Stamboom Soto » Harmen Roelofs Visser (1726-1804)

Persoonlijke gegevens Harmen Roelofs Visser 

  • Hij is geboren in het jaar 1726 in Workum.
    in doopakte moeder niet genoemd
  • Hij werd gedoopt op 1 december 1726 in Workum.
  • Beroepen:
    • wellicht visser.
    • van 1743 tot 1760 Knecht op de lijnbaan van Sjoerd Heres.
    • van 1760 tot 1769 Meesterknecht bij de lijnbaan van Klaas Bernardus te Workum.
  • Woonachtig:
    • vanaf 27 september 1767: Hylperdyk 1, Workum.
    • tot 13 juli 1769: Leeuwarden.
      ontslagen uit de gevangenis
    • tot 1770: Hylperdyk 1, (omgeving van) Workum.
    • vanaf 1770: Vissersburen, huis nr. 80, Lemmer.
      "nmiddels lijkt wel zeker dat HR in een "half huis" op de Vissersburen woonde"
    • vanaf 29 oktober 1773: Visschersburen, Lemmer.
  • (opmerking) .
    op 13 juli 1769 rechtspraak.Bron 3
    Getuige 1.
    Douwe Everts Faber, grofsmid bij zijn vader Evert Douwes hier ter stede, oud in zijn 28e jaar, geciteert, geëdigt en geëxamineerd verklaarde dat heeden morgen, na besten geweeten, omtrent quartier voor zeeven uur bij hem aan huis is gekoomen Teetske Feikes (zuster van Foppien Feikes) versoekende hem deponent om met haar na het huis van deselve haar zuster te gaan, alsoo zij zulx alleen uit vreesen voor Harmen Roelofs, haar zusters man, niet durfden doen. Dat hij deponent terstond daarop met Teetske na ’t huis van haar zuster Foppjen is gegaan. Dat zij een treed of twaalf daar van af zijnden, hij deponent hoorde dat binnen in het zelve sterk werde met een onverstaanbaar geluit geschreeuw. Dat hij deponent met Teetske haare treden verhaastenden in het huis kwaamen, na Fopjen en haar man zogten, dogh in de kamer niemand vonden. Maar na herwaarts en derwaarts om te zien, zagen dat uit reegnwatersbak, die agter ’t bedsteed in ’t portaal is, handen wierden opgestooken, waar op toetraaden, de handen vatteden en, na dat Fopjen Feikes, welke in de bak was, nogmaal met een flaauwe en bijna onverstaanbaare stem, help hadden hooren roepen.
    Hun beste deeden haar uit de bak te ligten. Dat zij zig daar toe niet kragtig genoeg bevinden.

    Een buurman Jetse Piebes tot hulp hebben geroepen en dus onder hun driëen Fopjen Feikes uit den bak hebben geligt. Op een houten vloer daar omtrent zoo lange hebben needergelegt tot dat door een hunner vuur op de haard was aangezet en in de brand gebragt. Dat zij toen Fopjen Feikes nog leevend zijnde maar zeer zwak voor ’t vuur hebben gebragt en haar drogen kleederen hebben aangetrokken. Dat zij Fopjen, terwijl zulks geschiede, flauw, dog verstaanbaar, heeft uitgeroepen een en andermaal Jetse Jetse, Douwe Douwe, Harmen Harmen. Dat hij deponent onder het verkleeden van Fopje, zag dat om haar hals zat toegeknoopt met drie knoopen ’t bijgaande touwtie, zittende zo strak om den hals, dat het losgemaakt zijnde door hem, een roode streep of holligheid hadde gemaakt rondom de hals, welke ontbinding van ’t touw aan Foppjen wel eene ruimere ademhalinge hadden gegeven, dog hand over hand schijnende te verswakken, want zij Foppjen op de stoel zittende eindelijk in de armen van hem deponent overleeden, hebbende na zijn gissing zij Foppjen omtrent een uur geleefd na dat door hun uit den back was gehaald.

    De deponent zeide, dat zij Foppjen staande in de bak hadden bevonden, dat zij alleen van onderen nat was, gissing ter hoogte van de heupbeenderen, gekleed in een borstrok, aan hebbende een rock, en kousen en het hoofd gedekt met een slaapmuts. Dat zij Foppjen, uit den bak gehaald, zeer koud was, en haar beenen alreede zeer stijff en verkleumdt.

