Hij is getrouwd met Peterken Lambrecht Goijaerts Lambrechts.
Zij zijn getrouwd.
Kind(eren):
- ook geschreven als Marten Jan Gherits (Gheenen)
- al genoemd in akte van 1532...
- in akte van 1536 staat bij hem vermeld als huisvrouw Jutta...?
- ovl ná 1547...
- woonde in Cleijn Hasselt in Tilburg in 1532
Rechterlijk Archief Tilburg; Algemeen protocol
1532, december 24 - R 280/28r-28v
Erfruil tussen Marten zoon van wijlen Jan Gerit Wouters en Bastiaen Jan Eelen Mutsaerts van het huis, hof en erfenis en een erfpacht zoals hieronder beschreven. Marten voors zal hebben een erfpacht van 5 lopen rogge uit een stuk land genaamd die Hooge Weije, groot ongeveer 5 lopensaet, gelegen in de parochie van Tilburg ter plaatse genaamd in het Creijenven, aldaar tussen:
erfenis van Jan Willem Mutsaerts een zijde; de gemeijn straat ander zijde.
Welke vijf lopen rogge erfpacht Bastiaen voors gekocht en in erfruil verkregen had van Vranck zoon van wijlen Gerit Lemmens, die Vranck als man van zijn huisvrouw ten deel gevallen was tegen de broers en zusters van zijn huisvrouw en verstorven was van wijlen Jan Willem Mutsaerts, hun vader, en die Jan voors gekocht had van Jan zoon van wijlen Sijmon van Maerle en wat deze laatse Jan gekocht had van Viva dochter van wijlen Erit Jan Mutsaerts en van Jan Claeus haar man.
1535, april 4 R 282/1r
Gekomen zijn voor schepenen Marij dochter van wijlen Peter Beerthen, die Peter voors verkregen had bij wijlen Haeijlwich zijn huisvrouw, aan de ene zijde, en Beerijs en Jan, gebroeders, kinderen van wijlen Jan Beerijs Eelkens, Anna dochter van wijlen Jan Beerijs Eelkens, Jan Aert Reijnbouts als man en momber van Jenneke zijn huisvrouw, Jan zoon van wijlen Jan Mijs als man en momber van Lijsbeth zijn huisvrouw, dochters van wijlen Jan Beerijs Eelkens, die Jan voors gewonnen had bij wijlen Jenneke zijn huisvrouw, dochter van wijlen Peter Beerten en van Haeijlwich diens huisvrouw, aan de andere zijde, en ze hebben een erfdeling en erfscheiding gedaan en gemaakt van de goederen, die Marij voors en de kinderen van wijlen Jan Beerijs Eelkens en Jenneke diens huisvrouw samen bezaten, welke goederen aan Marijke voors en de kinderen voors verstorven waren van Peter Beerten en Haeijlwich diens huisvrouw, ouders van Marijke voors en grootouders van de voors kinderen, van welke goederen tussen Marij voors en de ouders van de voors kinderen nooit een deling was geweest.
Zo zal Marij voors hebben haar leven lang en in vruchtgebruik bezitten een erfpacht van 5 mud rogge en 1½ lopen rogge, waarvan Marij voors 1 mud jaarlijks met de armen van Tilburg om Gods wil zal delen voor de zielen van haar ouders; te weten deze rogge zal Marij jaarlijks hebben en beuren op de erfgenamen van wijlen Marten vanden Zande 2 mud en 1 lopen rogge; op Peter Ghijske Stevens 16½ lopen rogge; op Ghijsbrecht Zeghers 1 mud rogge en nog op de erfgenamen van Cornelis Daniëls 1 mud rogge. Nog daartoe zal Marij hebben en beuren acht karolus gulden, die men jaarlijks heft: op MARTEN JAN GHENEN 3 karolus gulden; op Hanrick Crillaerts 3 karolus gulden en op Jan Goeijaerts 2 karolus gulden.
