Zij is getrouwd met Jan Streuper.
Zij zijn getrouwd op 14 mei 1910 te Noordbroek, zij was toen 21 jaar oud.Bron 2
Ouders bruid: Derk Haan, arbeider en Aafke Lenting
Kind(eren):
.
-
Noordbroeksterhamrik is een gehucht ten oosten van Noordbroek.
De betekenis van Hamrik: een boermarke of een hamrik zijn de gemeenschappelijke bezittingen van een buurschap in verschillende delen van Nederland.
De naam Hamrik is een samentrekking van ham = grasland aan het water, en merke of marke = gemeenschappelijke grond.
-
Noordbroeksterhamrik.
In 1509 had de Dollard zijn grootste uitbreiding gekregen. Bij het terug winnen van het land zijn veelal de resten van oude veendijken gebruikt.
In betrekkelijk korte periode was het grondgebied van de karspelen Noord en Zuidbroek weer ingedijkt en wel in 1545. Daarbij zijn ook nieuwe bedijkingen gemaakt.
Deze zijn vooral in het gebied van Noordbroeksterhamrik terug te vinden in het aldaar bestaande wegenstelsel.
De afwatering vond plaats door zijltjes en klieven in de eerste Dollarddijken. De voornaamste kanaaltjes voor afwatering waren in het Noordbroekstergebied de Sijpe, het Lutjemaar, het Groote- en het Kleine Maar.
In 1670 werd het Buiten Nieuwediep gegraven. Bij Rodetil werd het Oude Diepje daarbij opgenomen. De laaggelegen gronden van Noordbroeksterhamrik kregen toen een betere ontwatering.
Het Kleine Maaren het Buiten Nieuwediep mondden toen uit in het Termunterzijldiep beneden t Waar.
Omstreeks 1800 kwam er verandering tengevolge van door klink optredende bodemdaling ende daarnaast optredende zeespiegelrijzing. De waterafvoer door de Termunterzijl werd steeds minder mogelijk.
Laaggelegen landen kwamen steeds vaker onder water te staan. Door de runderpest in 1713, 1745 en in de periode 1766-1773 werd veel grasland gescheurd en ging men over van veeteelt naar landbouw.
Het was een vooruitgang, maar het probleem van de waterbeheersing werd steeds groter. Dat was de aanleiding voor het ontstaan van molenkolonies omstreeks het jaar 1800.
Deze molenkolonies ontstonden door een z.g. molencontract, waarbij samenwerkende ingelanden zich verplichtten onderhouds- en bedieningskosten van de molen en de onderhoudskosten van de watering
gezamenlijk voor hun rekening te nemen. Met de molenkolonies kwamen de molens, die beheerd werden door mensen, die de eenzaamheid verkozen.
Eenvoudige lieden, die vergroeid waren met de natuur, met water, lucht en winden.
De Korengarster molenkolonie werd in 1806 opgericht. De molen, een achtkante bovenkruier met een vlucht van 18 meter, werd in 1804 gebouwd op de hoek links van de brug op het Groote Maar.
In 1915 brandde de molen af. Een felle stormwind uit het oosten blies het smeulende riet tot over Noordbroek.
In 1801 kwam de Noordermolenkolonie met de aanvraag voor de molen. Op 31 mei 1801 werd het contract getekend voor de bouw, maar pas op 3 april 1805 geeft de drost A. J. de Sitter zijn fiat aan
het contract van 31 mei 1801 voor de bouw van de molen.
De Noordermolen te Noordbroeksterhamrik siert nog steeds het landschap!
Een achtkante bovenkruier met een vlucht van 22,80 meter als een stille getuige aan de rand van het veld. Tot 1934 met twee vijzels, daarna met één.
Pas in 1863 werd de molen gebouwd voor het waterschap De Bolderij van 1862. Een achtkante bovenkruier met een vlucht van 20,30 meter en afgebroken in 1950.
In de laatste dagen van de oorlog liep molenaar Haan langs het maar. Hij werd getroffen door een granaatscherf en overleed korte tijd daarna.
Twee spinnekoppen verdwenen eveneens. Die van de polder De Waterkampen, de Slachtersmolen van 1890 tot 1933-34 en die van de Lagemeedster Molenkolonie van 1842 tot 1890.
Met het verdwijnen van de molens ging niet alleen een deel van het landschapsschoon verloren, maar ook een generatie van molenaars.
-
-
Grietje Haan | ||||||||||||||||||||||||||||||||||
1910 | ||||||||||||||||||||||||||||||||||
Jan Streuper | ||||||||||||||||||||||||||||||||||