(1) Hij is getrouwd met Agnes Jacobsdr van Mirlaer.
Zij zijn getrouwd
Kind(eren):
(2) Hij is getrouwd met Elisabeth Bertholdsdr. van Oijen.
Zij zijn getrouwd
Kind(eren):
Johan en Elisabeth had o.a. een zoon Johan de Cocq, die gehuwd was met Geertruid van Arckel (dr.v. Gijsbert van Arckel), erfdochter van Haeften en Kijfhoek. Hun zoon, Jan, wordt de stamvader van het geslacht De Cocq van Haeften, uitgestorven bij het overlijden van Barthold de Cocq van Haeften op 22 oktober 1808 op kasteel “Blitterswijck”. Barthold werd geboren op 19 januari 1756 en erfde van zijn moeder, Anna Ursula van Lynden “Blitterswijck” en werd daarmee beleend in het jaar 1788. Hij was gehuwd met Caroline Justina Huydecoper. Een jaar later overleed zij echter. Hij hertrouwde in 1790 te Nijmegen met zijn nicht Arnoldina Margaretha Mackay (dr.v.Aeneas en Ursulina Philippina van Haeften). Barthold werd bijna 53 jaar oud, zonder mannelijke nakomelingen. Hij was een achterkleinzoon van Adriana Maria de Cocq van Delwijnen, in oktober 1676 gehuwd met Reinier van Haeften. In een album amicorum schreef Barthold in 1767, hij was toen pas 12 jaar oud:
“Ceux qui nous pleureront seront pleurés par d’autres”. [Zij die ons zullen bewenen, zullen door anderen worden beweend].
bron: http://www.decocqvandelwijnen.nl/
Wapenalbum Bommelerwaard [P. v.d. Zalm: 2007].
Nr. cock/ 603. DE COCK VAN WEERDENBURGH
= Wapen: het châtillonwapen, met een effen schildhoofd van goud; een opmerkelijk gegeven werd in dit verband aangetroffen in de WH.1914, pg.366: Rudolf de Cock van Weerdenburgh, ao.1335 en 1369; zijn zonen Alard, Willem en Gijsbert, ao.1396: “hebben de wapenen aangenomen gelijk die van Eisendoorn, door de rode leeuw in een zwarte te veranderen !” (nadere verduidelijking ontbreekt; zie overigens onder “Van Opijnen” in dit wapenalbum).
= Bron: het NP. 1914, pg.366: ook hier een beknopt genealogisch overzicht ter duiding van het geslacht “De Cock van Waardenburg”. Het is Johan de Cock, een zoon van Hendrick de Cock en N. van Langel, die voor het eerst “Van Weerdenburgh” aan zijn naam toevoegde. Zijn vrouw is onbekend en hij liet twee zonen na, te weten: Gerrit de Cock van Weerdenburgh (1317); wiens vrouw onbekend is en Johan de Cock van Weerdenburgh (1321 of 1326). Uit deze Johan zou het geslacht “Van Haeften” zijn voortgekomen; in dat geval heette zijn vrouw Geertruidt, een dochter van heer Gijsbert van Arckel, genaamd “Van Haeften in den Kyffhoek”, heer van Haeften; zij was de erfdochter. Uit Gerrit de zonen: Johan de Cock van Weerdenburgh, ridder (1335 en 1345); Rudolph de Cock van Weerdenburgh (1335 en 1369), genoemd met zijn zonen Alard, Willem en Gijsbert, van wie de nakomelingen uitgestorven zijn. Zij hadden de wapenen aangenomen, gelijk aan die van “Eisendoorn”, door de rode leeuw te veranderen in een zwarte; Willem met zijn zonen Willem, Boudewijn en Adelard, die de familienaam “De Cock” lieten vervallen en zich “Van Eisendoorn (Isendoorn)” gingen noemen (1335). Het zou de enige tak zijn die het wapen “Chastillon en plein sans brisure” voerde. In “Het kasteel Cannenburg”, een uitgave van de Stichting der Geldersche Kasteelen pg.19 wordt in dit verband een aantal gegevens vermeldt, namelijk: de naam van het geslacht Isendoorn, vindt zijn oorsprong in het Betuwse plaatsje IJzendoorn, even ten oosten van Tiel. Als stamvader van de familie geldt Rudolph de Cock, ridder, wiens gelijknamige zoon (?) in 1265 het kasteel te Waardenburg stichtte en zich na grondaankopen ook heer van Isendoorn mocht noemen.
In het Aardrijkskundig Woordenboek van Van der Aa wordt van de heerlijkheid Waardenburg gezegd, dat deze vroeger “Hiern” heette en oudtijds bezitting was van de graven van Gelre, van wie Otto, graaf van Gelre, in het jaar 1265 deze heerlijkheid, alsmede Opijnen en Neerijnen aan Rudolf Cock, ridder, ten geschenke gaf met verlof om op de berg te Hiern een huis te bouwen, dat de naam Waardenburg ontving. Overigens de zegels van Rudolph de Cock van Waardenburg, ridder, de dato 1 mei 1280 en 4 juli 1295, staan afgebeeld op plaat nr.163 in het Corpus Sigillorum Neerlandicorum, en tonen als wapen: drie vairpalen en een effen schildhoofd.
Terug naar Johan de Cock van Weerdenburg, ridder (1335). Het zegel van Johan die Koc, ridder, here van Werdenberch, die op 25 januari 1359 een verbond sloot met hertog Reijnout van Gelre, hangende aan het charter nr.272 in het hertogelijk archief van Gelderland, toont als wapen: drie vairpalen en een effen schildhoofd. Zijn zonen: Gerrit de C. van Weerdenburgh (1358-1378 en 1385), huwde een dochter van Van Mierlaer; Sweeder van Weerdenburgh, wiens nakomelingen zich alleen “Van Weerdenburgh” gingen noemen. Een zoon van genoemde Gerrit, eveneens Gerrit genaamd, overleed bij een gevecht binnen de stad Zaltbommel en een dochter, was gehuwd met Johan, heer van Broeckhuizen en Ammerzooi (overleden in 1438. Zij was erfdochter en het geslacht ging dus over in dat van Van Broekhuizen. Zie ook: de NL.1978, kol. 348-349.
grootouders
ouders
broers/zussen
kinderen
Johan ridder de Cocq van Weerdenburg | ||||||||||||||||||||||||||||||||||
(1) | ||||||||||||||||||||||||||||||||||
Agnes Jacobsdr van Mirlaer | ||||||||||||||||||||||||||||||||||
(2) | ||||||||||||||||||||||||||||||||||
Elisabeth Bertholdsdr. van Oijen | ||||||||||||||||||||||||||||||||||
De getoonde gegevens hebben geen bronnen.