Hij is getrouwd met Yda Henrick Wouters van de Dooleggen.
Zij zijn getrouwd
- vermoedelijk is in onderstaande akte vergeten het patroniem Lauwreijns zoon Michiel JAN Hermans op te nemen, terwijl die toch duidelijk wordt bedoeld...?
schepenprotocol Sint-Michielsgestel:
521 Voor schepenen verscheen Jacop zoon wijlen Herman Janssen en verkoopt aan LAUWREIJS Michiels zijn roerend en onroerend bezit, zowel in rentes, pachten of anderszins, waar dat bezit zich ook bevindt, zoals Jacop dat eerder van deze Lauwreijs zoon Michiel Hermans in schepenbrief van Gestel d.d. 11 juli 1559 had verkregen. De verkoper belooft de overdracht gestand doen en alle lasten daarin af te handelen. Getuigen Goijaert Willems van der Merendonck en Jan Dircks als schepenen, datum 8 februari 1561.
222 Wij Matheus Pels en Henrick Willems van Griensven, schepenen verklaren dat voor ons zijn gekomen Goijaert, Wouter en Adriaen, broers en zoons wijlen Henrick Wouters van de Dooleggen, door wijlen deze Henrick verwekt bij diens vrouw Anna dochter wijlen Goerts van de Merendonck, verder LAUWRENS zoon Michiel Jan Hermans als man van Yda dochter wijlen genoemde Henrick en Anna, en machtigen elkaar over en weer om al hun zaken en kwesties te behartigen die er nu al lopen of nog zullen komen in de toekomst, zowel als eisende of als verdedigende partij, voor alle rechtbanken hetzij geestelijk of wereldlijk. Als het nodig is mogen ze ook weer andere gemachtigden benoemen. De gemachtigde moet daarin alles doen dat rechtens nodig is en zoals de opdrachtgevers dat samen ook voor ogen zou hebben gestaan. Verder moet de gemachtigde ook hun rentes, pachten en vorderingen innen, daarvoor kwijting te geven en als het nodig is daarbij rechtsmiddelen gebruiken. Ze beloven als opdrachtgevers alles na te komen wat door een van hen als gemachtigde zal worden gedaan en zullen die daarvoor vrijwaren. De gemachtigde moet later wel rekenschap afleggen van de ontvangsten en gevoerde administratie. De machtiging geldt tot wederopzeggen en niet langer. Datum 12 juli 1569.
178 Al degenen die deze brief etc. Wij Jan Adriaen Elias en Peter zoon Joost van Gemert schepenen verklaren aan de lezer van deze certificatie dat LAUWREIJS zoon wijlen Michiel Jan Hermans eerder inwoner van Gestel was en daarna in de stad Den Bosch was gaan wonen en heden samen met zijn vrouw, vee, tobbe, stande, koetsbed en andere huisraad zich weer in Gestel heeft gevestigd in zijn eigen huis te Ruijmel en daar zijn domicilie heeft, welk huis Lauwreijs sinds een jaar had verlaten. We verklaren dat Lauwreijs van al zijn bezit en het bezit dat hij hier in Gestel gebruikt, zoals onze andere inwoners alle contributies heeft meebetaald, zowel gewone bijdragen als buitengewone, zowel ter ener zijde als ter andere zijde. Dat wordt ook bevestigd door Aert zoon wijlen Roelof Henricks en door Henrick zoon wijlen Jan Henricks als naaste buurluii van het huis van Lauwreijs. Verder verklaren wij schepenen dat Lauwreijs met zijn bezitttingen in de contributies heeft bijgedragen vanaf de maand augustus anno 1591. Datum 10 november 1592.
293 Lauwreijns zoon wijlen Michiel Jan Hermans, oud ca. 66 jaar, poorter en inwoner van de stad Den Bosch, teulman van beroep en daarvoor gearresteerd zijnde, heeft zoals hiervoor het volgende verklaard. Meer dan 40 jaar geleden is hij deponent toen hij in Gestel woonde op de maaltijd genodigd van die genoemde tienden geweest en heeft daar gegeten en die maaltijd werd toen gegeven binnen de Plaats van Gestel op de straat daar en die maaltijd is daar nog vaker gegeven. Als de maaltijd werd opgediend door de waard die dat had aangenomen, werden de porties end etenswaren zoals hiervoor is vermeld opgediend. En op die zelfde dag werd er ook voor de pastoor, de schout, de edellieden en wethouders en de gegoede lieden de maaltijd bereid in het huis van de waard zelf waarbij gekookte en gebraden spijzen werden genuttigd en er overvloedig wijn werd geschonken. Die maaltijd werden door de destijdse pastoor of diens kapelaan voor twee derde deel betaald en door de rector van de genoemde kapel voor een derde. Na de maaltijd werden dan de tienden van de pastoor en de kapel verpacht onder de lindeboom. Verder heeft hij ook gezien dat soms na de verpachting de pastoor en sommige wethouders en nog anderen daarna soms nog een maaltijd meer hadden. Actum als boven. Datering: 09-07-1594
grootouders
ouders
broers/zussen
kinderen
Lauwrens Michiel Jans Hermans | ||||||||||||||||||
De getoonde gegevens hebben geen bronnen.