Stamboom Van Osch » Boudewijn I heer (Boudewijn I, heer) van Heusden (± 845-± 870)

Persoonlijke gegevens Boudewijn I heer (Boudewijn I, heer) van Heusden 

  • Roepnaam Boudewijn I, heer.
  • Hij is geboren rond 845.
  • Hij is overleden rond 870.
  • Een kind van Robrecht I heer van Heusden en Ada van Cuijk
  • Deze gegevens zijn voor het laatst bijgewerkt op 19 februari 2025.

Gezin van Boudewijn I heer (Boudewijn I, heer) van Heusden

Hij is getrouwd met Sophia Edmundsdr. van Wessex.

Zij zijn getrouwd


Kind(eren):

  1. Eadmondus van Heusden  ± 870-????


Notities over Boudewijn I heer (Boudewijn I, heer) van Heusden

- Tweede heer van Heusden.

info:
Boudewijn, tweede Heer van Heusden, in dienst van koning Edmond van Engeland, zou tussen 875 en 890 diens dochter Sophia geschaakt hebben. Een verzoening kon pas tot stand komen als Boudewijn zijn oude wapen met 8 scepters zou vervangen door dat meteen rad. Waarom een rad vermeldt het verhaal niet. Een andere kroniek geeft als verklaring dat gezanten van Edmond Sophia in Heusden aantroffen, terwijl zij op een rood spinnewiel garen spon. bron=
http://gw0.geneanet.org/index.php3?b=alisontassie⟨=nl;p=boudewijn;n=van+heusden;oc=1

In Krijghsdienft by den Koninck Edmondt in Engelandt, ontschaeckt deses Koninghs Dochter Sophiam, ende vervoert die naar Heusden. Herbouwde het fort in 857, was in het leger van de Engelse koning, en leerde daar zijn vrouw kennen. Volgens een legende mocht hij niet trouwen, daarom schaakte hij haar, waarna ze lange tijd rondzwierven door Brabant. Dienaren van de koning vonden haar spinnende achter een rood spinnenwiel. Daarom bevat het wapen van van Heusden een rood wiel.
bron: http://gw2.geneanet.org/index.php3?b=fofofo⟨=nl;pz=marnix+alexander;nz=de+paula+lopes;ocz=0;p=boudewijn;n=van+heusden;oc=2

