaf 1509.
Vanaf 1509 (H. de Ridder-Symoens, `Studenten uit het bisdom Utrecht aan de rechtenuniversiteit van Orléans 1444-1546.
Een overzicht', in: M. Bruggeman e.a., Mensen van de Nieuwe Tijd. Een liber amicorum voor A.Th. van Deursen (Amsterdam, 1996) 70-97, p. 90). Verklaarde 1 febr. 1549 op 24 juli 1548 met zijn zuster en haar kinderen, als erfgenamen van hun ouders Pieter Plumeon en Alijd Jansdr., de boedel in vieren te hebben verdeeld, voor Jan was de woning met land te Wassenaar en Zuidwijk, voor de kinderen van zijn zuster Geertruid 'de Cleyne woninghe'(Archief Oostduin, Arentsdorp en Waalsdorp 61, over de aankoop door Pieter vgl. eveneens ald.) 29 apr. 1553 verkochten zijn zoon en schoonzoon, namens verdere kinderen en erfgenamen, 5 morgen 1 hond land te Zuidwijk, belast met verschillende renten (Archief Oostduin 40). 3 nov. 1554 verdeling van de nalatenschap van Jan, secr., en Marytgen Philipsdr. van Hoegendans, onder Anthonis, Cornelis en Alijd Plumeon. De derde zoon, Jacob Plumeon verblijft in het buitenland. Adriaan Benninck is man van Alijd, Daniel Jansz. Van Alkmaar beheert de goederen van Cornelis Plumeon; het betreft een woning te Wassenaar, gemeen bezeten met Marie Plumeon, Cornelis van Soutelande en de kinderen van Grietgen Plumeon, een huisje aan de Gevangenpoort en 2 rentebrieven; 5 okt. 1557 vindt een herverdeling plaats wegens de terugkeer van Jacob Plumeon; 20 nov. 1559 wordt Anthonis Plumeon benoemd tot deurwaarder extraord. van het Hof van Holland
(Personalia 1) Alyd Plumeon, tr voor 6 jan. 1552 (Archief Oostduin 62) Adriaan Matthijsz. Benninck (Ibidem 40), zij ovl. DH 27 febr. 1590, begr. ald. Gr.K. (Fölting, Vroedschap 2) Jan erkende van de kerkmrs. van St.-Jacob de som van 250 pond ontvangen te hebben voor 10 jaren lijfrente, staande ten lijve van zijn zr. Van Hoogelande, Marie Plumeon, hem ten deel gevallen bij de boedelscheiding van zijn ouders op 24 juli 1548 (Archief Ned. Herv. kerkvoogdij 5); uitkering kwam in werkelijkheid niet tot stand, zie Benninck; Pieter
Plumeon en echtg. Alijd gaven Jacob 100 R. gld. om daarvoor samengesteld feest van de zoete naam van Jezus te vieren, ook o.m. daar beider memorie verm. (Archief Memoriemeesters 3). Later is sprake van vicarie ter ere van de Soete naam Jesu, door Pieter en Alijd Jansdr. gesticht, en later uitgebreid door zoon Jan, deze was begiftigd met inkomsten uit een woning onder Wassenaar; tot na de reformatie bezeten door Matthijs Benninck (Nationaal Archief, Geestelijk Kantoor Delft 589, 's-Gravenhage) (Vgl. ook de stichting van een altaar gewijd aan de Zoete Naam van Jezus e.a., door de rederijkerskamer ´Van Genuchten´, M. Vandecasteele, ´De Haagse rederijkerskamer `Met Ghenuchten`in 1494`, Jaarboek 1985/1986, XXXV-XXXVI Kon. Soevereine Hoofdkamer van Retorica ´De Fonteine´te Gent, 139/140 en vgl. 135 noot 38). Verm. als een van de stichters van de genoemde rederijkerskamer (Laurensbroederschap) 1494 (Ibidem, 137) Bedienaar van een eeuwig officie op altaar Dulcis Nomini Jesu 1525/'26- hr. Nicolaas Jacobsz., na dood van Gerard Pietersz. Vermeer (Grijpink,
