Parenteel van Arnold van Rode
Generatie 2
1.1 Gijsbert I van Bronckhorst is geboren omstreeks 1092 in St. Oedenrode (Noord-Brabant) zoon van Arnold van Rode [parelly/elly25.01] (zie 1) en Heilwiva van Walbeck-Van Stade.
Notitie bij de geboorte van Gijsbert: Opm.: ook Gijsbert I van Rode
Gijsbert is overleden omstreeks 1164 in Bronckhorst, ongeveer 72 jaar oud.
Notitie bij overlijden van Gijsbert: Opm.: overleden in kasteel Bronckhorst
Gijsbert trouwde met Heylwiva Rousch Van Rothen.
Heylwiva is geboren omstreeks 1107 in St. Oedenrode (Noord-Brabant).
Heylwiva is overleden op dinsdag 12 januari 1154 in Kessel (Noord-Brabant), ongeveer 47 jaar oud.
Kind van Gijsbert en Heylwiva:
1 Willem I van Bronckhorst, geboren omstreeks 1154. Volgt 1.1.1.
Kind(eren):
Gijsbert I van Rode (1090 - >1146), heer van Rode, mogelijk ook van Rekem en Bronkhorst, van zijn huwelijk zijn geen gegevens bekend, kind was Arnold III van Rode
Bronnen o.a. publicaties van Hans Vogels in:
- “Heemkundekring Myerle”: Mierlo en zijn oudste Heren en hun familie November 1999
- “de Drijehornickels”: Het graafschap Rode, Priorij van Hooidonk en de van Herlaars, Deel 1 - October 2002, Deel 2 - Maart 2003, Deel 3 - Juli 2003, Deel 4 - November 2003
- “Heemschild” st-Oedenrode: Het Graafschap, het Geslacht en het Kapittel van Rode Deel 1 – winter 2005
Gijsbert I van Rode (1090 -1146) bemachtigde Rekum (bij Zwolle) en Bronkhorst (a.d. IJssel).
Van zijn huwelijken zijn geen gegevens bekend. Hij had minstens 3 zoons Arnold III van
Rode, Philippus van Rode en Godefridus van Rode
Philippus van Rode werd tot bisschop van Osnabrück in 1141. Hij bouwt in 1150 de Sint-Odakapittelkerk te Rode. Het eerste
historische verhaal over Oda dateert uit ca. 1170. Het werd geschreven door Godefridus van Rode, een voor die tijd zeer
belezen priester. Volgens de legende zou Rode ontstaan zijn rond het jaar 700
Iets over zijn ouders en broers:
Graaf Arnold van Rode, weduwnaar van Heylwiva van Walbeck huwde in 1096 met Heilwig van Kuyc (Cuijk) (1075 – 1125). Kinderen met Heylwiva van Walbeck: Gijsbert I van Rode en Arnold II van Rode, die in 1125 werd vermoord. Met Heilwig van Kuijc had Arnold I ook twee zoons: Rutherus van Rode en Leonis van Rode, die Hooidonk stichte.
9 augustus 1108: Vermelding van een geschil tussen Arnold van Rode, Hendrik Van Cuyk en hun erfgenamen enerzijds en de kapittels van St. Maarten en St. Bonifacius anderzijds over een landgoed tussen Lek en Linge (Oorkondenboek Sticht Utrecht nr. 280). Keizer Hendrik bevestigt op 2 juni 1122, na klachten van burgers van Utrecht over het heffen van tol aldaar, het door Godebold, bisschop van Utrecht, verleende privilege, en stelt de tolrechten voor vreemden vast; onder de getuigen: Arnoldus de Rod (= Rode) en diens broer Rutherus Arnold II van Rode huwde in 1120 met Aleid van Cuijk. Arnold II overleed tussen 1125 en 1129 en liet slechts één kind na, Heilewiga, die erfgename was van de bezittingen van haar ouders. Deze werden voorlopig beheerd door haar voogd en oom, Herman van Cuijk. In 1129 schonk Heilewiga haar aandeel in tienden bij Beesd voor de stichting van het klooster Mariënweerd door de dynastie van Cuijk.
