Rond 1673 wordt hij vaak als getuige opgeroepen bij Cornelis Harcksz Achterkerck. Daar blijkt dat hij de schrijfkunst niet meester was want hij tekent met een vorkachtig huismerk.
Kind(eren):
Dat we geen nazaten meer vinden van deze tak komt waarschijnlijk doordat zijn kinderen zich een achternaam Jongejan toe eigenen.
grootouders
ouders
broers/zussen
kinderen
Cornelis Adriaensz Keesman | |||||||||||||||||||||||||||||||||||
Onbekend | |||||||||||||||||||||||||||||||||||