"Staten van Holland voor 1572 » Inventaris nr. 2191 - Omslag 1512 (oktober).
2191, (6e) Rekening van Willem Goudt, raad en ontvanger-generaal van de beden over Holland, van de omslag van 1512 (oktober 22). 1512 1 deel"
---NA_3.01.27.02 Inventaris van het archief van de Grafelijkheidsrekenkamer of Rekenkamer der Domeinen van Holland
- 345-351 Rekeningen van Willem Goudt. 1511-1517 7 delen
"Rekening van Willem Goudt, rentmeester-generaal van Noord-Holland, van de renten en leningen ten behoeve van de krijgsknechten in Delfshaven. 1512 1 katern." source Gahetna.nl
15-5-1544: Jonkvrouwe Marie Gerritsdochter, hulde door Adriaen Vastaertsz., advocaat voor het hof van Hollandt, bij dode van haar man Willem Goudt met de helft van het leen volgens hun testament d.d. 25-8-1525, waarin worden genoemd testateurs broersdochter Mariken Engel Goudt en haar broer Henrick; testateurs zusterskinderen Marijcken Korstiaen Goudtsdochter gehuwd met Laurens Pietersz. nl. Anna Laurensdochter, gehuwd met meester Adriaen van der Gues en wijlen Trijnken Laurensdochter; testateurs zuster Dignum Korstiaen Goudtsdochter heeft een zoon Adriaen van der Does en dochters Alijt, Marijke, Grietie en Annetge Dircxdochters en Neeltie en Machteld (nonnen?) te Poel; en testateurs zuster Aernt Korstiaen Goudtsdochter. Testatrice heeft een zustersdochter jonkvrouwe Anna van Chami en een neef meester Cornelis Andriesz. priester (L.H.126, cap. N.H., fol. 70-75).],
"Afschrift en kopie van twee uitspraken van de Grote Raad van Mechelen inzake de processen van Laurens van Bronckhorst als man en voogd van vrouw Anna van Chanu en Guillaume le Grand tegen mr. Jacob van den Eynde en François van Bodeghem over eigendom en uitkering van renten van eigendommen uit de nalatenschap van wijlen Hendrik Goudt. 1564 april 14, 1567 januari 31 1 omslag (2 katernen)
Jacob van Eynde, landsadvocaat, en zijn aangetrouwde neef [Johan] François van Bodeghem probeerden het grootste deel van de eigendommen van Maria van Greveroede, weduwe van Willem Goudt in bezit te krijgen. Ze hertrouwde met Guillaume le Grand, baljuw van Den Haag, die uiteindelijk in het gelijk werd gesteld. Anna van Chanu was universeel erfgenaam van haar tante Maria [Gerritsdr.] van Greveroede." source Gahetna.
" Leen 455
Bijzonderheden na opdracht door Willem Goudt, die leenman blijft voor het erf met den tuin, 1509 Maart 12
Naam Huych Zweersz Leen Het huis alleen, Plaats Vlaardingen" source Gahetna.nl
A examiner: "2 Oude Hof of Huis in het Noordeinde
4639 Retroacta van Willem Goudts huis in het Noordeinde betreffende de huur door de Staten van Holland in 1592 ten behoeve van prinses Louise de Coligny, 1524, 1558, 1560, 1562 en 1585. 5 stukken ; Bevat:
- akte van verkoop door de gasthuismeesters aan Willem Goudt van de henneptuin en de doorgang door de gasthuispoort 1524,
- akte van verkoop door de gasthuismeesters aan Dirk van der Molen van een stal en erf met vrije uitgang door de gasthuispoort, 1558,
- akte van verkoop door Jan van Treslong aan Willem van Beerendregt van een erf met vrije doorgang door de gasthuispoort met een geïnsereerde akte van verkoop in 1558 door de gasthuismeesters aan Jan van Treslong, 1560,
- akte van verkoop door Dirk van der Molen aan Jan Hebijn van een ommuurde tuin of boomgaard, 1562,
- kwitantie over 12 gulden voor de gasthuismeesters van Pieter van Persijn als contribute voor de vernieuwing van de gasthuispoort en het behoud op vrije doorgang, 1585." source Gahetna
[Ons Voorgeslacht 1984, pag 124:] Uit het archief van het Sint Caecilia klooster te Vlaardingen (Archieven van de Kloosters, Gemeente Archief Leiden).
24-12-1539: Testament van Willem Goudt en Marie Gerritsd:
Notaris Anthonis Egbertsz. instrumenteert dat Willem Goudt, raad en ontvanger-generaal van de beden van de keizer in Hollandt, en jonkvrouwe Marie Geritsdochter, zijn vrouw, testeren ten overstaan van broeder Jacob van Dexsem, prior van de predikkeren in de Haeghe, meester Vranck Boot, advocaat voor het Hof van Holland en Pieter Willemsz., klerk van de testateur.
Zij vermaken aan de langstlevende het huis, erf met de boomgaard in het Westeynde in den Haeghe, waarin zij wonen, inclusief de inboedel, zilver, goud, geld, in- en uitschulden, behalve de kleren en juwelen, waarover ieder afzonderlijk zal beschikken. De langstlevende van het echtpaar, dat op 25 augustus 1525 octrooi heeft ontvangen om over hun leengoederen te beschikken, zal uit de nalatenschap van de eerst overledende 700 karolus gulden ontvangen.