Nog hiertoe zal Marij hebben een stuk beemd, groot ongeveer 6 lopensaet, gelegen in de parochie van Tilburg in Heijn Beerten Beempt en nog zal Marij haar leven lang huisvesting hebben in het huis bij de Kerck en het gebruik voor haarzelf in de oude hoff en in de boomgaard. Verder zal Marij hebben al hetgeen ze veroverd en bebriefd is op haar en haar have, die ze veroverd en gewonnen heeft, en hiermee zal Marij haar eigen wil mogen doen. Maar de voors 5 mud en 1½ lopen rogge, de acht karolus gulden, het stuk beemd, huisvesting en het gebruik van de oude hoff en boomgaard zullen na de dood van Marij komen aan de kinderen van Jan Beerijs en Jenneke voors en Marij zal daarin niemand goeden of vererven dan de kinderen van wijlen Jan en Jenneke voors onder voorwaarde, dat Marij deze pachten, cijnsen. beemd etc zal hebben en gebruiken de tijd voors, los, vrij van elke beden, schoten, loten, pachten, cijnsen en alle andere onraad, die hierop mogen komen, en deze kommer, last en andere onraad moeten de kinderen van Jan en Jenneke betalen.
Mocht iemand van de voors kinderen overlijden voordat Marij sterft, dan zal dat versterven gaan naar de andere broers en zusters en de dode hand zal met de levende delen.
1536, maart 7 n.st. - R 282/54v
Jan zoon van wijlen Arijaen Roelofs, Marij zijn zuster en Peter zoon van wijlen Peter Dries als man en momber van Margriet zijn huisvrouw, kinderen van Arijaen Roelofs, die Arijaen verkregen had bij wijlen Jenneke zijn huisvrouw, dochter van wijlen Jan Back, voor henzelf en voor heer Henrick, priester, hun broer en zwager; Peter en Dierck, gebroeders, Frans Jan Brouwers als man en momber van Elijsabeth zijn huisvrouw, kinderen van wijlen Jan Peter Diercks, die Jan voors verkregen had bij wijlen Heijlwich zijn huisvrouw, dochter van wijlen Arijaen Roelofs en Jenneke voors, voor henzelf en voor Jan. Arijaena, Aleijdt, Kathelijn en Aertke, hun broer en zusters, Jan zoon van wijlen Cornelis Herman van Boerden en Elijsabeth zijn zuster, die Cornelis voors gewonnen had bij wijlen Cristina zijn huisvrouw, dochter van wijlen Arijaen Roelofs en Jenneke diens huisvrouw voors, hebben wettelijk en erfelijk verkocht en overgegeven aan MARTEN zoon van wijlen JAN GHEENEN en aan Elen zoon van wijlen Jan Eelkens, elk zijn recht en deel in een stuk beemd gelegen in de parochie van Tilburg ter plaatse genaamd aenden Ouden Dreijboem, aldaar tussen
erfenis van Jan Michiel Roelofs een zijde
erfenis van Meeus Steven Meeus ander zijde
erfenis van de erfgenamen van meester Jan van Vladracken een einde
de Leije ander einde.
Koper moet hieruit gelden 1 stuiver en 1 oertstuiver erfcijns te betalen aan de Heer van Tilburg. Hij moet 'sHeren schouwen van de Leije onder houden.
1536, september 23 | R 283/ 8 vso
Cornelis zoon van wijlen Sijmon Reijnkens verkoopt aan Marten, zoon van wijlen Jan Gheenen, een stuk weiland, groot 3 lopen en 18 roeden, gelegen in Tilburg aan die Stockhasselt.
belendingen: Daniel Jan Reijnen een zijde; H. Geest van Tilburg ander zijde
Cornelis Jan Reijnen een einde; Gemeijn straat ander einde
Hieruit is te gelden jaarlijks 1 oirt stuiver aan de gezworenen van Tilburg.
1537, januari 13 N. St. | R 283/ 24 vso
Marten Jan Gheenen verkoopt aan Cornelis Anthonis van Beurden een stuk erf, gelegen tot wiland, groot 3 lopensaet en 18 roeden, gelegen te Tilburg in die Stockhasselt.
Belendingen: Daniel Jan Reijnen een zijde; H. Geest van Tilburg ander zijde
Cornelis Jan Reijnen een einde; gemeijn straet ander einde
Marthen Gheenen had dit gekocht van Cornelis Sijmon Reijnkes.