    Gevraagt zijnde aan den deponent off ook van eene kwaade zaamenleevinge tusschen Foppjen Feikes en haar man Harmen Roelofs zeekere kennisse droeg, zeide hij door eigen bevindingen geene te hebben, maar wel door straat gerugten. Dog dat hij gisteravond omtrent halv neegen juist aan ’t huis van Harmen Roelofs met Inne Cornelis zijnde gegaan, en Foppjen alleen te huis hebbende bevonden, met haar over het gedrag van haar man hadden gesproken. Dat Foppjen betuigde zeer angstig voor haar man te zijn, om reedenen, zoo zeiden, dat haar man kort na maij 1768 (wanneer uit de huisinge bij de lijnbaan van Klaas Bernardus staande, in decate huisinge waaren komen woonen) tegen haar hadden gesegt: “ik heb het lang betien laaten om Bernardus, maar nou gaast dou er an”, voegende zij Foppjen er bij, dat Harmen haar man toen een mes hadden gesleepen en bij hun op het bed gelegt.
    Nog aan de deponent gevraagt zijnde, of hij altoos Foppjen hadde gekent als een vrouw zwakzinnig, weinig verstand hebbende, en dikwijls zeer zwaarmoedig en mistroostig, zeide de deponent, dat zij gisteravond verstandig aan hem was voorkomen, maar dat hij in de laatst gepasseerde zomer haar (te Coudum aan ’t huis van haar broeder Watse Feikes zijnde) hadden bevonden ijlhoofdig, ten minsten zijns oordeel, zomtijds wel bij haar zinnen. De deponent meer niet weetende enz. was getekend Douwe Everts Faber.

    Getuige 2
    Teetske Feikes, huisvrouw van Abe Douwes te Workum, oud 28 jaaren, geciteert, geëdigt en geëxamineert, verklaarde, dat zij gehoort hebbende dat Harmen Roelofs en zijn vrouw, haare zuster, Foppjen Feikes, huiden morgen voor Regt moesten koomen, oordeelde verpligt te zijn, om eerst na haar zuster Foppje toe te gaan, om eens te zien hoe zij voer, en haar wat in de kleederen te helpen, dat zij omtrent seeven uur het selve in het werk zullende stellen, daar alleen uit vreeze van Harmen Roelofs, niet heen durfden en eeven daarom den vorigen getuige (Douwe Everts Faber) versogte om meede te gaan gelijk hij gedaan heeft, dat zij omtrent den wooning van Harmen Roelofs gekomen zijnde een overstaanbaar dog benauwd geschreeuw in derselven hoorden, haare schreeden verdubbelden. En binnen de woninge gekomen zijnde vonden nog haar zuster nog iemand anders in de kaamer, maar hier en daar omsiende en zoekende, zag zij deponent toe den reegenwatersbak, welke even buiten de kamer is, uitsteeken twee handen zig beklemmenden aan ’t raamdt boven op den bak, dat zij deponent daar bijgekomen zag dat haare zuster Foppjen in de bak was, roepende haar deponenten toe “help mij, help mij”. Dat zij deponente wel hadden getenteerd met de vorige getuige haar zuster uit de bak te ligten, dog daar toe te zwak zijnde, een buurman Jetse Piebes hadden gehaald, en toen onder haar drieën haar zuster Foppjen uit den bak hadden geligt.

    Dat zij, nadat één hunner vuur had aangzet, Foppjen voor ’t selve hadden geplaatst, haar ontkleedenden en droge kleederen aantrekkenden, dat onder des Foppjens, zeer flauw zijnde, dogh verstaanbaar hadden uitgeroepen, ”Jetse Jetse, Harmen Harmen, Douwe Douwe” wijsenden met haar hand meer dan eenmaal na haar hals. Dat zij deponenten, dog een weinig na de vorige get e hadden gesien, dat het bijgaande touwtje aan haar vertoond zat om de hals van haar zuster Fopjen, wel geknoopt en zoo strak, dat het, nadat door Douwe met veel moeite was losgemaakt, een diepen roode streep om den hals heeft overgelaten. Dat het los maken van het touwtje aan haar wel eenen ruimere ademhaalinge hadde veroorzaakt, dog zij zeer zwak zijnde en in zwakheid toenemende, kort daarna op den stoel zittende in de armen van de vorige getuige (Douwe Everts Faber) was gestorven, hebbende zij Foppje kort nadat haar ’t touwtje van den hals was afgenomen, nog een en andermaal “Harmen Harmen, Douwe Douwe” hooren roepen, nemende dan Douwe bij den borst en wijsende met haar hand naar haar hals. De deponent zeide teffens dat Harmen Roelofs (arbeidende op den Lijnbaan niet verre van zijn huis) na dat het touwtje van Foppjens hals was afgenomen, in huis is gekoomen, vragende hoe er zoo een geloop van menschen was, en tot zijn vrouw naderende, en ’t aan haar gebeurd gesien hebbende, tegen haar hadde gezegt: “Lieff zeg hoe is ’t gekomen lieff?”
    Dat zij Foppjen daar op weeder hadde geroepe “Harmen Harmen?”

