Jan van Ackersdijck, die van 1550 tot 1566 schepen, 1560 weesmeester, veertig, raad van Delft was en den 15 December 1571
DNL 1908-p.177 ev: Deze vader is ook schepen geweest want op de presentielijsten der wekelijksche schepenvergaderingen (Camerboek Delft. R. Archief') komt herhaaldelijk voor Jan Joostensz. br(ouwer). Op de regeeringslijsten bij Boitet staat hij vermeld als Jan Joostensz. van Ackersdijck, schepen 1558—'66, weesmeester 1552—'53, 40 raad 1560, stierf 15 December 1571.
Zijn wapen vinden wij op de kaart van 40 raden van Delft, i n zilver een zwarte dwarsbalk beladen met een zilveren wassenaar en vergezeld van drie roode (rechtsgewende; red.) leeuwenkoppen (1) en dat zelfde wapen is ook gevoerd geworden door Gerrit Jansz. Delff als schepen van Amsterdam.
We mogen het dus wel voor bewezen houden dat de vader van Gerrit Jansz. Delff is geweest de brouwer Jan Joostensz van Ackersdijck. (2)
Ackerdijck is een heerlijkheid bij Delft
Oud Archief, Delft: nr454. Akte van transport voor schout en gezworenen van Ackersdijck door Cornelis Pietersz. Beaumont aan burgemeesters en regeerders van Delft van land buiten de Oostpoort in het Vrouwenrecht, afkomstig van de abdij van
Rijnsburg, 1596. 1 charter. -N.B. Charter aanvragen als charternummer 5012.
uit: DNL.1908, p.179-180.
Dat register (Nr.510 der Rekenkamer) is inderdaad van veel belang voor de oude Delftsche familiën, jammer echter dat ze er zoo dikwijl s iu voorkomen alleen met hun patroniemen, en dat er zulk eene gaping is tusschen dit en het volgende Reg. dat eerst met 1610 begint.
In bedoeld Reg. vond ik fol.109 dat op 9 November 1555 lijfrenten verkocht waren ten name van :
Joost Jansz , oud omtrent 18 jaren.
Gerrit Jansz., „ „ 15 „
Marytgen Jansdr., „ „ 13 „
Jacoba Jansdr., „ „ 11 „
Pieter Jansz, „ „ 8 „
Anna Jansdr., „ „ 6 „
de laatste was reeds 25 November 1557 overleden. Bij al deze kinderen, die ook onder ééne accolade vereenigd zijn, staat stuk voor stuk bij geschreven „daer moeder aff is Aechtgen Gerritsdr." He t is dus geheel zeker dat het kinderen zijn uit één gezin. Eigenaardig dat bij lijfrenten in dien tijd , ook te Amsterdam was dit het geval, nimmer de naam des vaders doch steeds die der moeder vermeld werd. Zekerheid is er niet, om dat wij den naam van Jan Joostensz. vrouw niet kennen, vindt U echter ook niet dat de waarschijnlijkheid groot is dat het hier de familie van Ackersdijck betreft? Ze zouden allen nog al vroeg gehuwd moeten zijn omdat de oudste dochter van G. I Delff reeds i n 1579 (19 Juli) in het huwelijk trad.
DNL1908 p176-ev. Uit eene Sententie van het Hof van Holland van 24 Maart 1600, waarbij een eisch door G. J . Delff ter zake eener losrente ingesteld tegen de erfgenamen van den Heuvel werd afgewezen, blijkt dat zijn vader Jan Joostensz. brouwer te Delft 19 Sept. 1566 borg was geweest voor zijn zoon Joost Jansz. mede brouwer aldaar bij het vestigen eener losrente Laatstgenoemde had veel te lijden onder de vervolgingen tijdens den Hertog van Alba , en overleed plotseling in 1567, aan zijne weduwe Adriana, dochter van den koopman Arent Dirksz. van den Heuvel één kind nalatende genaamd Dirk Joost Jansz. De vader zelf was overleden vóór 1575.
Schild: In goud drie aanziende, rode leeuwenkoppen
Helmteken: een vlucht, recht van goud, links van rood met een rode leeuwenkop van het schild.
Dekkleed: rood gevoerd van goud.
Hij is getrouwd met Aegtgen Gerrits.
Zij zijn getrouwd
Joost Jansz. van Ackersdijk 1537-1567
Gerrit Jansz. Delff van Ackersdijk 1540-1621
Marytgen Jansdr. van Ackersdijk 1542-????
Jacoba Jansdr. van Ackersdijk 1544-????
Pieter Jansz. van Ackersdijk 1547-????
Anna Jansdr van Ackersdijk 1549-????
Kind(eren):
grootouders
ouders
broers/zussen
kinderen
Jan Joostensz [brouwer weesmeester] van Ackersdijck | ||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
Aegtgen Gerrits | ||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
De getoonde gegevens hebben geen bronnen.