Hij is getrouwd met Elisabeth N.N..
Zij zijn getrouwd
Kind(eren):
Hij was een welgestelde boer in Belver in Haaren en had grond in Udenhout en Helvoirt.
Info uit GTOB-artikel familie Witlox (2000) over Henrick Henrick Witlocx:
Op 6-11-1426 nadert Henrick Witlock z.v. wijlen Henrick Witlock het derde deel van de erfpacht van 28 lopen rogge die Henrick z.v. wijlen Henrick van Stralen aan Jan Anchem Wijtmans zoen had verkocht. Dit derde deel maakt deel uit van een meerdere erfpacht van 3 mud rogge, die Godevaert z.v. wijlen Gherit Berkelmans jaarlijks op St. Andries apostel verschuldigd is van en uit goederen die Jan z.v. wijlen Henrick Glavymans bezit te Helvoirt en die voorheen eigendom waren van genoemde Henrick Glavymans. Vervolgens doet Henrick Witlock z.v. wijlen Henrick Witlock er afstand van t.b.v. de oorspronkelijke koper.
Op 22-7-1430 verkopen Henricus, Johannes en Willelmus, gebroeders, zonen van wijlen Henricus Wijtlock aan Arnoldus Beys en Johannes Hezeacker een erfpacht van 16 mud rogge, de maat van 's-Hertogenbosch, m.i.v. St. Jacob apostel a.s. jaarlijks op deze dag te betalen van en uit alle goederen die hen zijn aanbestorven van hun vader wijlen Henricus en die hen na het overlijden van hun moeder Elizabeth zullen aanbesterven. De voornoemde broers beloven Arnoldus Beys en Johannes Hezeacker op de feestdag van St-Jacob a.s. een bedrag van 40 Franse kronen te betalen.
Arnoldus van den Venne, natuurlijke z.v. Arnoldus van den Venne belooft op 9-7-1435 aan Elisabeth weduwe van Henricus Witlocs, mede t.b.v. haar kinderen, te weten aan Elisabeth gedurende haar leven en na haar overlijden aan haar kinderen, een erfpacht van 1/2 mud rogge Bossche maat, jaarlijks op O.L.V. Lichtmisdag te ‘s-Hertogenbosch te leveren van en uit een stuk land, gelegen te Haaren ter plaatse geheten Belver. Vervolgens doen Elisabeth, weduwe van Henricus alsmede Henricus, Johannes, Wilhelmus en Arnoldus, kinderen van genoemde Elisabeth en wijlen Henricus; Petrus van den Brekelen als man en momber van Engela, en Johannes Vanny als man en momber van Heilwigis, dochters van Elisabeth en van wijlen Henricus, afstand van hun rechten in de nalatenschappen van wijlen Engelberna d.v. wijlen Arnoldus van den Venne en van haar dochter wijlen Hilla, t.b.v. Arnoldus van den Venne, nat. z.v. Arnoldus van den Venne.
Op 18-1-1453 beloven Henricus, Johannes, Willelmus en Arnoldus, gebroeders, kinderen van wijlen Henricus Wytlock, alsmede Ghiselbertus z.v. wijlen Ghiselbertus Weyen soen, aan Gerardus Pelgrom, goudsmid, voor een tijdsbestek van vier achtereenvolgende jaren, steeds op St-Maarten en m.i.v. St-Maart aanstaande, een bedrag van 14 gouden Rijnsguldens (a 19 stuivers elk) te betalen. Henricus, Johannes, Wilhelmus en Arnoldus, gebroeders, kinderen van wijlen Henricus Witloc z.v. wijlen Henricus, alsook Petrus Brekelman als man en momber van Engela d.v. wijlen Henricus Witloc, Johannes Brekelman als weduwnaar van Margareta d.v. Henricus Witloc, en Henricus z.v. Johannes en wijlen Margareta voornoemd, transporteren op 16-12-1456 aan Wolterus z.v. wijlen Johannes Coenen een erfpacht van 1/2 mud rogge, deel uitmakend van een meerdere erfpacht van 1 mud rogge, jaarlijks op O.L.V. Lichtmisdag te voldoen van en uit alle goederen toebehorende aan Henricus, Woltherus en Margareta, kinderen van wijlen Laurencius Claus soen, die hen zijn aanbestorven van wijlen Henricus Witloc en diens vrouw wijlen Margareta, alsook uit zekere goederen, toebehorende aan Theodoricus z.v. wijlen Henricus Witloc, die hem zijn aanbestorven van de genoemde wijlen Henricus Witloc en diens vrouw Margareta. Deze hele erfpacht hadden Henricus, Woltherus en Margareta, kinderen van wijlen Laurencius Claus soen, vroeger verworven van Theodericus z.v. wijlen Henricus Witioc. De erfpacht van 1/2 mud rogge had Henricus Witloc z.v. wijlen Henricus Witloc verworven van Wolterus z.v. wijlen Laurencius Claus soen en Johannes z.v. Anselmus Wijtmans.
bron: Henk v.d. Brink: Witlox in de late Middeleeuwen..
-----------------------------
schepenbank Oisterwijk:
1510 april 10; 847.Sch.Otw.214,16r-1(155)
Thomaes z.w. Ghijsbrecht Loeyen een half mud rogge jeep hem behorende in een mud rogge op Lichtmis uit den gueden Henricke en Wouteren gebr. en Margariete hun zuster krn w. Lauwreys Claes soen na dood w. Henrick Witlock en w. Margariet zijn hvr bij succ. nog uit enen yegelijcken gueden die Diercken z.w. Henrick Witlocks vande doet desselfs Henricke en w. Margariete zijn hvr bij succ. verstorven waren welke erfpacht van de mudde rogs voors. Henrick en Wouter gebr. en Margriet hun zuster krn w. Lauwreys Claes sz tegen Dircke z.w. Henrick Witlocks verkregen hadde en welke erfpacht van de halve mud rogge voors. Wouter z.w. Jan Coenen tegen Henricke Jan Willem ende Aerden gebruederen soenen w. Henrick Witlocks, Peteren Berkelmans man van Engelen zijn hvr d.w. Henrick Witlock met meer anderen en Thomaes voors. tegen Wouter Jan en Joesten krn w. Wouter Janss met cope sch.sBosch en Venloen - overgegeven Geertruyden wede w. Henrick Berkelmans d.w. Henrick Peterssz vander Straeten - dat. x-a april anno x-o post pasce scab. Wout. Thomaes Wouterss ende Jan die Beer Peterss
grootouders
ouders
broers/zussen
kinderen
Hendrick Hendricks Witlox | ||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
Elisabeth N.N. | ||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
De getoonde gegevens hebben geen bronnen.