Zij is getrouwd met Jan Jansz. van Slingelant van der Tijmpel.
Zij zijn getrouwd na 1406 te Dordrecht.Bron 1
info: vermoedelijk een dochter van Dirc Hoddemont.
1 maart 1404(=1405): serie vonnissen over zestien mannen en een vrouw, medeplichtigen van de (Arkelse) partij van Tielman Haec en Tielman Oem, onder andere:
- Garbrant vanden Coulster wordt veroordeeld tot het doen maken van 200 roeden muur, omdat hij naar 's-Gravenhage en elders gegaan is om Dordrecht te helpen belasten voor hertog Aelbrecht, alsmede omdat hij dikwijls met "Slingel[a]nt's wiif" overlegd heft en haar geholpen en geraden heeft hoe zij het beste "over die stede claghe[n] soude", en tevens omdat hij bij nacht de sloten van de stad heeft afgeslagen en is "uutghetoge[n] om raets en[de] daet's te hebben met Tielman Haex en Tielman Oems vrienden om Tielman Haec en Tielman Oem in de stad te brengen; had hij zijn zin gekregen dan zou de stad in "groter vresen ende onrusten" zijn gekomen.
- Pieter Hoddemont wordt veroordeeld tot het doen maken van 200 roeden muur, omdat hij met Tielman Haec en Tielman Oem naar Gorinchem gevaren is tegen Dordrecht, en omdat hij met "siinre sust[er] Slingel[a]nt's wiif" overlegd heeft en haar heeft aangeraden dat zijn bij hertog Aelbrecht klagen en de stad belasten zou, ondanks het verbod "vander clocke", en omdat hij met de heer van Arkel heeft overlegd over het gerecht van Dordrecht, waardoor de stad en de "ghemeente" in haar rechte zouden zijn aangetast.
- Jan van Rosendael, ridder, wordt veroordeeld tot het doen maken van 100 roeden muur, omdat hij meegewerkt heeft aan de brief waarvoor Jan van Naersen gecorrigeerd is, waarin hij schreef dat hertog Aelbrecht hier "binne[n] wel come[n] mocht met sulc gewapent volc die hi bi hem ontbode[n] hadde", en dat hij meegewerkt had aan de pogingen om Tielman Haec ende Tielman Oem in de stad te brengen, en "Slingel[a]nt' wiif'aangeraden heeft bij de hertog te klagen en Dordrecht te belasteren.
- Cleis van Boechout en Huge Elantsz. worden elk veroordeeld tot het doen maken van 100 roeden muur, omdat zij dikwijls vergaderd hebben en overlegd hebben met "Slingel[a]nt's wiif"en haar hebben geinformeerd hoe zij bij de hertog over de stad zou moeten klagen, en omdat zij meegewerkt hebben met degenen die het gerecht van Dordrecht hebben belasterd.
- Katheliin Slingelant's wedue wordt veroordeeld tot het betalen (aan de kerk) van de waarde van 50 roeden muur, omdat zij voor schepen verklaard heeft dat zij tegen het gebod "vand[er] clocke[n]" in geklaagd heeft bij hertog Aelbrecht. "dese vorscr[even] p[er]sone[n] worde[n] geset te wese[n] twee milen vand[er] stede". (Klepboek Dordt 4, akte 200 t/m 205).
19 aug.1405:"Jan van Slingel[a]nt's joncwijf"(=dienster) ontving 4 Wilhelmus gulden van Jacop Bartoutsz., vanwege de "makelaerdie", verschenen Sinte Gheertrudendag lestleden (17 maart).(Aktenboek Dordt I,13,akte 324). N.B.: De makelaardij, die werd gehuurd van de stad, leverde inkomsten op uit de inning van de heffingen vanwege het stapelrecht.(L.M. VerLoren van Themaat, Oude Dordtse Lijfrenten, p.54). Op de makelaardij rustten vaak lijfrenten, die de makelaars bij wijze van huur uitkeerden.
1420: vermeld inde verloren gegane stadsrekening, onder "Der poorters leening in schilden": Catalijn van Slingelant: 16 [schilden]".(Dozy, De Oudste stadsrekening, p. 119).
12 sept.1425: in de zaak tussen Abel Pietersz. en Dirc Pietersz., gebroeders, op de ene zijde, en Otte Baertoutsz., Adryaen Ansenz., Coenraet Jansz., Goidscalc Tielman Oemsz. met zijn broeders en zusters en Dirc Ottez., tezamen op de andere zijde, roerende het geschil dat zij hadden van de "schiftinge en deelinge van joncfrou Kathelinen Jan van Slingelant's wedue doot", werd gevonnist, dat alle erfgenamen zouden delen in de goederen die Kathelinen
toebehoorden in het laatst van haar leven, voor het deel dat hen naar recht der stad aanbestorven was, maar dat zij tevoren zouden inbrengen was zij reeds hadden ontvangen.(Aktenboek II; GAD, oud stadsarch.Dordrecht 14, akte 30).