Als eerste heer van Horst wordt opgegeven - hoewel we dit betwijfelen - Arnoulfus de Rode omstreeks Ao.1096. Deze was als getuige aanwezig bij het verwerven van het tiendenrecht van Genappe door de Abdij van Afligem. De gravin van Bouillon, moeder van Godfried, koning van Jeruzalem, liet deze rechten aan voornoemde abdij. De kopiist verwijstnaar Miraeus I Fol. 17- 18, waarin inderdaad dezelfde datum wordt aangeduid.
Ao.1101 Dezelfde Arnulfus, Heer van Horst genoemd, was getuige bij de goedkeuring der restitutie, gedaan aan de kerk van Andenne door keizer Hendrik III (Mir.I p.368-369)
Ao.1131 Arnulfus de Rode wordt nog eens in het Parks’ archief dominus de Horst genoemd bij een akte van de bevestiging der stichting der Abdij van ‘t Park door de Luikse bisschop. Miraeus, waarheen verwezen wordt, noemt hem echter niet Dominus deHorst (Mir.I 92-931).
Zie: Nieuwe bijdragen tot de geschiedenis van Sint-Pieters-Rode
http://www.actagena.org/nl/home/index.php
Mogelijk verward met een zoon van Arnoldus I van Aspremont, omdat hier ook het geslacht van Lynden-Rekem (Redichem) van afstamde; en diens zoon Giselbert Heer van Rekem wordt genoemd.
Redichem is gelegen tegen Schalkwijk aan de Lek, bij Utrecht.
Keizer Hendrik bevestigt op 2 juni 1122, na klachten van burgers van Utrecht over het heffen van tol aldaar, het door Godebold, bisschop van Utrecht, verleende privilege, en stelt de tolrechten voor vreemden vast; onder de getuigen: Arnoldus de Rod(= Rode) en diens broer Rutherus (Rutger)
Oorzaak: vermoord
Hij is getrouwd met Aleyda van Cuyck Van Malsen.
Zij zijn getrouwd rond 1120.
Kind(eren):
grootouders
ouders
broers/zussen
kinderen
Arnold / Arnulfus [Heer] van Rode & Redichem (of Redinghen ?) | |||||||||||||||||||||||||||||||||||
± 1120 | |||||||||||||||||||||||||||||||||||
Aleyda van Cuyck Van Malsen | |||||||||||||||||||||||||||||||||||
De getoonde gegevens hebben geen bronnen.