getuigen Thomas Engelen, Rijck Aerntsz, Jan Branckum en Lijsbeth Janssen
(1) Hij is getrouwd met Beatrix Peterse van den Reijnaart.
Toestemming voor het huwelijk is 30 september 1655 verkregen te Nijmegen.
Gerrit Jansz was hierbij getuige.Zij zijn getrouwd op 7 november 1655 te Nijmegen.Bron 2
Jan Gerrits j.m. van de Ruyter van de graef van Styrum & Beatrix van de Reynart j.d. van Heusden, get. Gerrit Janz, Christina van Duren, Marten Harbourt en Trijntje Reynards. getr. 7 nov 1655. Hij heeft hier de achternaam Van Groeneveldt...
Ondertr. tot Nieumegen, attestatie gegeven den 7e nov 1655 om elders te trouwen.
Kind(eren):
(2) Hij is getrouwd met Josina Matthijsdr van Hauselt.
Toestemming voor het huwelijk is 18 juli 1663 verkregen te Rossum.
Kind(eren):
- bij trouwen staat hij in de fiche vermeld als JOHAN DIRCKSE, wdr Bijateris van den Reijnaert... Patroniem verkeerd overgenomen..?
- president schepen van de Hooge Gerichtsbank van Driel in 1686
- Schout en Dijkgraaf van Rossum, rentmeester van Frederick Hendrik van Randwijck, heer van Rossum, Heesselt, Beek en Gameren (1625-1697) en was van 1681 tot in 1696 burggraaf en richter van Nijmegen.
- een bron vermeld als naam ook mogelijk Van Groenevelt...? = belender Baltus Hersender handelt voor zich, Derck van Bruen handelt voor zich, Catherina Grob gehuwd (echtpaar 1) begunstigde Beatris van de Reynardt gehuwd (echtpaar 2) begunstigde Johan Gerritse Groenevelt gehuwd (echtpaar 2), verwant Jan Rijksen gehuwd (echtpaar 1); Onroerend goed Locatie St. Jorisstraat Aard huis...
- hij was in zijn jeugd ruiter van Otto, de graaf van (Limburg) Stirum en voerde toen nog niet de achternaam Van Dockum...
- er is in het doopboek Nijmegen 1608-1657 op 24 maart 1632 wel een inschrijving van de doop van Jan, zoon van Gerrit Jansz en ...eken Aelberts met dgt Thomas Engelen, Rijck Aernts, Jan Wancken en Lijsbeth Jansen... het is onduidelijk of dit hem betreft..? [scan]
- wapen: in groen drie zilveren rozen aan gebladerde stelen; helmteken: twee rozen uit het schild naast elkaar met gekruiste stelen; met dit wapen zegelde Johan van Dockum als leenman van Rossum d.d. 7 mei 1681 (Volm. Geldersche Leenkamer, Rijksarchief Arnhem) [zie scan]
bronnen:
= CBG, Nederland´s Patriciaat, 55e jaargang 1969, blz. 70.
= De Nederlandsche Leeuw, 1962, k. 395 en 1963, k. 73
Extract uyt het Signaat van Driel d'Anno 1683.
… lid 12. NB.3. Of haer niet kennelijck is, dat den Righter het Requeste voorfz : in't volle Collegie heeft gelesen, en 'gheseydt wy sullen desen reght-dagh daer niet van doen!
De Gier refereert sigh hier over tot het antwoort op den vierden Artijckel gegeven.
Zander van Haufelt verklaert gesien te hebben, dat den Righter Raemaker het Requeste in desen vermelt heeft ghenomen uyt handen van den President Schepen JOHAN VAN DOCKUM, ende door den voorfz. Righter is ghelesen, die daer op het selve op de Tafel nederwerpende, seyde wy fullen voor dese mael daer van niet doen, of diergelijcke woorden in substantie.
Martwijck verklaert als in den Text, ende den Righter te hebben hooren seggen: wy sullen dat Erhouden tot den naesten, fonder te weten dat daer op omvrage is geschiet,
De Cocq verklaert fulks niet te weten, nog kennisse daer van te hebben,
Clots verklaart het Request in't Collegie wel gelesen te zyn, sonder onthouden te hebben door wien, ende dat Schepen DOCKUM tegens den Rigter seyde, daer leyt het dat gaet u aén.
DOCKUM verklaart daer van niet te weten. De Vries verklaart geene kennisse daer van te hebben.
… [zie scan]
No. 20.
Extract uyt het Signaat van Zuylichem d'Anno 1686.
Interrogatoria, of Vraegh-Artijckelen om daer op ter Gerightelijke Instantie van Jacob van Kessel, in Conformité ende tot voldoeninge vande Ordres van’t Hoff Provinciael den Heere Ampt-man van Bommel, Tielre, en Bommelreweerden by Missive van den 14 Juny 1686. toegesonden, onder solemnelen Eede te verhooren JOHAN VAN DOCKUM, Antony de Cocq., Jacob van Martwyk, Willem Clots, Dirck de Gier, Abraham de Vries ende Zander van Hauselt, alle Schepenen der Hooge Gerights-Bancke van Driel gerightelijk geciteert volgens Relaes van den Landt-bode.
Eerſtelijck.
Offy Deponenten alle, als Schepenen in Eedt op Juridica of Regtdagh van den 30. Augufti 1683, het Geright van Driel niet en hebben bekleede?
