genealogieonline

Genealogie Balen

Foto van Lucas van Heeren

De publicatie Genealogie Balen is samengesteld door (neem contact op). De gegevensverzameling bestaat uit 251 personen. Meer statistische informatie over de publicatie (zoals aantallen en spreiding van genealogische gebeurtenissen) is te vinden op de statistieken pagina.


Matthijs Balen Jansz., geboren den 1 October 1611, overleden, na 1677, was de oudste zoon van Jan Balen Matthijsz. en van Elizabeth van Bokstaal Karelsdochter. Van zijne jeugd en jongelingsjaren is niets bekend, ook vindt men niet vermeld welk beroep hij uitgeoefend, welk ambt hij bekleed heeft of wanneer hij gestorven is; alleen weet men, dat sommige leden van zijn geslacht aan het hoofd eener garentwijnderij hebben gestaan, en dat hij eenen hoogen ouderdom moet bereikt hebben. Hij trouwde den 19 Junij 1693 met Kristina van der Tak, dochter van Lambert van der Tak Hendriksz. en van Mariken Hoboken Hendriksdochter, welke den 18 October 1642 overleed, hem twee dochters nalatende. Een tweede huwelijk ging hij aan den 17 April 1644 met Martina Savary, dochter van Salomon Savary Jakobsz. en van Maria Panten Livijnsdochter die den 30 October 1652 overleed, hem eenen zoon en twee dochters nalatende. Ten derde maal huwde hij, den 21 December 1653, Elisabeth van Rynberk, dochter van Hendrik van Rynberk Tielmansz. en van Rebecca de Groen Cornelisdochter, bij welke laatste hij geene kinderen had.

Matthijs Balen is meer bekend door zijne Beschryving der Stad Dordrecht, die in 1676 het licht zag, dan door zijne gedichten, van welke ook eenige tusschen het proza dier beschrijving ingelast zijn. Op Jakob Muys van Holy vervaardigde hij het volgende bijschrift.

Gy ziet hier Vaderland, en Vaderlyke stad,

Hem die uw slaverny in vryigheyd verkeerde,

Dit 's Muys van Holy, die Gemoed-dwang van u weerde

En meerder zuchts voor u als eygen Leeven Had,

Treurt Gy, Nu Gy van Hem Geen Manlyk oir meer vind.

Aenschovw zijn Deugden, die ten Hemel zig verheffen,

Zie 't wonder Nood-Geheym; de Dood kon 't Lichaem treffen,

Maer zyn volmaekte Deugd de Dood zelf overwint.

Volgens getuigenis zijner tijdgenooten, zegt de Heer Schotel:  was Balen niet de minste onder het aanzienlijk getal leden der toenmalige Dordsche dichtschool, waarvan de grondslag door Cats, gedurende zijn verblijf te dier plaatse, zoude gelegd zijn. Foppens meldt, dat deszelfs gedichten zeer in de smaak waren. Margaretha Godewijck noemde hem, un très excellent poëte en Pieter van Bracht, een vermaard dichter. Wat ons betreft, wij ontnemen hem alle aanspraak op den eernaam van dichter niet: stellen hem met eenen Van den Bos, Castilleios, Le Ducq, W. van Blijenburg, C. de Beveren, Pieter van Godewijck, Jacob van der Waal en anderen gelijk; maar verre beneden de Van Somerens, Hoogstratens, Beverwijck, Joncktijs en meer andere gevoelige en krachtige zangers.



Probeer de service vrijblijvend

meer dan 7000 genealogen
gingen u voor!