Hij is getrouwd met Aleijt Tielman die Vette.
Zij zijn getrouwd rond 1414.
Kind(eren):
- Cijnsman van het leengoed Vosselaer in de Biezenmortel
Uit het hertogelijk cijnsregister 1448:133.
ALEYDIS relicam JOHANNIS filius ARNOLDI DE GORCHEM pro johannis predicto ex hereditatis liberis TIELMANNI filius JOHANNES VETTEN ta.. pro parte aleydis filie tielmanni vetten 4 d. nov.
schepenbank Oisterwijk:
775. 1421 maart 3 847.Sch.Otw,R.143,078v-02
Kathelijn weduwe van Aert Wijnen Gherijt Wijnen zoen deed ten behoeve van de erfgenamen van wijlen voornoemde Aert Wijnen afstand van alle erfelijke goederen die wijlen Aert Wijnen inbracht toen hij Kathelijn tot vrouw nam, van welke goederen Kathelijn de tocht bezit. Voorts deed ze afstand van de tocht in een koperen pot, een trog, een kist en alle klederen van Aert. Voornoemde Gherijt Wijnen zvw Wijnric van den Gheijn en zijn zwager JAN AERTS VAN GORCHEM, tevens voor de andere erfgenamen van wijlen Aert Wijnen, verklaarden hiermee tevreden te zijn.
RA Tilburg, Oud Rechterlijk Archief Oisterwijk, inv.nr.146, microfiche 1-A4, f.1v-2, aktenr. 005, 05-05-1429.
Op 05-05-1429 beloofden Jan Tielman tFets (Vette) en Engbrecht Brock aan meester Jo de Tighelt ten behoeve van de proost van Leuven 10 mud en 2 lopen, voor elk mud 2 beiers gulden en 2 aarts gulden, de helft met Bartholomeus en de helft met Bavo.
1v-3. 06-05-1429. Jacob Hessel Jacobs, Jan Vendijck en Roelof Claus van der Scure beloofden aan meester Jo de Tijgelt ten behoeve van de proost van sint Gertrudis 42 mud.
1v-4. 06-05-1429. Pauwels Godscalc van den Tolberch en JO DE GORCHEM beloofden 10 mud en 4 lopen rogge. etc...
RA Tilburg, Oud Rechterlijk Archief Oisterwijk, inv.nr.148, microfiche 1-E6, f.21-1?, aktenr. 143, 30-06-1433.
Op 30-06-1433 beloofden Ghijb Aert Leijten, Henric Willen Jan Laureijns zoon, Ghijsbrecht Houtappel, Gherijt Toijt, JAN VAN GORCHEM, Jan Heijn Willen, Wijt Willen Grieten, zijn zoon Willem, Godert van den Avoert, Jan Aert Langerbeens, Heijn die Coninc, Aert van Benacht, Griet Jan Claus, Stheven Heijn Sthevens, Heijn van den Brekelen en Jan van den Schoer aan Wijtman Wouters van den Dale ten behoeve van de proost van sint Geertrude van Leuven 22 dobbel brabants mottoon met Andreas aanstaande.
RA Tilburg, Oud Rechterlijk Archief Oisterwijk, inv.nr.148, microfiche 2-A10, f.27v-1, aktenr. 184, 19-10-1433.