Wapenalbum Bommelerwaard [P. v.d. Zalm: 2007].
Nr. heus/ 1433. VAN HEUSDEN
Het ontstaan van het wapen “Van Heusden”, volgens een overlevering.
BAUDEWINUS de illustere vrijheer (zoon van ROBERTUS, eerste heer van Heusden; 838 n.C. “jongere soon uit het huys van Cleve, hadde voor sijn wapen eenen schilt aen de rechter sijde root ende aen de linker sijde blauw ende daerop acht gouden scepters”; zie: de NAV.1917, pg.254, en onder “Teysterbant” in dit wapenalbum) is na het overlijden van zijn vader (Ao.858) verheven tot tweede heer van Hoesden. Toen deze jongvolwassene was, is hij naar Francia gegaan om aldaar Himoldus te dienen, de graaf van Algiers. Vervolgens ging hij tot “bijstand” van voornoemde graaf, zijn heer, met hem naar Anglia. Daar is hij lange tijd in dienst geweest van de Heilige Eadmundus, koning van Anglia. Deze heilige koning werd ook wel genoemd Edelricus. Hij diende voornamelijk de koningin en haar dochter Sophia. Hij was bij allen bemind wegens zijn deugdzaamheid en eerlijkheid. En in de loop van die jaren raakte Sophia, de dochter van de koning, verliefd op hem, wat hem allerminst ontging, omdat ze zonder verdenking met elkaar gesprekken voerden. Want hij was een opvallend knappe jonge kerel en rijzig van gestalte. Tenslotte doet zich een gunstige gelegenheid voor doordat de heilige koning en de koningin afwezig waren en zijn zij gevlucht met een kamenierster en een knecht, ’s nachts.
Met een gunstig waaiende wind zijn zij per schip in Zeeland aangekomen en vervolgens kwam hij (met haar) in het geheim naar Brabant bij een verwant van hem in het kasteel van Meghen. Daar zijn zij in het geheim gebleven met dien verstande, dat niemand het wist behalve heer Robertus zijn vader, aan wie hij alles op geheime wijze had ter kennis gebracht. Vervolgens hield hij zich enige tijd schuil in het graafschap Zutphen en hij gewon uit haar twee zonen, van wie de oudste genoemd werd Eadmondus, en de jongste Robertus.
Sanctus Eadmundus, de koning, bedroefd wegens zijn beminde dochter, niet wetende waarheen zij verhuisd was, zond (boden) naar Francia, Scotia, Dacia, Hybernia, Brabantia en naar verschillende nonnenkloosters om de genoemde koninkrijken te doorkruisen of zij ergens te vinden zou zijn, geenszins vermoedend dat zij met Baudewynus zijn knecht was vertrokken en met hem was gevlucht. En omdat niemand ergens ook maar iets over haar aan de weet kwam, treurde hij zeer.
De gelukkige (of vruchtbare, voorspoedige, gezegende) Sophia nu was waarlijk een vrome vrouw, een vurig liefhebster der armen. Vaak ging zij samen met één van haar kameniersters en een knecht een bezoek brengen aan de armen en heilige plaatsen, vroom en lang verzonken in gebeden, en opvallend in alle goedheid en deugd. Wanneer zij alleen was zuchtte zij steeds over het feit dat zij de heilige koning, haar vader, zo voor het hoofd had gestoten.
Maar toen zijn vader Robertus was overleden, de eerste heer van Heusden, heeft Baudewinus het kasteel van Heusden herbouwd. Niet lang regerend is hij overleden ad. 870. Na zijn overlijden is de gelukzalige Sophia in het kasteel van Heusden blijven wonen met haar twee zoons.
Uiteindelijk kwam er met de wil van God een zekere Engelse koopman te Hoesden, die toevalligerwijs haar ziende haar (her)kende. Verschillende gesprekken met haar/hem hebbende over de koopwaren ging hij/zij tenslotte Engels met hem/haar spreken. Erg verschrikt dat zij herkend was, smeekte zij dat hij haar niet verraden zou. Want hij was door de heilige koning gezonden om allerlei plaatsen te doorkruisen en navraag te doen naar haar. Na vrouwe Sophia te hebben gegroet ging de koopman echter vrolijk snel naar de heilige koning, hem van punt tot punt mededelende hoe en waar hij diens dochter gevonden had met twee zoons, die
Baudewinus, de onlangs overleden heer van Hoessden, uit haar gewonnen had. Toen de koning dit alles hoorde was hij verheugd en bedroefd tegelijk. Hij zond een edelman die Diets kon spreken naar Hoessden met een passend gevolg en met voorvermelde koopman om zijn dochter met haar zoons naar hem toe te brengen. En om dit voor elkaar te krijgen, hadden zij een brief bij zich tot grotere zekerheid hierover opgesteld, die een en ander uitgebreid uiteenzette. Toen zij in het kasteel van Hoessden kwamen vonden zij haar, zijde spinnend zittend aan een rood (spinne)wiel, met haar kameniersters. Na de begroeting boden zij haar de brief van de koning haar vader aan, bevattende dat zij met terzijdestelling van alle verontschuldigingen terstond met haar twee zoons naar zijn koninkrijk moest komen en dat hijzelf genade schonk en haar alles wat er gebeurd was zou/had vergeven. Zij nu, de koninklijke Sophia, de brief en de gezanten van de heilige koning haar vader ziende, zuchtend en hevig wenend, was smartelijk overweldigd, dat zij de koning haar vader zo voor het hoofd had gestoten. Zij onthaalde hen op edele wijze naar haar mogelijkheid. Maar hoewel zij getroost en opgemonterd was door hen dat de heilige koning als een genadige vader haar koninklijk zou behandelen en haar weer (in genade) zou ontvangen met vreugde en eerbetoon en haar weer op koninklijk niveau zou uithuwelijken, toch durfde zij absoluut niet terug te keren naar haar vaderland wegens schaamte.