5 januari 1541 n.st. | R 287/37vso.
Cornelis zoon van wijlen Cornelis sBeren verkoopt aan Marten zoon van wijlen Jan Gheenen een stuk heideveld 6½ lopensaet, gelegen te Tilburg in dat Creijenven tussen:
Peter Anthonis van Boerden een zijde; gemeijnt van Tilburg waar een waterlaat tussen gaat ander zijde; Peter Anthonis van Boerden een einde
Jan Wouter Gherits, waar ook de waterlaat tussen gaat ander einde
te gelden:
½ stuivers erfcijns aan de hoge rentmeester in den Bosch in Oisterwijk te betalen. 'sHeeren schouwen van de waterlaat onderhouden.
19 januari 1541 n.st. | R 287/44r.
Marten zoon van wijlen Jan Ghenen bekent schuldig te zijn aan Aleijdt weduwe van Henrick Leijten haar te tochten en haar kinderen ten erve te blijven uit huis, hof en schuur met schaapskooi en erf, gelegen te Tilburg in de Herstal tussen: Jan Willem Gast vanden Bosch een zijde; gemeijn straet rondom; Staat te los na de dood van Aleijdt weduwe van Henrick Leijten met 26 karolus gulden van 20 stuivers. | R 287/44r.
1543, februari 3 n.st. - R 289/43v
Jan Jan Zomers heeft verkocht aan Marten zoon van wijlen Jan Ghenen een stuk erf in de weide gelegen in de parochie van Tilburg aan die Rijt tussen:
erfenis van de kinderen van wijlen Ariaen Leijten een zijde
erfenis van Bertolomeus Ariaen Buckincks ander zijde
erfenis van Lambrecht Henrick Wijmers een einde
de gemeijn straat ander einde.
Hieruit te betalen:
4 lopen rogge erfpacht aan de altarisen in de kerk van Tilburg.
2 lopen rogge erfpacht aan de Heilige Geest van Tilburg.
1547 december 17 | R. 294/23r-23vso.
Marten zoon van wijlen Jan Gheenen weduwnaar van Peter dochter van wijlen Lambrecht Goijaerts draagt over aan Jan de Oude, Goijaert, Jan de jonge en Adriaen, gebroeders, en Barbara en Heilwich gezusters, kinderen van hem en van de voors. Peter zijn vrouw, en aan Cornelis Wouter Cornelis als man van Anna dochter van Marten en wijlen Peter voors., met afgaan en vertijen, zijn tocht en recht van tochten in een stuk land groot ca 1½ lopensaet en 10½ roeden gelegen te Tilburg in die Schijve tussen:
Huijbrecht Jan Leijten een zijde en een einde
Het Convent van Tongerloe, Steven Willem
Stevens en Peter zijn zoon en meer anderen ander zijde
een gemeijn akkerweg genaamd de Hoevensche Kerckwech ander einde
Hij belooft super se et bona sua etc. dit overgeven, opdragen, afgaan en vertijen altijd vast en stendig te houden etc. en nooit meer van tochtenwege etc. en alle kommer en calangie van zijnentwege daarop komende allemaal zelf af te doen.
1547 december 17 | R. 294/23vso.
Jan de Oude, Goijaert, Jan de jonge en Adriaen, gebroeders, Barbara en Heijlwich, gezusters, en Cornelis Wouter Cornelis als man van Anna, allen kinderen van Marten zoon van wijlen Jan Gheenen, die hij verwekt had bij wijlen Peter zijn vrouw dochter van wijlen Lambrecht Goijaerts, met de momber van Barbara en heijlwich voors. verkopen met afgaan en vertijen het voors. stuk land aan Peter zoon van Steven Willem Stevens en beloven te waranden en dit verkopen, overgeven, opdragen, afgaan en vertijen altijd vast en stendig te houden etc. en alle kommer en calangie daarop komende zelf allemaal af te doen.