    De deponente verklaarde dat Foppjen na haar beste onthoud omtrent een uur hadde geleeft na dat uit den bak was gekomen. Dat Foppjen in de back was bevonden staande tot aan de middel in ’t water, dat uitgehaald zijnde nat was geweest tot aan de schouders, dog het hoofd geheel droog. Dat Foppjen gekleed was in een borstrok, aanhebbende een rock en kousen en een slaapmuts bij het hoofd neerhangend. Dat Foppjen zeer koud, verkleumd en van onder omtrent stijf was.
    Aan de deopnent gevraagd zijnde off ook van een quaade leevenswijse van Harmen Roelofs met zijne vrouw overtuigd was, zeide zij daar zelvs nooit blijken van gesien te hebben, maar dat haare zuster Fopje daar over tegen haar dikwijls hadde geklaagd, en nog op woensdagavond laatst gepasseerd, dat zij Foppjen des zondags te voren veel slagen van haar man hadde gehad.

    Nog aan de den deponent gevraagd zijnde off haer zuster Fopjen altoos wel bij haar verstand was geweest, off niet altoos droefgeestig en zwaarmoedig was geweest, zeide de deponent dat Fopjen altoos zwaarmoedig en droefgeestig van gestel in haar huwelijk was geweest. Dat ook in de laatst gepasseerde zoomer scheen niet al te wel bij haar zinnen te zijn, dogh dat nu zeedert eenigen tijd aan haar baater was voorgekomen.

    Verklaring Pieter Johannes op 20 maart 1769

    Pieter Johannes, metselaarsgesel te Workum, oud in zijn 20ste jaar, geciteert, geëdigt en geëxamineerd, verklaarde dat hij in de verleeden zomer beesig zijnde met het bestrijken van pannen in ’t huis van Harmen Roelofs, door ’t geroep van Teetse Feikes hadde begreepen daar iemand in de put lag. Deponent daarom van boven, en na de put was gegaan met den ladder welke hij gebruikte. Dat hij den ladder tot hulp van Foppjen Feikes, die in den put, daar in heeft geset en daardoor met behulp van Teetske Feikes, Yttie Harings en Harmen Roelofs (welke twee laatste van buiten quamen aanloopen) haar uit den put heeft geholpen.

    De deponent niet meer wetende etc.etc. was getekend Pieter Johannes

    Getuigeverslag nr. 9 d.d. 19 maart 1769 van Riddouw Piers

    Riddouw Piers, huisvrouw van Cornelis Annes, oud 45 jaar, geciteerd, geëdigd en geëxamineerd, verklaarde voor waarheid dat op zondag den 12en deeser, ’s morgens omtrent neegen uur, bij haar is gekomen Harmen Roelofs, versoekende haar deponente om eenig vuil linnen goed te wasschen.
    Dat zij met hem in zijn huis is gegaan en Foppjen Feikes nog op ’t bed leggende heeft bevonden, zeggende Foppjen schreijende tegen de deponente: wel Riddouw, het mijn jou hier haald?
    Ja, was daar op het antwoord van Harmen, dat heb ik gedaan om aan de buuren te toonen hoe het hier leit en uitsiet; waar op Harmen nog driftiger wierd en tegen zijne vrouw zeide, koom staa op van ’t bed af, dou biste niet ziek, waartoe de vrouw sig gewillig toonde als beginnende haar rock aan te trekken, dogh dat Harmen Roelofs in plaats van wagten zijnen vrouw bij de schouders hadde genomen, genoegsaam naakt van ’t bed afgehaald en over de grond gelegt, zonder egter eenig verder leed aan haar te doen.

    Nog zeiden de deponente in de laatst gepasseerde Workumer herfstmerk (in ’t begin van september) ten zijnen huise geweest te zijn met drie zusters van Foppjen Feikes, berispende deeze toen hem Harmen Roelofs over ’t quaad gedrag met zijne vrouw, haaren zuster, welk alles hij sterk ontkende, waar op Foppjen hadde geantwoord: wel Harmen, Harmen, hast tou mij niet den eene hand op de keel gezet en met een mes in de andere hand gedreigt? Zo stou ’t aan een ander zeisten, dan sal ’t nog anders gaan, en hest tou mij niet met een panne met spek na ’t hoofd smeeten, die mij geraakt zouwde hebben als ik niet geweeken was, al het welke Harmen met de dierste vervloekingen ontkende. Hier bijvoegde de deponente dat Harmen op beide tijden dronken was geweest.

