Willem wordt in 1244 als heer van Brederode erkend, toen hij meerderjarig werd. Van Brederode trok in 1248/49 met Willem II van Holland mee op veldtocht tegen de opstandelingen boven de Rijn in het Ruhrgebied, in 1256 herhaalde hij dit tegen de West-Friezen. Hij werd in 1255 tot ridder geslagen en in 1269 benoemd tot baljuw van Kennemerland. Op 25 juni 1282 werd hij beleend met de gerechten van Goudriaan, Hardinxveld, Papendrecht, Peursum en Slingeland. Willem werd na zijn dood begraven in de Brederodekapel van de Engelmunduskerk te Velsen.
Hij is getrouwd met Hillegonda van Voorne.
Zij zijn getrouwd rond 1265.
Uit: . . . .
Voor het sluiten van een huwelijk tussen Willem van Brederode en Hildegonda van Voorne, was dispensatie nodig. Willem van Brederode was een volle neef van haar overleden man, Costijn II van Renesse. Helaas komen in de uitgave van Brom geen vroege dispensaties voor.24
Ondanks de andere positie die we aan Hildegonda van Voorne hebben gegeven, kunnen we haar bestempelen als de stammoeder via haar stiefkinderen en eigen kinderen van een groot deel van de adel die in het laatste kwart van de 13e eeuw en begin 14e eeuw een prominente rol in de geschiedenis van het graafschap Holland en Zeeland hebben gespeeld.
Kind(eren):
grootouders
ouders
broers/zussen
kinderen
Willem (II) de elegante [heer] van Brederode Van Teylingen | |||||||||||||||||||||||||||||||||||||
± 1265 | |||||||||||||||||||||||||||||||||||||
Hillegonda van Voorne | |||||||||||||||||||||||||||||||||||||
De getoonde gegevens hebben geen bronnen.