Gemanum:.onder.den.naam.van.A.S.Oostvriesland.(.Res:.23.febr:.1856.no.218.
Oostvriesland : Een slavin van Van Emden krijgt de naam Oostvriesland (Emden ligt in Oost-Friesland in Duitsland).
Huisbediende van Egbert van Embden (=Elias Ephraim van Emden; Amsterdam 27feb1799 - DenHaag 10juni1864)
Egbert van Emden (Elias Ephraim van Emden, Amsterdam, 27 februari 1799 – Den Haag, 10 juni 1864), een Hoogduitse Jood uit Amsterdam – met roots in Oost-Friesland, naar Suriname was gegaan om daar zijn geluk te beproeven. In Amsterdam had hijal een goede aanstelling en werkte op het kantoor van Jonas Daniel Meijer. Hij kwam in Suriname Gracia de la Parra (Paramaribo, 9 december 1804 – Paramaribo, 8 augustus 1827; begraven op de begraafplaats in Jodensavanne) tegen, dochter in een rijke Sefardische familie, en hij trouwde in 1826 met haar. Door dit huwelijk werd Egbert een aanzienlijk man en bezat plantages en slaven.
Gracia overleed vlak na de geboorte van de eerste zoon, een jaar na het huwelijk. Het kind, Evert Adolf (Paramaribo, 26 juli 1827 – Den Haag, 29 oktober 1900), werd gezoogd door slavin Sophietje (Adriana Sophia) (Paramaribo, 1807 – Paramaribo, 16 mei 1882). Van Emden kocht haar vrij en gaf haar de naam Oostvriesland. Zo kwam de familienaam van Noraly tot stand. Wat Egbert betreft ziet het er naar uit dat hij met twee kinderen in 1844 vertrok uit Suriname. Waarschijnlijk vestigden zij zich toen in Den Haag.
14.00.00 Getuige: Marius Johannes Oostvriesland, 43jaar, hoofdman bij de politie
Kind(eren):
grootouders
ouders
broers/zussen
kinderen
De getoonde gegevens hebben geen bronnen.