Toegevoegd: (overgegeven aan Adriaen Jan van Ghestel op diens verzoek)
1550 april 16 | R 296/5r-5vso. na pasen
Kond zij eenieder, dat gekomen en gestaan zijn voor schepenen Jan de Oude, Goijaert, Jan de jonge en Adriaen, gebroeders, zonen van wijlen Marten Jan Ghenen, Cornelis Wouter Cornelis als man van Anna, Bertolomeus Jan Meeus Maes als man van Barbara en Peter Willem Peters als man van Heijlwig, dochters van wijlen Marten Jan Ghenen, die deze Marten voors. verwekt en verkregen had bij wijlen Peter zijn vrouw dochter van wijlen Lambrecht Goijaerts, en ze hebben zekere erfdeling en erfscheiding gedaan en gemaakt van de erfelijke goederen, die hen aangekomen en verstorven waren van hun ouders voornoemd en dat op de manier zoals hiervan volgt.
Overmits deze erfdeling en erfscheiding zal Jan de oude zoon van wijlen Marten voors. hebben, houden en erfelijk zoor?? zijn deel bezitten een stuk beemd gelegen in de parochie van Tilburg ter plaatse genaamd aan de Oude Dreijboom tussen:
erfenis van Meeus Steven Meeus een zijde
erfenis der kinderen van wijlen Daniël Peter Hermans ander zijde
erfenis van de Vrouwe van Doerne met haar kinderen een einde
die Leije aldaar ander einde
Hiertoe een jaarlijkse en erfelijke pacht van een half mud rogge, dat Adriaen Steven Willem Stevens als schuldenaar geloofd en gevest had aan Marten zoon van wijlen Jan Gherit Wouters te vergelden elk jaar erfelijks op Onze lieve Vrouwedag lichtmis uit een huis, hof en erfenis daaraan liggende en daartoe behorende, groot ca 2 lopensaet, gelegen in de parochie van Tilburg ter plaatse genaamd die Velthoven tussen:
erfenis van Steven Willem Stevens een zijde
erfeinis van Gherit de Bont met meer anderen ander zijde en een einde
die gemeijn straat ander einde.
Zoals in brieven van Tilburg en welke pacht voors. te los staat met 23 karolus gulden volgens de los-brieven, die daarvan zijn, zoals ze zeiden.
Op welk stuk beemd en de pacht voors. Goijaert, Jan de jonge en Adriaen, gebroeders voors., en Cornelis, Bertolomeus en Peter, hun zwagers voors., vertegen hebben ten behoeve van Jan de oude, hun broer en zwager ook bovengenoemd, samen met de genoemde en alle andere brieven en recht etc. met overgeven en afgaan etc. gelovende als schuldenaars super se et bona sua etc. deze erfdeling en dit vertijen, overgeven en afgaan altijd vast en stendig te houden etc. en alle kommer en calangies elk van zijnentwege daarop komende allemaal af te doen, behalve dat Jan de oude voornoemd uit het stuk beemd voors. zal gelden ca 1 braspenning erfcijns aan de Heer van Tilburg op Sint Stevensdag te betalen.
sHeren schouwen van de Leije voors. te onderhouden volgens oude gewoonte. Welke cijns en schouw voors. Jan de Oude zo gelden en onderhouden zal en geloofd heeft super se et bona sua etc. die zo te gelden, te betalen en te onderhouden, dat de andere deelsluiden voors., hun goederen of nakomelingen daarvan nooit meer hinder, kommer noch last zullen hebben of lijden, met voorwaar den hierbij, mocht er voor Jan de oude op dit stuk beemd en deze pacht voors. enige andere kommer of last met recht komen, voor niet genoemd, of mocht hij daarvan ontwaarding hebben, die kommer last of ontwaarding, zo hebben de deelsluiden bovengenoemd geloofd op verbintenis als boven, zullen ze elkaar gelijk en in gelijke porties helpen dragen en betalen zonder arglist.
1552, maart 2 n.st. | R 297/81v.
Peter Steven Willem Stevens heeft overgegeven aan Anthonis zoon van wijlen Jan Adriaen Smolders samen met alle brieven en recht, met afgaan en vertijen, een stuk land hem toebehorende, groot ca 1½ lopensaet en 10½ roeden gelegen in de parochie van Tilburg ter plaatse genaamd die Schijve tussen:
erfenis van Huijbrecht Jan Leijten een zijde en einde
erfenis van het Convent van Tongerloe,
Steven Willem Stevens en ook Peter zijn zoon voornoemd
met nog meer anderen ander zijde
een gemeijn akkerweg genaamd de Hoevensche Kerckwech ander einde.