In 1133 wilde Floris de Zwarte, broer van graaf Dirk VI van Holland, met Heilewiga trouwen, maar Herman van Cuijk weigerde resoluut. De ruzie die volgde, liep uit de hand. De gebroeders Van Cuijk doodden Floris op 26 oktober 1133 bij Abstede. Floris' oom, keizer Lotharius, verwoestte vervolgens de Cuijkse burcht en de gebroeders van Cuijk werden uit hun rijkslenen verbannen. Wat er verder met Heilewiga gebeurde, vermeldt de geschiedenis niet, maar een groot deel van de familiebezittingen is uiteindelijk rond 1140 overgegaan in handen van de graaf van Gelre.
Graaf Arnold van Rode verplaatste zijn zetel rond 1080 van Eerschot iets verder langs de Dommel naar St-Oedenrode . Hij overleed in 1116. Zijn zoon Arnold II bouwde daar rond 1120 zijn slot. Het burchtcomplex bestond uit twee grote omgrachte terreinen, die tussen de Dommel en de Heuvel waren gelegen. Arnold II overleed op jonge leeftijd in 1125, waarna zijn Jongere broer de macht kreeg. Gedurende de 5 eeuwen dat het graafschap Rode als zelfstandig graafschap heeft bestaan zijn er regionaal vele oorlogen gevoerd en diverse huwelijken gesloten om strategische machtsredenen. Over grenzen of omvang van het graafschap Rode van die tijd is weinig bekend. Door tactische huwelijken en onderlinge oorlogen probeerden de graven hun machtsgebieden te vergroten. De graaf van Gelre had bezittingen in Rode (o.a. Geldrop), terwijl de graven van Rode bezittingen aan de IJssel tot hun gebied hadden (o.a. Bronckhorst). Uiteindelijk werd het graafschap Rode door Gelre , al dan niet gedwongen, geännexeerd. Tijden waren veranderd. Taxandria was meer een streekaanduiding geworden. De macht van de graaf van Rode is gedurende de 12de eeuw verder ingekrompen doordat de Duitse keizer daar allodiumrechten gaf aan de heren van Cuyck, de heren van Vught, de heren van Boxtel, de zogenaamde Giselberten van Tilburg en de Berthouten uit Mechelen. In 1145 werd Allardus, heer van Megen , Haren, Macharen en Teeffelen , de titel van graaf toegekend. In 1211 en in 1246 bezat deze graaf van Megen ook landgoederen te Rixtel en Lieshout.
Nog een uitgebreid overzicht op de pagina:
https://www.genealogieonline.nl/stamboom-homs/
Uitgaande van circa 1090 als huwelijksjaar en een volwassenheidsleeftijd van 25 jaar kom je op circa 1065 als geboortejaar. In 1116 zien we hem voor het laatst als één van de getuigen optreden in een oorkonde van de proost en het kapittel van Sint-Lambert te Luik. In de eerstvolgende vermelding van een Van Rode in een Utrechtse oorkonde van 1121 zien we meteen twee gebroeders Arnold II en Gijsbert I. Daaruit valt te concluderen dat de zonen in de voetstappen zijn getreden van hun overleden vader.
Arnold en zijn zonen Arnold II en Gijsbert zien we in een ongedateerde oorkonde van 1106/1107 getuigen in een schenking van een vrouwe Guda, weduwe van Tiebald, heer van Voeren en Valkenburg. Was alleen Arnold I getuige geweest dan zouden we voor hem een verwantschap met vrouwe Guda of haar overleden man hebben kunnen veronderstellen. Aangezien zijn beide oudste zonen bij deze schenking aanwezig waren, zullen zij de feitelijke bloedverwanten en hun vader Arnold I een aanverwant zijn geweest.
