Overleden tussen 18-01-1484 en 08-01-1485
Hij is getrouwd met Lijsbeth N.N..
Zij zijn getrouwd rond 1433 te Poortugaal.Bron 1
Kind(eren):
info:
Beijen was Leenman van Putten in de periode 1455 tot en met 1485. Verder was hij Schepen van Poortugaal tussen 1458 en 1462. Hij was stichter van een memorie te Nieuw Rhoon. Beijen was een neef van Olaert Henricksz.
In 1457 wordt Beijen vermeld als leenmangetuige. Op 10 Oktober 1458 wordt hij genoemd als schepen van Poortugaal. In de periode 1454 tot en met 1455 is hij leenmangetuige voor de heer van Putten.
Op 11 Sep 1452 wordt Beijen beleend met het leenland van zijn vader.
Beijen neemt op 8 December 1455 twee droge dijken te Poortugaal in leen. Het betreft hier de latere Kruisdijk en de dijk gelegen langs de korenmolen, die achter de dijk van Albrantswaard zijn komen te liggen.
Juist ten noorden van de plaats, waar de beide lenen elkaar ontmoeten, ligt een boerderij tegen de binnenkant van de dijk op de dijkzate, waarvoor jaarlijks één kapoen moet worden betaald. Deze betaling geschiedt van 1459 tot 1469 door Beijen. De boerderij wordt dan nog naar een vorige eigenaar de Thomashofstede genoemd. In deze periode is hij 32sc. 6d. aan jaarlijkse accijns verschuldigd voor 4 gemet 1 lijn land bij de kerk en 3 pond hollands voor 7 1/2 gemet land, genaamd de Grote Weyde.
Op 1 Juli 1461 wordt Beijen genoemd als voogd over de kinderen van zijn zuster Ariaentge.
Beijen pacht in 1462 een tiende gelegen tot Poortugaal.
Beijen zegelt op 1 Mei 1465 voor zijn neef Olaert Hendricksz. Hij vestigt samen met zijn oudste zoon Aert Beijensz een memorie op 2 gemet land in Vernellenhouck, te versterven op zijn zoon Doen. Deze laatste wordt na de dood van zijn vader op 8 Januari 1485 beleend met diens lenen.
Van 1459 tot 1465 betaalt Beijen 18sc. hollands voor de quade 6 gemet.
Van 1461 tot 1465 pacht Beijen de droge dijk tussen het Oostdorp en de Driendijk, de plaats waar zijn leendijken bij de boerderij beginnen, tegen 2 pond 16 1/2, in 1466 tegen 20sc.
In 1461 pacht Beijen tienden van Waddenswaert tegen 7 pond 10 1/2 sc. en in 1465 die voor het dorp tegen 10sc. en de lammertiende tegen 4 pond 1sc.
Van 1459 tot 1462 pacht Beijen samen met Jan Mattensz de staalvisserij van Battenoert tegen 37 pond hollands en van 1466 tot 1468 de potinge in die Roden als rietbroek en visserij tegen 5 1/2 pond.
bron: http://kees.moreinteraction.com/boshuizenframeset.htm?boshuizen000110.htm
info: Beleend met het leenland van zijn vader 11 sep 1452, is leenmangetuige voor de Heer van Putten 1454-1455, beleend met de dijk gelegen aan de molen van Poortugaal en de Zweerdijkse dijk 8 dec 1455, is leenmangetuige 1457, schepen van Poortugaal 10 okt 1458, voogd over de kinderen van zijn zuster Ariaentge 1 juli 1461, pacht een tiende gelegen tot Poortugaal 1462, zegelt voor zijn neef Olaert Hendricksz. 1 mei 1465, schepen van Poortugaal, vestigt samen met zijn (oudste) zoon Aert Beijensz. een memorie op 2 gemet land, doet hulde met ledige hand 27 apr 1467.
grootouders
ouders
broers/zussen
kinderen
Beijen Doensz. | ||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
± 1433 | ||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
Lijsbeth N.N. | ||||||||||||||||||||||||||||||||||||||