een in de 17de eeuw nieuw gebouwde boerderij waar Allaert woonde
Inrijhek van de boerderij Schinkelshoek waar Allaert heynenz heeft gewoond
de vertegenwoordigers van de familie zijn bij het proces van
1468 afstammelingen in mannelijke lijn van Allaert Heinenz. (die van ca. 1340 tot 1410 te
Maasland leefde en op de boerderij Schinkelshoek woonde (nummer IVd in de genealogie van de oudste vier generaties).
Zij verklaren dat zij in mannelijke lijn welgeboren zijn, zonder 'spil' (vrouwelijke breuk)
daartussen. Zij werden daarop door het Hof van Holland bevestigd als welgeboren lieden, zijnde 'van den wapene van Oestgeest'.
Zes van hen verklaren voor zichzelf dat zij, zoals hun ouders, ter vierschaar hebben gezeten, welk recht zij van hun ouders hebben geërfd. De drie anderen personen spreken daarbij niet mee, vermoedelijk hebben zij niet van genoemde rechten gebruik gemaakt
Leenman van Hodenpijl 1369; het leen heeft Allaert gekocht van de dochter van zijn leenvoorganger Ghibe Aerntsz. Inwoner van Maasland 1369, waarbij ook een Jan en een Willem Heynenz vermeld worden, mogelijk broers van Allaert, alsmede een Willem. Allaert Heynenz wordt op 13.08.1370 als pachter vermeld te Maasland [OV 1991, blz. 47]. Het betreft 19 hond land in het weer, waarop Maertijn Woutersz. woont, belend ten noorden: Jan Bogghe en Dirc van Hoeyliede. In 1387 pacht Allaert het genoemde land niet meer. Allaert woonde op de grote boerderij Schinkelshoek in de Zuidbuurt van Maasland, later bewoond door zijn zoon Jacob Allertsz., vervolgens opgevolgd door diens zoon Dirck Jacobsz.
Kind(eren):
grootouders
ouders
broers/zussen
kinderen