De Gier verklaert als in den Text, sonder den precisen dagh onthouden te hebben, Zander van Hauselt verklaert op dien Reght-dagh het Geright neffens sijn Confraters bekleet; maer den datum daer van niet onthouden te hebben. Jacob van Martwyk verklaert als in den Text. Antony de Cocq verklaert, op den Reght-dagh present te zyn geweest, en die neffens andere mede bekleet, dogh nu en dan met kennisse van Schepenen tusschen de besoignes wel eens afgegaen te zyn, alsoo Vrienden van Rotterdam te sijnen Huyse hadde.
Willem Clots verklaert als in den Text. JOHAN VAN DOCKUM verklaert op den Reght-dagh present te zyn geweest.
Abraham de Vries verklaert op dien Reght-dagh present te zyn geweest.
2. Of Deponenten niet kennelijck is, dat ten dage voorfz: aen 't Geright van Driel ingedient is een Request wegens Jacob van Kessel, als gedetineerde op ' t Fort Andries contra Pieter Raemaker, Nomine Officii, als Rigter in Bommelreweert volgens neffens gaende Copye.
[zie scan]
=======
Wapenalbum Bommelerwaard [P.v.d.Zalm: 2007].
Nr. dock/ 759. DOKKUM, JOHAN GERRITSZ. VAN; Schout en dijkgraaf van Rossum (1681); leenman en stadhouder van het Huis Rossum (1683); rentmeester; schepen in de Hoge Bank van Driel (1667-1689); provisor van het Manhuis, diaken en ouderling te
Rossum; pachter van het bieraccijns, te Zaltbommel (1674) en maanmeester der verpondingen te Nieuwaal.
= Wapen: in sinopel, drie gepunte (5) rozen, geplaatst twee en één, van zilver. Nb. de kleuren van de dekkleden, de wrong en het helmteken zijn naar eigen inzicht afgeleid van die van het wapen. Het familiewapen van zijn eerste echtgenote (Van den Reynaert): ?; dat van zijn tweede (Van Hauselt): in zilver, drie plompenbladeren van sabel, twee en één geplaatst.
= Bron: Johan zegelde met genoemd wapen, op 7 mei 1681 (de volmachten van de Gelderse Leenkamer, nr.147; RAG). Zie voor wat betreft het wapen en genealogische gegevens: het NP. jrg.1969 en de besloten testamenten Driel voor zijn zegel, op 23 mei 1725 en 5 juni 1740 (CA). Op 19 februari 1683 zegelde Johan van Dockum ook met genoemd wapen als leenman en stadhouder van het Huis Rossum, alsmede schepen in de Hoge Bank van Driel. Zo ook op 23 februari 1677, als schout en dijkgraaf van Rossum, rentmeester van Frederick Hendrick van Randwijck, heer tot Rossum, Gameren, Heessel, etc. (zie: ORA.Driel, inv. 1003, alsmede OA. overige dorpspolders, Gameren; SAB).
Johan Gerritsz. werd geboren te Nijmegen, vermoedelijk omstreeks 1625-1635, als zoon van (mogelijk !) Gerrit Jansz., afkomstig uit Ottenstein in Westfalen en Stijn Aerndtsdr. Hij was ruiter onder Otto, graaf van Limburg Stirum in 1655 en bekleedde later de reeds genoemde functies. Johan huwde 1e. te Nijmegen, op 7 november 1655 Beatrix van den Reynaert, gedoopt te Heusden op
5 juni 1629, als dochter van Peter Petersz. en Geertruy Peters. Zij overleed tussen augustus 1662 en juli 1663; 2e. te Rossum (ondertrouw op 18 juli) in 1663, Josina van Hauselt, gedoopt te Rossum op 23 juni 1639 als dochter van Matthijs Gerritsz. en Aelken de Bye Sandersdr. Josina werd begraven te Driel, op 3 november 1722 en Johan overleed kort voor 27 augustus 1689. Uit het 1e huwelijk een zoon, Hermanus; uit het 2e huwelijk:
1. Gerardus, gedoopt te Rossum, op 22 mei 1664;
2. Johannes, gedoopt te Rossum, op 21 april 1666. Hij was brouwer te Nieuwaal en huwde te Rossum op 4 september 1686 Bertje Timmer, geboren te Nieuwaal en dochter van Herman Hendriksz. en Hester de Vries Hendriksdr. Johannes overleed tussen februari 1706 en september 1707;
3. Mattheus, gedoopt te Rossum op 8 augustus 1669, wijnkoper en raad in de Vroedschap te Nijmegen. Hij huwde te Rossum op 5 februari 1696 Catharina Maria Stappis uit Nijmegen. Mattheus overleed te Nijmegen op 10 februari 1734;
4. Christiaen, gedoopt te Rossum op 25 augustus 1678. Hij woonde te Driel en huwde aldaar op 20 september 1700 Jenneken Bock, gedoopt in die plaats op 10 augustus 1679, als dochter van Nicolaas Ariensz. en Jenneken Dircksdr. Zij werd te Driel begraven op 27 december 1746 en Christiaen op 10 maart 1728 (zie: het NP.1969, vanaf pg.70; de BB. nr.26, pg.52-53, SAB).
grootouders
ouders
broers/zussen
kinderen
Johan Gerritze van Dockum | |||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
(1) 1655 | |||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
Beatrix Peterse van den Reijnaart | |||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
(2) | |||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
Josina Matthijsdr van Hauselt | |||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||