De testatrice bepaalt dat haar erfgename zal zijn haar nicht jonkvrouwe Anna van Thann Pietersdochter, oudste dochter van haar zuster, met uitzondering van het grote gouden paternoster en een ring, waarin een schild met een diamant staat, die aan haar zuster van Thann zullen komen. Na haar dood aan haar zoon Hector van Thann respectievelijk aan diens zuster jonkvrouwe Anna van Thann. Verder een gouden keten ter waarde van 200 karolus gulden, die aan haar nicht Helena van Thann zal komen.Jonkvrouwe Anna van Thann moet aan haar oudste zuster 300 karolus gulden per jaar uitkeren, aan haar tante Fransijne, non te Poel buiten Leiden 12 karolus gulden per jaar en eenmaal geld voor een rok. Aan de erfgenamen van vaderszijde 100 karolus gulden, waarin haar neef meester Cornelis Andriesz., priester, niet zal delen, deze krijgt 3 mark zilver. Jonkvrouwe Anna van Thann zal ten allen tijde ontvangen 20 morgen 3 hond land in het Oude land van Strijen, waarvan testatrice 11 morgen 3 hond van haar grootvader heeft geërfd, 8 morgen van haar heer-oom meester Laurens Mathijsz. en 1 morgen aan Adriaen Gerritsz., natuurlijke zoon van haar vader. Indien jonkvrouwe Anna overlijdt zal de erfenis aan haar oudste broer respectievelijk zuster komen, die uit haar moeder geboren is.
Indien de testateur het eerst overlijdt, ontvangt zijn weduwe de helft van al het onroerende goed met inbegrip van zijn leengoederen, en van de landrenten en van de huizen. Marike, de dochter van zijn broer Engel Goudt, krijgt een jaarrente van 20 pond groot Vlaams, behoudens het vruchtgebruik voor haar vader. Deze rente komt aan haar broer Heynrick Goudt, indien zij kinderloos overlijdt. Aan de kinderen en kleinkinderen van zijn zuster Marriken Korstiaen Goutsdochter, gehuwd met Laurens Pietersz. vermaakt hij behoudens het vruchtgebruik voor zijn zuster het volgende: 2400 karolus gulden aan Anna Laurensdochter, gehuwd met Adriaen van der Goes en 1600 karolus gulden aan de twee kinderen van haar zuster Trijnken Laurensdochter. Indien deze beide laatsten kinderloos overlijden komt dit bedrag aan hun tante Anna Laurensdochter. Adriaen van der Does, zoon van zijn zuster Dignum Korstiaen Goutsdochter, krijgt een rente van 150 karolus gulden per jaar, behoudens het vruchtgebruik ervan voor Aernt Korstiaen Goutsdochter, zuster van testateur, respectievelijk voor haar kinderen. Adriaen zal zijn rechten verspelen indien hij tegen de wil van zijn moeder of van haar zes naaste bloedverwanten trouwt, dan komt zijn aandeel aan zijn tantes Marritge en Dignum, respectievelijk aan hun erfgenamen.
Indien Dignum leeft bij het overlijden van testateur, ontvangt haar oudste dochter Alijt Dircxdochter een losrente van 75 karolus gulden per jaar en haar zusters Maritie-, Grietje- en Annetje Dirxdochter elk een van 50 karolus gulden, behoudens het vruchtgebruik van hun moeder van de helft van deze renten. Hun zusters Neeltge- en Machtelt Dircxdochter, nonnen te Poel, krijgen elk een lijfrente van 2 pond groot Vlaams per jaar, waarvan het klooster de helft zal ontvangen. Deze lijfrenten moeten worden uitgekeerd door Heynrick
Goudt Engelsz. Verder vermaakt hij de volgende legaten aan: zijn nicht Adriaen Jacobsdochter, gehuwd met Claes van Meerkerck 140 karolus gulden per jaar en zijn nicht Marike Woutersdochter, gehuwd met Aernt Michielsz. 125 karolus gulden; bij kinderloos overlijden te komen aan de anderen erfgenamen, behalve aan testateurs zuster Aerntge, tenzij haar man meester Cornelis Baertoutsz. overlijden zou zijn, zijn neef Dammas Goudt Cornelisz. 20 karolus gulden per jaar, de zusters te Vlaerdinghen 12 karolus gulden per jaar en aan de getijden aldaar 7; indien deze niet worden gezongen komt de helft aan het genoemde convent en de rest aan de heilige geest aldaar. Hetgeen de nalatenschap, inclusief de leengoederen, meer bevat dan het hiervoor gemelde, zal komen aan Heynrick Goudt, zoon van testateurs broer Engel, en dat belast is met jaarrenten tot een bedrag van 200 karolus gulden. Indien Heynrick kinderloos overlijdt, zal de erfenis komen aan Adriaen van der Does, die dan de hem toegewezen rente van 150 karolus gulden moet afstaan aan Mariken Engel Goutsdochter, zuster van genoemde Heynrick. Indien Adriaen van der Does overleden mocht zijn of tegen de wil van zijn familie getrouwd mocht zijn, dan komt de erfenis aan de oudste zoon van meester Adriaen van der Goes, gewonnen bij Anna Louwerijsdochter, behoudens het vruchtgebruik door haar (inv.nr. 377).
Hij is getrouwd met Maria Geritsdr [jkvr] van Greverode.
Zij zijn getrouwd
grootouders
ouders
broers/zussen
kinderen
Willem Corstensz [Rntmr-gen. van Holland] Goudt | ||||||||||||||||||
Maria Geritsdr [jkvr] van Greverode | ||||||||||||||||||
De getoonde gegevens hebben geen bronnen.