Zij is getrouwd met Jan Henricks van der Vloeten.
Zij zijn getrouwd
kinderen:
- Rutger Jan Hendricks van der Vloeten
- Henrick Jan Henricks van der Vloeten
- Katarijn Jan Henricks van der Vloeten
- Jan Jan Hendricks van der Vloeten
- Margriet Jan Henricks van der Vloeten ca 1467-
- Ida Jan IJken van der Vlueten ca 1472-
schepenbank Oirschot:
Henrick Jan Henricks van der Vloeten en diens broer Rutger en verder Henrick Claes Thomas als man van Margriet dochter van genoemde Jan, verder Willem Jacop Willem Keijmps als man van Ida, en nog Katarina dochter van Jan Henricks van der Vloeten, doen afstand van hun rechten en aanspraken ten behoeve van Aert Andries van de Laeck en diens erfgenamen na hem, inzake een huis dat Andries van de Laeck en diens vrouw Margriet hadden vermaakt aan de wettige kinderen van Jan Henrick van der Vloeten die hij had verwekt bij Barbara dochter van wijlen genoemde Andries en Margriet, zoals ze zeiden. Datum 2 augustus 1502, getuigen Rutger en Goijaert.
De wettige kinderen van Jan Henricks van der Vloeten verwekt bij Barbara dochter van Andries van de Laeck, te weten Henrick, Jan en Rutger, verder Henrick Claes Thomas van Oudenhoven als man van Margriet, verder Iken en Lijntken met Willem Henricks van der Vloeten als hun voogd hierin, in aanwezigheid ook van Arnden van den Laeck als oom van de kinderen en Henrick de Crom en Gijsbrecht Henrick Hoppenbrouwers als ´gemaakte ´ooms en nog met meer goede mannen, verkopen nu aan hun vader Jan Henricks van der Vloeten een huis, tuin etc., met de stal en het oude huis gelegen in de Vloet(Verrenbest, MJT) b.p. het erf eerder van Thomas van Oudenhoven, de gemeenschappelijke straat, het erf eerder van Henrick van Tulden, het erf eerder van Henrick van der Capellen. Nog verkopen ze hem een stuk land genoemd dat Nuland, groot ca. 20 lopenzaad, b.p. het erf eerder van Jan Rutten. Hieruit moet hij jaarlijks een pacht van 14 mud rogge betalen, maat van Oirschot aan Cornelis Foeck of aan diegene die er recht op hebben en de chijns die er op drukt. Nog verkopen ze hem een stuk beemd genoemd dat Bester, en het bezit dat hij van zijn ouders heeft geerfd, b.p. Jan Heijn Rutten, het erf eerder van Willem van Gewanden, een stuk beemd genoemd dat Roversveld. Nog verkopen ze een stuk beemd genoemd de Hage, b.p. het erf eerder van Willem Dickbier, het erf eerder van Willem van Gewanden, het erf eerder van Jan Heijn Rutten. Nog verkopen ze een stuk land genoemd de Parakker, b.p. Goijart de Raymaker, het erf eerder van Willem Dickbier, het erf eerder van Willem van Esch. Nog verkopen ze hem het roerend bezit dat Jan en zijn kinderen vandaag de dag samen in bezit hebben te weten de huisraad, het vee etc. Met al dat bezit mag Jan naar eigen keuze handelen en zal ook alle vorderingen mogen innen die men aan Jan schuldig is te betalen, maar hij zal daarvoor ook alle schulden voldoen wel en wel zodanig dat de kinderen daarvoor gevrijwaard blijven. Genoemde Henrick Claes Thomas van Oudenhoven als echtgenoot en Willem Henricks als voogs en Aernt van de Laeck als oom, nog Henrick, Jan en Rutger, beloven de andere minderjarige kinderen later ook afstand van het verkochte bezit te laten doen. De verkopers beloven alle lasten van hun kant af te handelen, ook namens de minderjarige kinderen. Ieder zal de pachten en lasten op hun deel zo betalen dat de kinderen daarvoor gevrijwaard blijven. Datum 20 mei 1492, getuigen Loijwich en Esp.
grootouders
ouders
broers/zussen
kinderen
Barbara Andries van der Laeck | ||||||||||||||||||
De getoonde gegevens hebben geen bronnen.