Hij is getrouwd met Margareta van Teylingen.
Zij zijn getrouwd
Kind(eren):
Volgens wikipedia
Jan, secretaris van het Hof van Holland in 1515, huwde Margareta, dochter van Lucas van Teylingen;
leen kasteel Nesse
19-2-1500: Jan van Barry voor Jan van Barry, zijn kleinzoon, bij dode van Jacob, diens vader, LRK 122 c. Nd. Holland fo17”.
REPERTORIUM OP DE GRAFELIJKE LENEN IN RIJSWIJK,
1281-1650
door
J. C. Kort
Eerder gepubliceerd in ‘Ons Voorgeslacht’, jrg. 39 (1984), een uitgave van de Zuidhollandse Vereniging voor Genealogie
11. De woning, (1536: genaamd Blotinge), met 24 morgen, (1409: vermeerderd met 9 morgen; 1618: verminderd met 1 morgen aan de Brede weg), oost: de woning van de pastoor van Rijswijk, zuid: de Brede weg (1473: . de Brede vlietweg), west: Gerard van Oudshoorn: Aleid Beins, Elsabe Floris en Dirk, haar zoon, (1473: Gerard van Poelgeest met een woning en 12 morgen), noord: het ambacht den Haag, (1406: waarvan 9 morgen vast aan de 24, zuid: een banwetering, genaamd de Vliet, west: de Heilige Geestvan Rijswijk; 1497: waarvan 6 morgen ten zuiden van de hofstede bij de kerk, zuid: de Vlietweg, noord: de geest bij de hofstede , west: het kapittel van den Haag,
oost: Simon Nikolaasz.).
19-2-1500: Jan van Barry bij dode van Jacob, zijn vader, LRK 122 c. Nd.-Holland fol. 17v en fol. 21 (op 24-12-1500).
22-12-1500: Hulde van Jan van Barry, LRK 122 c. Nd.-Holland fol. 21
28-7-1505: Belast voor Anton Jansz. met 2 pond groten Vlaams door Jan van Barry, te lossen 1:16, LRK 122 c. Nd.-Holland fol. 59v-60.
29-5-1507: Mr. Jacob Goud, rentmeester generaal van Noord-Holland, bij overdracht door Jan van Barry, voor wie belast met 6 pond groten Vlaams, te lossen 1:16, LRK 123 c. Nd.-Holland
fol. 7v-8.
(Onderstaand betreft Jan van Barry, mogelijk ook de grootvader omdat van hem geen overlijdensdatum bekend is)
ACTEN BETREFFENDE ZUID-HOLLAND IN HET CARTULARIUM VAN HET KLOOSTER NIEUWLICHT BIJ UTRECHT
door C. Hoek
Eerder gepubliceerd in ‘Ons Voorgeslacht’, jrg. 16 (1961), een uitgave van de Zuidhollandse Vereniging voor Genealogie
Het klooster Nieuwlicht te Bloemendaal bij Utrecht werd in 1391 gesticht door heer Zweder van Abcoude, heer van Gaesbeecke, van Putten en van Strijen. Door de stichter en diens opvolgers werd het klooster begiftigd met belangrijke goederen en inkomsten, voornamelijk gelegen in het gebied van Putten en Strijen.
Door aankoop breidde het klooster deze goederen nog aanzienlijk uit, zodat het geen verwondering zal verwekken, dat in het 16e eeuwse cartularium, thans aanwezig in het Rijksarchief
te Utrecht, een groot aantal gegevens betreffende het tegenwoordige Zuid-Holland te vinden zijn. De korte inhoud van de acten op deze provincie betrekking hebbend, volgt hieronder.
Noot:
1. Archieven van de kleine kapittels en kloosters, inventaris nr. 573xxx.
Afkorting: N = karthuiser klooster Nieuwlicht te Bloemendaal bij Utrecht.
fol. 34. - 13-8-1526.
Broeder Pieter Zass, prior-, en broeder Robrecht van Amsterdam, procureur van N., als eigenaars van de Grote Riethuere in Strijen ter ener zijde en Maximiliaen Quarre, griffier van financiën, Johan Quarre, heer van de Hage en Lodewijck Theeraerts, heer van Rammeloo, namens zijn vrouw, tesamen hebbende 2⁄8 part, Vincent Cornelisz., meester van der rekening in de Hage, als hebbende
3⁄8 part, en Jan van Barry c.s., als eigenaar van 3⁄8 part van de gorzen en aanwassen van Numans Gorssen genaamd Cromstrijen, ter andere zijde en Jan van Barry als eigenaar van de Group ende Toestrijet met toebehoren als derde partij, verklaren eenerfscheiding gemaakt te hebben van de gronden, gorzen en rietlanden in de heerlijkheid van Strijen omtrent de Westmase.
N. en de ingelanden van Cromstrijen hebben gezamenlijk, elk voor de helft, de Heynsloot doen graven op de rede van de Blake, op 60 roeden afstand buiten de westdijk van Strijen,
welke strook van 60 roeden breedte behoort aan het Oude Lant, en wel over een lengte van 151 roeden naar het westen. Vervolgens hebben beiden de Nyewe Heynsloot gegraven vanaf
het westeinde van de Heynsloot, noordwaarts tot in het diep van Mannevliet, welke sloot raait vanaf het huis van Pieter Michielsz alias Deesken, op de Nol van de westdijk van Strijen, op
de Noortkete van de Group, over een lengte van 246 roeden. Het land van N. ligt ten noorden van de eerste sloot, Cromstrijen ten noorden (= westen!) van de tweede sloot tot ten halve diepe van Mannevliet en aan de westoever van Mannevliet over een lengte van 30 roeden noordwaarts. Aan N. behoort de andere helft van het zelfde diep en
op de oostelijke oever eveneens 30 roeden, strekkende ter halver Mase toe, tot op de plaats waar die van Mijnsheerenland aankomen.
Op deze laatste grond maakt Jan van Barry aanspraak, daar deze behoort bij de gorzen en erfpachten, waarmee hij onlangs door de Keizerlijke Maiesteit beleend is, en welke grond eertijds gekocht was door N. van Gerit Jacopsz. en nu verhuurd is aan Pieter Claesz. en gebruikt wordt door Jan Heynricsz. de Vet. N. draagt deze grond over aan Jan van Barry tegen zekere
vergoeding. Bezegeld door broeder Michiel, prior van de Carthuseren van Sinte Martensboss bij Geertberse in Vlaenderen, visitator van N., broeder Cornelis, prior van de Carthuseren buiten Brugge, Jan de Heuyter, baliuw van Strijen en Willem Goudt, ontvanger van de bede in Holland.
René van Winsen:
Nationaal archief:
3.19.74 - 6 Akte van belening voor Jan van Barry met de helft van het huis na opdracht door Maarten van Exalto, zijn zwager, 1528
1528 Fysieke beschrijving 1 charter
A., Het Huis te Nesse
2-11, Akten van belening door de graven, later de Staten van Holland en Westfriesland, met het huis Te Nesse, met hofstede, boomgaarden en 22 morgen land, 1453-1729 12 charters en 3 stukken
6, Akte van belening voor Jan van Barry met de helft van het huis na opdracht door Maarten van Exalto, zijn zwager, 1528 1 charter
Jan van Barry | |||||||||||||||||||||||||||||||||||
De getoonde gegevens hebben geen bronnen.