Dan is er een Meijer Levi Arons, met zijn wettige nageslacht behorende tot de Hoogduits-Israëlitische gemeenschap.
Het is relevant aandacht te geven aan de testamenten van Meijer Levy Arons en Marianne Gomperts op 8.1.1807 [105] en 8.3.1813 [106]. Een testament van het echtpaar van 15.2.1792 kan buiten beschouwing blijven omdat, behalve twee kerkelijke donaties, alleen de partner en de ongenoemde kinderen worden bedacht.
Het testament van 1807 is eveneens vrij eenvoudig. Tien gulden voor de Armenkas van de Geref. gemeente en een zelfde bedrag voor Hoogduits-Israëlitische gemeente. Er worden geen verdere familieleden genoemd, de erven zijn hun dan levende drie kinderen (Levy, Urie en Sara) en bij vooroverlijden de wettige (!) kinderen daarvan. De rechten van de langstlevende worden nauwkeurig omschreven; die mag blijven wonen in hun huis aan de Keizerstaat (tussen de huizen van de heren G.D. Knoop en A.B. de Mesquita) en zo de overlevende dat niet wil en elders gaat wonen zal de huuropbrengst van het huis in de Keizerstraat aan hem/haar worden uitgekeerd.
Op de portie van Sara wordt f. 6.000,- ingehouden, wegens de bruidsschat, die zij bij haar huwelijk met Gompert Philip Heilbron heeft gekregen (huwelijkse voorwaarden 22.5.1805 [107]).
Verdere familieleden worden niet genoemd; slaven mogen niet rouwen.
Het tweede testament, 1813, is wat gecompliceerder; de welvaart is kennelijk toegenomen.
Twee Joodse genootschappen krijgen ieder f. 150,-. Kleinzonen Feysey, en Maijer, zoons van dochter Sara, en Simmie, zoontje van de heer Juda Lijon, krijgen ieder f. 500,- maar zijn door testateur tot besnijdenis gehouden. Zijn Amerikaanse broeder Eliazer Lijons in Philadelphia krijgt f. 150,- en alle zich in Europa of elders bevindende broers en zusters f. 500,-.
Ook het zoontje Henrij van Juda Lijon worden bedacht. f. 500,-, weer mits hij besneden wordt. Bedragen zijn er voorts voor de weduwe P. Heilbron, Sara Mozes Eliazer Salomon, weduwe Marcus Jacobs en Sceff(?) Israël Gomperts.
Dochter Sara krijgt f. 2.000,-; en f. 10.000, aan haar gezamelijke kinderen, met inbegrip van die na het overlijden nog zullen komen.
Testateur woont nu in een van de twee huizen in de Keizerstraat (wijk C 74/75 [108]) tussen de loge van de Standvastigheid en de boedel van de erven Schelling. In het andere woont zoon Urie.
De langstlevende mag weer blijven wonen. Slaven mogen nog steeds niet rouwen.
Dan is er tenslotte de legitieme portie voor de drie kinderen: Urie, Levi en Sara. Op de legitieme portie van Sara wordt weer de f. 6.000,- gekort wegens het bedrag dat zij in 1805 gekregen heeft bij haar huwelijk. Nieuw is dat in de boedel wordt ingebracht gebracht de zeer verminderde somma van f. 6.000,- die testateur stelt wegens de plezierreis van zoon Levi naar de Nederlanden, en diens verblijf aldaar [109]? De reis naar Nederland is op zichzelf al iets merkwaardigs. Rechtstreekse verbindingen tussen Suriname en althans Amsterdam zijn er dan niet [110], blijkens de monsterrollen van de uit Amsterdam vertrokken schepen in de Franse tijd. Vermoedelijk is hij via de Verenigde Staten aangekomen, want soms komt er een Amerikaans schipin Amsterdam. En wat bezielde hem om juist in deze toch gevaarlijke tijd een dergelijke expeditie te ondernemen?
Van bastaarden of vrij te kopen slavinnen is in dit testament geen sprake.
Uit de papieren komt een degelijk Hoogduits-Joods huishouden naar voren, vergelijkbaar met dat van de Soesmannen. Bij de oudste Arons is er een verwijzing naar familieleden in Europa.
nr340 +17-08-1814 Arons; Meijer Levi Arons; B8
Paramaribo: joodse begraafpl. Beth Haim 2e rij 4e graf.
Hij is getrouwd met Mariana Goola Gomperts.
Zij zijn getrouwd op 30 juni 1772 te Paramaribo, Suriname.
De huwelijkse voorwaarden van Meijer Levi Arons en Mariana Gomperts (Paramaribo 30.6.1772 [83]) geven wat extra informatie.
De minderjarige bruid wordt geassisteerd door haar voogden Israel en Salomon Gomperts [84]. De ouders zijn overleden; het nader te bepalen erfdeel van de ouders wordt ingebracht, zoals ook het negermeisje Bettie. De voogden en broeder Jacob Gomperts betalen de bruiloft. Op dezelfde dag worden ook de huwelijkse voorwaarden van haar meerderjarige zuster Beeletje Gomperts en Izai Nathan Samson vastgelegd [85]. Zij brengt een negermeisje Betje mee. Uit genegenheid geven Salomon Gomperts en JacobGomperts aan hun zuster resp. f. 1.000,- Holl. en f. 500,- Holl. Het erfdeel van de vader is f. 3.308,- en van de moeder f. 170,- Sur., hetgeen enig inzicht geeft in de financiële situatie van deze familie. Benjamin Jacobs, zwager van de bruid, betaalt de bruiloft.
Kind(eren):
Meijer Levi Arons bezit, zeker sinds 1811 [90], de genoemde koffieplantage "Uit En Thuys" (negernaam Maarie) aan de Surinamerivier (tegenwoordig een deel van Noord-Paramaribo, aan de Combéweg). In de registratie van de plantages door het Britse bewind komt zowel de naam van M.L. Arons als die van J. Mooi als administrateur voor.
Op deze plantage, dus een kleine, zijn dan elf slaven.
Deze elf slaven zijn de eerste bastiaan Lakey en de veldnegers Quassie, Prees, Dikkie, Tam, de ...wagter Sacramento, terwijl Geduld 'op de beesten past' en Primo 'tuynier' is. Verder zijn er drie vrouwen. Kaatje en Patientia 'veldmeijden' en Quassita 'huysmeyd'. Jongens en meisjes zijn er niet; geboorten hebben in de periode van 1.1-30.9.1811 op de plantage niet plaatsgevonden. Wel sterft op 6.1.1811 de Afrikaan Rotterdam. Kleurlingen zijn er niet op de plantage.
In 1811 staan de zoons Levy en Urie (nog) bij hun ouders in Paramaribo ingeschreven. Tegen over deze vier blanken staan daar veertig slaven en ook nog twee zuigelingen. Geen kleurlingen.
grootouders
ouders
broers/zussen
kinderen
Meijer Levy Arons | ||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
1772 | ||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
Mariana Goola Gomperts | ||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
De getoonde gegevens hebben geen bronnen.