Maar zij zond (wel) haar twee zoons met de voormelde boden met het allernederigste doch dringende verzoek aan de koning haar vader, dat hij haar zoons genadiglijk zou ontvangen en behandelen en hen zou terugzenden naar hun vaderlijk erfdeel te gelegener tijd. Nadat zij (de boden) deze toestemming van haar hadden ontvangen, keerden zij terug naar Anglia en brachten de jongelui voor de koning hun grootvader. Deze jonge mensen hebben zich terstond aan de voeten van de koning geworpen en door de onverschrokken tussenkomst van hun begeleider verontschuldiging aangeboden voor mevrouw hun moeder, omdat zij ziek was en vooral dat zij niet durfde te verschijnen voor de blik van de koning haar vader, maar dat ze er van ganser harte naar verlangde dat hij haar het misdrijf begaan tegen zijn koninklijke majesteit zou vergeven omdat ze er erg veel verdriet over had gehad, maar dat zij dringend verzocht dat hij haar zoons welwillend zou behandelen. Nadat hij dit had gehoord, heeft de koning hen terstond opgericht en hen met omarmingen kussend heeft hij beide zoons bij de hand naar zijn koninklijke kamer gevoerd, hen vaderlijk behandelend en hen bekledend met koninklijke gewaden.
Toen is op een zekere (dag) onder meer tussen hen ter sprake gekomen hoe men Sophia hun moeder gevonden had, spinnend en zijden draden makend aan een rood (spinne)wiel. Daarom riep de koning daarna zijn kleinzoons bij zich en sprak: Baudewinus, jullie vader, heeft toen hij bij ons in dienst was, jullie moeder, verleid en zonder onze toestemming weggevoerd. En onze beden hebben jullie moeder gevonden terwijl ze aan een rood wiel zijde spon en spoelde als een volksvrouw.
Daarom zullen jullie van nu aan een rood rad van fortuin van gelijke vorm dragen en voeren in jullie wapens. Deze wapens verschaffen wij jullie uit koninklijke vrijgevigheid en ook jullie gevolg. Maar jullie zullen een gouden schild hebben zonder … (sceptris ?) [nb. Robertus, de eerste heer van Heusden, zou een gedeeld wapen hebben gevoerd: I. van keel en II. in azuur, acht staven (scepters) van goud; zie onder “Teysterbant” in dit wapenalbum] met zo een rood rad en daarop een helm en op de gedekte (gesloten ?) en vergulde helm zullen jullie twee lange ezelsoren hebben met een lazuur-blauwe kroon, en een rood rad tussen beide oren.
Aldus begiftigd en geinstalleerd door de koning, hun heilige grootvader, hebben zij sedertdien deze zelfde wapens gevoerd en ook hun opvolgers, de heren van Hoessden.
Hierna nu heeft de heilige Eadmundus koning, terwijl hij jonker Eadmundus de Hoessden, de oudste zoon van Hoessden, bij zich hield, Robertus, de jongste broer na hem koninklijk met allerlei kleinodiën begiftigd te hebben teruggestuurd naar zijn moeder in het kasteel te Hoessden, met zijn genade liefdevol wensend dat hij haar terugkerend naar Anglia in vrede zou kunnen zien en begiftigen.
Maar de beschaamde vrouwe, dochter van een zo machtige koning, durfde door vrouwelijk schaamtegevoel bevangen niet, doordat zij zich al te zeer verlaagd had door het aan te leggen met Baudewinus zijn knecht. Zij is ook later op Katholieke wijze overleden in het jaar des Heeren 890.
Begraven in de kerk genaamd Authoesden.
Het bovenstaande betreft een uit het Latijn, door dhr. Bams uit Zaltbommel, vertaald fragment uit: “Historia dominorum de Teysterband, Arckel, Egmonda, Brederoede, Ysselsteyn, etc.” (academisch proefschrift) in “Kroniek”, gepubliceerd door W.F. Andriessen, Purmerend, 1933.
Door het “breken” van het wapen van het geslacht “Van Heusden” onderscheiden zich tal van aanverwante geslachten. Een aantal voorbeelden hiervan zijn: “Spieringh”, Wouter Spiringh, heer van Heusden en overleden in 1202, voerde: “een geel radt in een veldt van sabel”. “Van Hedickhuysen”, Willem van Hedickhuysen, broer
van de heer van Heusden, voerde: “een goude rat in een lazuure veldt”. “Van de Sluijs”, heer van de Sluis, ridder, voerde: “een silvere rat in een geel veldt” (dit moet naar mijn mening zijn: in keel, een rad van zilver). “Van Drongelen”, Jan van Drongelen voerde: “een silvere rat in een lazuur veldt”. “Van Heesbeen”, “domini Roberti, militis de Hesben”, voerde: in keel een rad van goud. “Van Wijck”, voert: “twee geele raeijckens in een schilt half sabel ende half gout (nb. nu van sabel, het schildhoofd van goud beladen met twee raderen van keel, naast elkaar geplaatst) ende onder de rancken of spruiten van den huijse van Heusden daer nochthans dat huijs van Heusden maar één rat en voerde”.
Zie: Steenkamp, in de NAV.1917, pg.254.

