---Hambroek en Gageldonk ; door DR. P. C. BOEREN
Als afzonderlijk leen staat Hambroek voor de eerste maal geregistreerd in het "Stootboec" (1355-1370) en als eerste houders zijn bekend een ridder Peter van Hambroek (1356) en zijn dochter Beatrijs. Die ridder Peter behoorde blijkens zijn wapen (drie schuinkruisjes) tot hetzelfde geslacht als de toenmalige heer van Gageldonk, hetgeen er op wijst, dat Hambroek was afgesplitst van Gageldonk, zulks wel ingevolge een erfdeling of andere familietransactie, waarvan de juiste toedracht helaas in het duister ligt. De afsplitsing kan veilig worden gedateerd in het tweede kwart van de 14e eeuwen zij is, vóór de Nassause tijd, nooit meer tenietgedaan; wel bleef de herinnering aan de oorspronkelijke eenheid bewaard, o.a. door de omstandigheid, dat die van Hambroek inzake bede en heervaart tesamen golden met die van Gageldonk. [12]
Boerens uitgangspunt bij de beschrijving van eigendomsovergangen van Hambroek en de halfscheiding Gageldonk zijn o.a. de leenregisters in het Algemeen Rijksarchief te Brussel, Leenhof van Brabant, waaronder het z.g. Stootboec en Spechtboek, aangelegd door resp. Jan Stoot, klerk van achtereenvolgens hertog Jan III en hertogin Johanna van Brabant en Nicolaas Specht klerk van voornoemde Johanna. Verder het "Hooftleenboek quartier" Antwerpen en het dénombrement van Peter vander Beversluys anno 1440, beschreven in Galesloot: L'Inventaire Aveux et Dénombrements
Kind(eren):
De getoonde gegevens hebben geen bronnen.