Welk stuk land Peter voors. gekocht had van Jan de oude, Goijaert, Jan de jonge en Adriaen, gebroeders, Barbara en Heijlwich, gezusters, en Cornelis Wouter Cornelis als man en momber van Anna, allen dochters van Marten zoon van wijlen Jan Ghenen prout latius in literis de Tilborch (Zoals uit voeriger in brieven van Tilburg).
Peter voors. heeft geloofd als schuldenaar super se et bona sua etc. dit overgeven, opdragen, afgaan en vertijen voorschreven altijd vast en stendig te houden etc. en alle kommer en calangies van zijnentwege daar op komende voor hem allemaal af te doen.
1552, maart 2 n.st. | R 297/81v-82r.
Anthonis voorschreven heeft het voorschr. stuk land hem toebehorende grout supra in proximo contracto (zoals boven in voorgaand contract) wettelijk en erfelijk overgegeven aan Adriaen zoon van wijlen Jan van Ghestel, samen met de brieven en recht, met afgaan en vertijen, welk stuk land voors. Anthonis voorschreven heden bij overgeven en opdragen verkregen had van Peter zoon van Steven Willem Stevens en wat Peter voors. gekocht had van de kinderen van wijlen Marten Jan Ghenen prou latius in diversis literis de Tilborch (zoals uitvoeriger in verscheidene brieven van Tilburg). Deze Anthonis voors. heeft geloofd als schuldenaar super se et bona sua etc. dit overgeven, opdragen, afgaan en vertijen altijd vast en stendig te houden etc. en alle kommer en calangies van zijnentwege daarop komende voor hem allemaal af te doen.
1552, maart 4 n.st. | R 297/82r-82v.
Laureijs zoon van wijlen Aert Lensen heeft overgedragen aan Marcelis Aert van Vessem een jaarlijkse en erfelijke pacht van een half mud rogge hem toebehorende, welke pacht voors. eertijds Adriaen Steven Willem Stevens als schuldenaar geloofd en gevest heeft gehad aan Marten zoon van wijlen Jan Gherit Wouters, te betalen elk jaar erfelijks op Onze Lieve Vrouwedag lichtmis uit huis, hof en erfenis daaraan liggende en daartoe behorende, groot ca 2 lopensaet gelegen in de parochie van Tilburg ter plaatse genaamd aan die Velthoven tussen:
erfenis van Steven Willem Stevens een zijde
erfenis van Gherit de Bont met meer anderen ander zijde en een einde
die gemeijn straat ander einde.
Welke pacht voors. Laureijs voorschreven gekocht en verkregen had van Jan zoon van wijlen Marten Jan Ghenen de oude en tot welke pacht voors. de voors. Jan toegekomen was in een erfdeling gedaan met zijn broers en zusters, zoals dat in verscheidene schepenbrieven van Tilburg, daarop gemaakt, volkomen is begrepen.
Hij verkoopt die samen met de eerste geboren brief en met de brief, waarmee Laureijs voorschreven de voors. pacht verkregen had en met al het recht hem enigszins daarin toebehorende, samen ook met 3 verlopen en onbetaalde jaarpachten, die daarvan verschenen zijn, met afgaan en vertijen.
Laureijs voors. heeft geloofd als schuldenaar super se et bona sua etc. dit overgeven, opdragen, afgaan en vertijen altijd vast en stendig te houden etc. en alle kommer en calangies van zijnentwege daarop komende allemaal voor hem af te doen, behalve dat de voors. pacht te los staat met 22 karolus gulden volgens de brief, die daarvan is, zoals hij zeide.
In margine: gelost anno 56 dus vervallen.
grootouders
ouders
broers/zussen
kinderen
Marten Jan (Gerit Wouters) Ghenen | ||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
Peterken Lambrecht Goijaerts Lambrechts | ||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
De getoonde gegevens hebben geen bronnen.