Heeft u aanvullingen, correcties of vragen met betrekking tot Boudewijn I heer (Boudewijn I, heer) van Heusden?
De auteur van deze publicatie hoort het graag van u!


Tijdbalk Boudewijn I heer (Boudewijn I, heer) van Heusden

  Deze functionaliteit is alleen beschikbaar voor browsers met Javascript ondersteuning.
Klik op de namen voor meer informatie. Gebruikte symbolen: grootouders grootouders   ouders ouders   broers-zussen broers/zussen   kinderen kinderen

Voorouders (en nakomelingen) van Boudewijn I heer van Heusden

Ada van Cuijk
± 810-????

Boudewijn I heer van Heusden
± 845-± 870



Via Snelzoeken kunt u zoeken op naam, voornaam gevolgd door een achternaam. U typt enkele letters in (minimaal 3) en direct verschijnt er een lijst met persoonsnamen binnen deze publicatie. Hoe meer letters u intypt hoe specifieker de resultaten. Klik op een persoonsnaam om naar de pagina van die persoon te gaan.

  • Of u kleine letters of hoofdletters intypt maak niet uit.
  • Wanneer u niet zeker bent over de voornaam of exacte schrijfwijze dan kunt u een sterretje (*) gebruiken. Voorbeeld: "*ornelis de b*r" vindt zowel "cornelis de boer" als "kornelis de buur".
  • Het is niet mogelijk om tekens anders dan het alfabet in te voeren (dus ook geen diacritische tekens als ö en é).



Visualiseer een andere verwantschap

De getoonde gegevens hebben geen bronnen.

Over de familienaam Van Heusden


De publicatie Stamboom Van Osch is opgesteld door .neem contact op
Wilt u bij het overnemen van gegevens uit deze stamboom alstublieft een verwijzing naar de herkomst opnemen:
Berry van Osch, "Stamboom Van Osch", database, Genealogie Online (https://www.genealogieonline.nl/stamboom-van-osch/I31461.php : benaderd 23 januari 2026), "Boudewijn I heer (Boudewijn I, heer) van Heusden (± 845-± 870)".