    De deponente meer niet weetende etc. etc. was getekend Riddouw Piers

    Verklaring van Harmen Roelofs zelf:
    Harmen Roelofs, knegt in de baan bij Klaas Bernardus, oud in zijn 43e jaar, geciteert en geëxamineerdt, veklaarde dat gisteravond omtrent agt uur te huis was gekomen en daar hadden gevonden den eerste en de agsten getuigen, dat hij aan hun hadde gevraagd wat zij daar deden. Dat die getuigen hadden geantwoord om eens met hem deponent te rooken. Dat deselve om elf uur weggegaan zijnen, hij met zijn vrouw nog een kopje thee hadde gedronken, dat hij daarop eerst en daarna zijn vrouw naar bed was gegaan, nadat zij alvorens een schoon hemd hadden aangetrokken.
    Dat hij deponent heden morgen quartier na vijf uur van het bed was opgestaan, en een weinig daarna in den Lijnbaan gegaan, hebbende zijne vrouw laaten leggen op ’t bed., zoo meende wel slaapenden.
    Dat hij omtrent half agt uur ziende verscheidene menschen na zijn huis gegaan, ook derwaarts was gegaan en bevonden hadden, dat zijne vrouw stervende zat op een stoel voor de haard, verklaarende hij niet te weeten hoe zij in die staat gekomen was.
    De deponent onderhouden zijnde over ’t kwaad gedrag met zijne vrouw, zeide haar nooit mishandelt te hebben en altijd regtvaardig met haar te hebben geleeft, er bij voegende dat hij zijne vrouw in de laatst gepasseerde zoomer ook eens uit de put hadden geholpen, daar zij op een ladder in stond, en eenige dagen daarnaa aan hem gesegt hadt dat daar zelfs ingeklommen was.
    De deponent niet meer weetende.
  • Hij is overleden op 4 september 1804 in Lemmer, hij was toen 78 jaar oud.
  • Een kind van Roelof Pijtters en Teetske Harmens
  • Deze gegevens zijn voor het laatst bijgewerkt op 16 juni 2022.

Gezin van Harmen Roelofs Visser

(1) Hij is getrouwd met Fopjen Feikes.

Zij zijn getrouwd op 27 september 1767 te Workum, Friesland, hij was toen 41 jaar oud.


(2) Hij is getrouwd met Trijntje Hylkes.

Zij zijn getrouwd op 31 mei 1772 te Lemmer, Friesland, hij was toen 46 jaar oud.


Kind(eren):

  1. Teetze Harmens Visser  1778-1854 

Heeft u aanvullingen, correcties of vragen met betrekking tot Harmen Roelofs Visser?
De auteur van deze publicatie hoort het graag van u!


Tijdbalk Harmen Roelofs Visser

  Deze functionaliteit is alleen beschikbaar voor browsers met Javascript ondersteuning.
Klik op de namen voor meer informatie. Gebruikte symbolen: grootouders grootouders   ouders ouders   broers-zussen broers/zussen   kinderen kinderen

Voorouders (en nakomelingen) van Harmen Roelofs Visser

Harmen Roelofs Visser
1726-1804

(1) 1767

Fopjen Feikes
1730-1769

(2) 1772

    Toon totale kwartierstaat

    Via Snelzoeken kunt u zoeken op naam, voornaam gevolgd door een achternaam. U typt enkele letters in (minimaal 3) en direct verschijnt er een lijst met persoonsnamen binnen deze publicatie. Hoe meer letters u intypt hoe specifieker de resultaten. Klik op een persoonsnaam om naar de pagina van die persoon te gaan.

    • Of u kleine letters of hoofdletters intypt maak niet uit.
    • Wanneer u niet zeker bent over de voornaam of exacte schrijfwijze dan kunt u een sterretje (*) gebruiken. Voorbeeld: "*ornelis de b*r" vindt zowel "cornelis de boer" als "kornelis de buur".
    • Het is niet mogelijk om tekens anders dan het alfabet in te voeren (dus ook geen diacritische tekens als ö en é).



    Visualiseer een andere verwantschap

    De getoonde gegevens hebben geen bronnen.

