Naam komt ook voor als Jean, Jan of Johannes en als Bussij.
Voorouders van deze Maastrichtse/Maaseikse familie Bussy zijn hoogstwaarschijnlijk afkomstig uit Luik (B) en zuid-westelijke omgeving (Tilleur, Jemeppe, Seraing) (Bron: Y. le Bussy).
Hoewel de familie Bussy -gezien de hoge functies die werden bekleed- niet onbemiddeld en van goede stand was, waren zij niet van adel. Het is pas vanaf 1705 dat Hester Bussy (geb. 1666 (=dochter van deze Johan)) de toevoeging 'de Rabutin' gaat gebruiken. Ze heeft dan al een relatie met haar aanstaande 2e man Jan Lambert Chenel, Heer van Poederoijen, met wie zij in 1708 trouwt. Hoogstwaarschijnlijk gebruikte zij die dubbele naam om een soort adellijke afkomst te veinzen.
Vanaf ongeveer 15 jaar later namen een zus van Hester, Catharina (geb. 1661), een nicht Elisabeth (geb. 1697) en neef Johan Matthijs (geb. 1701) het gebruik van de naam Bussy de Rabutin over. Verdere familieleden deden dat niet en hielden het bij Bussy.
Waarschijnlijk ontleenden zij die dubbele achternaam aan de toen populaire en beruchte Franse schrijver Roger de Rabutin, Graaf van Bussy. In het Franse dorp Bussy-le-Grand staat het Kasteel van deze familie, het Kasteel Bussy-Rabutin.
Het was de adellijke familie Rabutin die in 1602 het kasteel in Bussy-le-Grand ging bewonen, waardoor de naam Bussy de Rabutin is ontstaan. In de 14e eeuw was het kasteel van Bussy-le-Grand een herenwoning van een aantal Bourgondische families waaronder De Châtillon en Rochefort. In 1602 kocht François de Rabutin (1545-1618) de baronie van Bussy, inclusief het kasteel dat hij grondig renoveerde. Het werd later wel het 2e Chantilly genoemd. De Rabutins waren van 'zeer ouden adel', die familielijn gaat terug tot 1118. Een kleinzoon van Francois was die schrijver Roger de Rabutin, Graaf van Bussy (Frans auteur 1618, Epiry -1693, diens vader was Léonor Rabutin (1587-1645)).
Roger was een tijdgenoot van Pascal, Molière en La Fontaine. Hij werd vanwege uiteenlopende kritieken door Lodewijk XIV van het Franse hof verbannen, waar hij eerder nauw mee verbonden was.
(Bronnen: RHC Limburg, BHIC, Utrechts archief, Wikipedia, www.dbnl.org).
Overleden op 06-05-1694, begraven in de hervormde kerk (Grotestraat 67) te Urmond in mei 1694. In hetzelfde graf is Elisabeth Roeffs 'zijn huijsvrouw' begraven, hiervan is geen datum vermeld op de grafzerk (Bron: de grafzerk in Urmond).
Hij is getrouwd met Elisabeth Roeffs. van Helmont.
Toestemming voor het huwelijk is 6 november 1660 verkregen te Berlicum.Bron 3
Zij zijn getrouwd op 14 november 1660 te Maastricht, hij was toen 19 jaar oud.Bron 1(Familysearch: Maastricht, Index, Trouwen 1632-1796 Bruiden / Nederlands Hervormd)
Ondertrouw in Berlicum (Nederduits Gereformeerd):
'Monsieur Johannes Bussij, Jonghman van Maestricht met joffrou Elsebee Roefs van Helmont, Jongedochter van Campen.
Hij geadsisteert met Monsieur Gillis Bussij, Sijn vader. Sij geadsisteert met Joffrou Dirckje Willems, weduwe.'
Echtpaar was aanvankelijk woonachtig in Maastricht, later in Urmond en Grave.
Op latere leeftijd woonde Elisabeth vermoedelijk bij haar dochter Hester, want op 27-04-1720 wordt Elisabeth Roeffs ingeschreven als lidmaat in Veen (N-Br.) (een dorp aan de overkant van de Maas bij Poederoijen) met attestatie van Urmond. (Bron: Familysearch lidmaten Veen).
Kind(eren):
Beroep: Admodiateur/pachter van het Kleefs licent en ontvanger van de tollen te Grave.
3-7-1682: Voor 6 jaren in admodiatie gegeven het inkomen van de Cuykse, Lithse en Genneper tollen mitsgaders het Kleef Licent te Grave. Ontslagen van zijn admodiatie op 19-12-1684. (Bron: Nationaal archief).
Oppercommies van de admodiateurs van de convoijen en licenten te water en te land (Grave, 4-12-1687)
Ontvanger tot Urmond (<1694).
In Urmond speelt 'kapitein' Johannes Bussy een voorname rol in de historie. Hij was eind 17e eeuw inspecteur van de Urmondse Maastollen en zodoende goed op de hoogte met de Maashandel en het reilen en zeilen in het Urmond van toen. Bussy ligt begraven in de hervormde kerk van Urmond.
Eigenaar van de oliemolen te Grave die hij verpachte.
Grave 2-4-1687: 'huurcontract tussen Nicolaes Verbolt scholtis als gemachtigde van de griffier Schuylenburg met medeweten van Gillis Bussy [tekent ook] verhuurder en Johannes de Goey huurder van de oliemolen met het gereedschap en een gedeelte van de hof daarbij gelegen toebehorend aan Jan Bussy staande aan de westzijde van de stad tegen de hof van de gouverneur die zijn uitgang zal hebben door die hof langs een deur uitkomend in de sack ; het gedeelte van de hier gehuurde hof is begroot van de oliemolen af tot zo breed als het daarbij gelegen erf van de Swart strekt. Getuigen Theodorus van Bemmel IUL en Jan van Nuijs '
grootouders
ouders
broers/zussen
kinderen
Johan Bussy | ||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
1660 | ||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
Elisabeth Roeffs. van Helmont | ||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||