Register op de parochiën 138) Pieter P. was door St. van Holland belast met ontvangst en verantwoording van de omslagen voor het beleg van Weesp, 1508 (Nationaal Archief, Archief Staten van Holland 1747); m.i.v. 29 mei 1508 benoemd door de Staten van Holland tot ontvanger en klerk om de rekening te houden van de wapen ing tegen Weesp en Muiden, bleef in augustus nog in funktie (Ibidem). Hield van de hofstad Raephorst de tienden van Walincxdorp in leen (verm. 27 dec. 1509); na zijn dood 5 nov. 1515 belening van Jan Plumeon Pietersz.; op deze volgde wegens diens dood zijn zoon Pieter Plumeon Jansz. (21 mei 1551); hij droeg het leen op t. b.v. Adriaan Benninck; diens zoon Matthijs B. werd 27 apr. 1590 na zijn vaders dood beleend (Repertorium Raephorst, Ons Voorgeslacht 1974 96) Zie over het bezit van 1 hoet haver op huis vd rentmr. te DH: Ons Voorgeslacht 1985 p. 25: belening 22 aug. 1492 van Pieter Plumeon daarmee (Holl. leen) t.b.v. zijn neef Joost Robbe (na de dood van Pieter Robbe), 24 dec. 1499 Pieter zelf bij overdracht door zijn neef Joost Robbe Pietersz.; Mr. Jan Plumeon bij dode van zijn vader 12 okt. 1515 beleend; droeg het leen 23 okt. 1525 over. [Hardenberg, Burgerweeshuis 50: broer van Agniese was Joost Robbe!, vgl. arch. Weeshuis 478 en 35 fol.6-7vo); vgl. ook: Francois Roobe en Agatha van Eynden huw.vw. 7 sep. 1539, HRvAdel Van Beveren deel 51, zie prosop. Dordrecht] Kinderen van Pieter: Jan, Marie, Geertruid (tr. Gillis van Zoutelande) en Margriet (Archief Oostduin enz. 61). Philips Plumeon verklaarde 28 dec. 1546 Adriaan Hugenz. 10 pd. groten Vl. schuldig te zijn voor geleverd goud en zilver en geleend geld (Archief Weeskamer 122 fol. 104). Geertruid Plumeon tr. huw.vw. 24 nov. 1522 Gillis van Soutelande (zie ald.), zij ovl. febr. 1535, dr. van Pieter en Alijd Jansdr. (Dólleman 151) memorie van Pieter Plumeon werd door St.-Jacob gedaan; hij werd ald. begr. (...). Pieter was rentmr. van Noord-Holland 1498/'99 (Archief Confrérie Sint Joris 20 fol. 2vo); rentmeester van het Bosch van Die Haghe 1 apr. 1493-31 mrt. 1495 (RekRek 1984). Gousset: 30 nov. 1498 belening van Pieter met o.a. 18 morgen land te Alphen ('Egmonts land'), zie onder Loosduinen
Pieter inde 1488-1490 en 1510 gelden voor het hof van Voorne te 's-Gravenzande (Nicolaas 18 fol. 8, 22, 37, 272). Maria Pietersdr. Plumeon, tr. Balthasar heren Lievensz., die ovl. voor 20 juli 1550 (Ons Voorgeslacht 1984 P. 381); Maria ovl. voor 9 sept. 1570; onder haar erfgenamen was Melchior van Berendrecht (Gemeentearchief Leiden, Archieven van de Kloosters 333). Overdracht 12 sept. 1562 door Anthonis Plumeon op Cornelis P., zijn broer, van een rente op zijn helft van de huizen en erven aan de Gevangenpoort, waarvan helft aan Cornelis toebehoort (Klapper Hypotheken 1538-1570 nr. 643) Obligatie gevestigd op het Gulden Huys in de Hoogstraat, destijds op naam van Isabelle de Goes, echtg. van Philips Plumeon; nu, 28 nov. 1563, overdracht door Catharina Bertelmeeusdr., wed. van Cornelis Adriaansz. van Ameijde (Klapper Hypotheken
1538-1570 nr. 684b). Jan trad 25 aug. 1537 op als ex.-test. van wijlen Pouwels Dirksz. (Archief Oostduin, Arentsdorp en Waalsdorp nr. 133); trad 28 juni 1536 op als voogd voor Catharina Albrechtsdr. bij verkoop van een huis en erf (Oud Archief 180 fol. 33).
Schoonvader van Jan Plumeon was Philips van Hoegedans, bewaarder van de Voorpoort van den Hove (Van Gelder, Jrb. Die Haghe 1916 40). Philips was lid van St.-Jorisschutterij, reed 14.. in de 'ommeganck van mey' 'te peerde ende als man van wapen' 'ende oick der draeck gesteecken' (Archief Confrérie Sint Joris 21 fol. 10vo); Martijn Hogedans, bewaarder van de Voorpoort van den Hove 30 apr. 1464 (Archief Confrérie Sint Joris 70); Martijn Hogendans, cipier van de Voorpoort, had geschil met St.-Jorisschutterij inzake de schuttap, hij werd 30 apr. 1464 in het ongelijk gesteld (Hof van Holl. 6 fol. 89 nr. 70).
Verm. ook als cipier 6 aug.-14 okt. 1476 (Hof van Holl. 1781, vgl. diss. C. Glaudemans).
grootouders
ouders
broers/zussen
kinderen
Jan Pietersz Plumeon | ||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
De getoonde gegevens hebben geen bronnen.