Het 2e huwelijk van Arnold I moet dateren uit of kort voor 10 augustus 1096. In dat jaar waren Hendrik van Cuijk en Arnold I van Rode getuigende verwanten in Maastricht bij een bevestiging door Ida van Lotharingen, de weduwe van graaf Eustachius II van Boulogne, en haar zoon, de bekende kruisvaarder Godfried van Bouillon, hertog van Neder-Lotharingen, van hun schenkingen aan de abdij van Affligem. In 1096 stond de eerste kruistocht voor de deur en om deze te kunnen bekostigen, gingen vele edelen over tot verkoop van goederen en rechten. Tal van edelen waren als familieleden getuige bij deze bevestiging, omdat hun toestemming nodig was voor vervreemding van onroerende familiegoederen (Coldeweij, J.A. (1981). De Heren van Kuyc 1096-1400, Bijdragen tot de Geschiedenis van het Zuiden van Nederland, deel L, Tilburg pag. 7-8).
In de 13e eeuw zagen de grote politieke heren het gebied Rode als een graafschap dat in leen hing van de aartsbisschop van Keulen. Nu moet die claim van de aartsbisschop wel opgevat worden als een bepaalde pretentie die samenhangt met diens eigen positie. De aartsbisschop van Keulen fungeerde namelijk in vroeger tijden als de zaakwaarnemer van de (vaak afwezige) keizer; die invloedrijke positie is nadien echter sterk afgenomen.
In de periode 1108-1125 had abt Rudolf van de abdij van Sint-Truiden, als opvolger van zijn voorganger (abt Diederik (1099-1107) had al problemen inzake die tienden met Arnold I van Rode), reden zich over Arnold I van Rode te beklagen. Na een langdurig proces en diverse bezoeken aan het hof van de keizer trok hij uiteindelijk aan het langste eind. Arnold I van Rode was dus een keizerlijke functionaris want anders had abt Rudolf wel zijn beklag kunnen doen bij de aartsbisschop. Maar niet als graaf, want abt Rudolf zou dat in zijn memoires ongetwijfeld wel hebben vermeld. Uit de bewaardgebleven vermeldingen uit de periode 1096-1133 zien we de Van Rodes diverse malen als getuigen, nooit echter met de titel van graaf, maar wel deel uitmakend van de groep personen die we uit andere vermeldingen als graaf kennen. We mogen derhalve concluderen dat de Van Rodes oorspronkelijk niet de titel van graaf bezaten maar wel een status bezaten gelijk aan de graven en andere hooggeboren heren. De heren van Rode waren oorspronkelijk gewoon keizerlijk leenman en hebben later de titel en functie van graaf weten te verwerven. Bij het latere graafschap Rode hoorde de voogdij over de Peellandse goederen van de abdij Echternach. Als de aartsbisschop van Keulen tussen 1100 en 1110 reageert op een klacht van de abt van Echternach inzake de willekeur van de plaatselijke voogden in de bezittingen van de abdij te Waalre, Deurne (Peelland) en Diessen dan ontbreekt in de uitspraak enige verwijzing naar Arnold I van Rode. Wel is sprake van een graaf Hendrik die dan de bisschoppelijke voogd is over Texandrië (Camps, H.P.H. (1979). Oorkondenboek van Noord-Brabant tot 1312, I De Meierij van 's-Hertogenbosch (met de Heerlijkheid Gemert), 2 banden, 's-Gravenhage, nr. 34). Daaruit valt te concluderen dat de Van Rodes pas later de (opper-) voogdij hebben verworven. Deze graaf Hendrik wordt verondersteld een Hendrik, graaf van Kessel te zijn (Bijsterveld, Arnoud-Jan (1996). Dusela villa Taxandrie. Een drietal onopgemerkte oorkonden betreffende Duizel uit de elfde en de dertiende eeuw, in: Noordbrabants Historisch Jaarboek, p. 164). Omdat in 1229 sprake is dat naast het graafschap van de Kempen (Rode), ook de voogdij van de Peel (Echternach) in leen gehouden werd van de aartsbisschop van Keulen (Camps, nr. 148), is het goed mogelijk dat dit een gecombineerd leen was dat de graaf van Gelre verworven heeft van de vroegere graaf van Rode. Vanuit die invalshoek gezien is het denkbaar dat de Van Rodes door koop van of middels huwelijk met een dochter of nazaat van genoemde graaf Hendrik (van Kessel) deze voogdij verworven hebben.
grootouders
ouders
broers/zussen
kinderen
Parenteel van Arnold van Rode https://www.jmvanotterlo.nl/parelly/elly25.01.htm