    Historische gebeurtenissen

    • De temperatuur op 31 mei 1772 lag rond de 14,0 °C. De wind kwam overheersend uit het noord-oosten. Typering van het weer: donker. Bijzondere weersverschijnselen: wat dauw. Bron: KNMI
    • Erfstadhouder Prins Willem V (Willem Batavus) (Huis van Oranje-Nassau) was van 1751 tot 1795 vorst van Nederland (ook wel Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden genoemd)
    • In het jaar 1772: Bron: Wikipedia
      • 14 januari » De Groot Meester Nationaal van d'aloude en Zeer Eerwaarde Maatschappij der Vrije en Aengenomen Metzelaers, in de Republieq der Verenigde Nederlanden, ressort van de Generaliteit en onderhorige Volksplantingen verleent de loge L'Union Provinciale, gevestigd in Groningen (stad) haar constitutiebrief. De vrijmetselaars worden in Noord-Nederland actief.
      • 8 juni » Zaligverklaring van Paolo Burali d'Arezzo, Italiaans kardinaal-aartsbisschop van Napels.
      • 1 november » Antoine Lavoisier publiceert zijn ontdekking dat fosfor en zwavel bij verwarming "in massa toenemen".
    • De temperatuur op 4 september 1804 lag rond de 22,0 °C. De wind kwam overheersend uit het westen. Typering van het weer: zeer betrokken. Bron: KNMI
    • De Republiek der Verenigde Nederlanden werd in 1794-1795 door de Fransen veroverd onder leiding van bevelhebber Charles Pichegru (geholpen door de Nederlander Herman Willem Daendels); de verovering werd vergemakkelijkt door het dichtvriezen van de Waterlinie; Willem V moest op 18 januari 1795 uitwijken naar Engeland (en van daaruit in 1801 naar Duitsland); de patriotten namen de macht over van de aristocratische regenten en proclameerden de Bataafsche Republiek; op 16 mei 1795 werd het Haags Verdrag gesloten, waarmee ons land een vazalstaat werd van Frankrijk; in 3.1796 kwam er een Nationale Vergadering; in 1798 pleegde Daendels een staatsgreep, die de unitarissen aan de macht bracht; er kwam een nieuwe grondwet, die een Vertegenwoordigend Lichaam (met een Eerste en Tweede Kamer) instelde en als regering een Directoire; in 1799 sloeg Daendels bij Castricum een Brits-Russische invasie af; in 1801 kwam er een nieuwe grondwet; bij de Vrede van Amiens (1802) kreeg ons land van Engeland zijn koloniën terug (behalve Ceylon); na de grondwetswijziging van 1805 kwam er een raadpensionaris als eenhoofdig gezag, namelijk Rutger Jan Schimmelpenninck (van 31 oktober 1761 tot 25 maart 1825).
    • In het jaar 1804: Bron: Wikipedia
      • 1 januari » Einde van de Franse overheersing in Haïti. Haïti wordt de eerste zwarte republiek en het tweede onafhankelijke land in Noord-Amerika na de Verenigde Staten.
      • 14 maart » Johann Strauss sr., Oostenrijks componist († 1849)
      • 18 mei » Napoleon Bonaparte wordt bij senaatsbesluit uitgeroepen tot keizer.
      • 1 september » De planetoïde Juno wordt ontdekt door de Duitse astronoom Karl Ludwig Harding.
      • 23 november » Tijdens het verblijf van paus Pius VII in Lyon, onderweg naar de kroning van Napoleon in Parijs, sterft zijn reisgenoot kardinaal Stefano Borgia.
      • 2 december » In de Notre-Dame van Parijs wordt Napoleon Bonaparte tot keizer gekroond. Hij is de eerste Franse keizer in duizend jaar.
    

    Dezelfde geboorte/sterftedag

    Bron: Wikipedia


    Over de familienaam Visser

    • Bekijk de informatie die Genealogie Online heeft over de familienaam Visser.
    • Bekijk de informatie die Open Archieven heeft over Visser.
    • Bekijk in het Wie (onder)zoekt wie? register wie de familienaam Visser (onder)zoekt.

    De publicatie Stamboom Soto is opgesteld door .neem contact op
    Wilt u bij het overnemen van gegevens uit deze stamboom alstublieft een verwijzing naar de herkomst opnemen:
    Marije Soto, "Stamboom Soto", database, Genealogie Online (https://www.genealogieonline.nl/stamboom-soto/I302.php : benaderd 9 januari 2026), "Harmen Roelofs Visser (1726-1804)".