Op 19-10-1433 beloofden Stheven Henric Sthevens van den Amervoirt, Aert van Benacht, JAN AERTS VAN GORCHEM, Pauwels die Wolf, Gherijt Gherijt van Buerden, Jan Willen Godert van den Avoert, Willem Wijtman Willem Grieten, Aert die Moelner en Jan Aert Langerbeens aan Jan van Famellerenx genaamd van Geldonck man van jkvr Margareta Roelof Caijs 60 gouden schilden genaamd klinkaard, van de munt van graaf Philip van Bourgondie en Brabant, gemunt voor de datum van deze brief, gedurende 12 jaar, elk jaar met aller heiligen of sint Maarten, te Brussel te betalen. Zou er niet betaald worden, dan betalen de schuldenaren 1 gulden peter per dag. In de laatste 3 jaar van voornoemde 12 jaar mogen de schuldenaren geen hout afhakken, behalve om daarmee de twee voorste Strijdhoeven op de Kruisstraat te heimen. In de andere jaren mag men alle hout hakken in goede tijd, uitgezonderd eikenhout. [zie scan]
120. 1435 april 19 847.Sch.Otw.149, f. 17v-1 (Monasterium sancte Gertrudis)
Aert van Benacht, Jan Brock zvw Wouter Brocken, Herman Loder zv Wouter Loders, Gherijt zvw Claus Toyts Willem Wijtman Willem Grietensoen, Ghijsbrecht zvw Art Leijten, Henrick Willen, Jan zijn zoon, Henrick vanden Brekele, JAN VAN GORCHEM, Godert vander Avoert en Godert Snoeck promiserunt indivisi Henrick van Buedel tot behoef van het godshuis van Sint Geertrui van Leuven 18 gouden dobbel Brabants geld op Sint Jan geboorte over een jaar, en 2 jaar daarna ieder jaar 18 gouden dobbel eveneens op Sint Jan van de vlastienden van Berkel en van Udenhout, welke 3 jaar lang gepacht zijn van de proost van Sint Geertrui.
Scab. Wil. Pistor jr. et Willem van Beeck feria tertia post die pasche scilicet XIX die aprilis ano XXXV
78. 1453 maart 16 847.Sch.Otw,R.161,09v-03
[doorgehaald ALIJT wedewe qd JANS GEH. VAN GORCHEM] Lambrecht, Aert, Thomaes ende Gherit gebruederen zonen qd Jans geh. van Gorchem z. qd Aerts van Gorchem ende Aert geh. van Eersel hoer swager als man ende momb. Elisabet sijns wijfs dochter qd Jans van Gorchem voirs. put indivisi suip omnia et her. Peteren geh. van Boerse Jans soen als wittige manne ende momboir Elisabetthen sijns wijfs ende Janne z. qd Dirck Jacobs sien van Esch als wittige manne momboir Heylwige sijns wijfs dochteren qd Henrick Engbrechts soen van den Eynde tot behoef hoer ende hoire mede erfgenamen die daertoe gerecht sijn drie scepenbrieven van Oesterwijck hen vut te reyken alsoe dicke ende menichwert sie diese behoeven hoer recht mede te vorderen ….
149. 1462 december 17 847.Sch.Otw,R.169,24r-03
Willem z. Goyaerts Neckers man Margrieten sijns wijfs weduwe w. Aerts van Gorcum d.w. Peter vanden Loe allen ende enyegelijke alsulken erfeliken gueden als w. Aert van Gorcum vanden doet wilner JANS VAN GORCUM sijns vaders ende van wilner ALIJTEN sijns moeder aencomen ende verstorvenwaren die welc wilner Aert der voers. Margrieten sijnre hvr in sijnen testamente ghemaect ende beset hadde ut dixit soe waer die voers. gueden gelegen sijn item hiertoe xxv peters die welc Dirc van Beerse den voers. Aert van Gorcum gheloeft hadde in sch.br. sBosch leg. supt Lambrecht ende Gherit confratres filij qd Jans van Gorcum ende Aernden gheheiten van Eersel als man ende momboer Elysabetthen sue uxorios d.w. Jans van Gorcum ad opus eorum et ad opus Jans ende Thomaes kynderen qd Thomaes van Gorcum die z. was qd Jans van Gorcum tesamen cum omnibus litteris etc. scab. Elst et Laerhoven datum xvij decembris
grootouders
ouders
broers/zussen
kinderen
Jan Aerts van Gorcum | ||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
± 1414 | ||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
Aleijt Tielman die Vette | ||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
De getoonde gegevens hebben geen bronnen.