https://hdl.handle.net/21.12103/deb3310c-3861-11e0-bcd1-8edf61960649
Hij is getrouwd met Johanna Maria Huberta Donders.
Zij zijn getrouwd op 10 mei 1865 te Tilburg, Noord-Brabant, Nederland, hij was toen 34 jaar oud.Bron 3
https://hdl.handle.net/21.12103/1a593108-3861-11e0-bcd1-8edf61960649
Zowel de oudste (Lambertus) als de jongste (Charles) zoon uit dit gezin trouwde met een meisje Eras:
Lambert met Thérèse Eras, dochter van Jan Baptist Eras-Mercx;
Charles (Karel) met Conny / Constance Eras, dochter van Henri Eras-van Dijk,
beide zonen van Herman(n)us Eras-Brouwers.
Kind(eren):
zie https://wikimiddenbrabant.nl/Beer,_N._de_(Gezinskaart) Oprichter van de fabriek Thomas de Beer in 1854.
Uit 'Het Tilburg Bijnamenboek van Karel de Beer ( http://www.cubra.nl/bijnamen_Tilburg/1_werkelijke_personen.htm#1.B )
"Nopke en Sjooke de Beer"
wel vaker in Tilburg voorkomende aanduidingen voor Norbertus (Nopke) en “ons Joke” (Sjooke). Zij noemden hun oudste zoon Lambert en die noemde zijn oudste zoon weer Norbert (Berry), wiens oudste zoon Lambert (Berry) was. Dit ging nog een paar keer zo door tot in het heden. De hier genoemde Norbertus (Nopke), overgrootvader van Karel de Beer, was de jongste zoon van Thomas de Beer (1785-1863, x Antonetta Haans 1788-1848,) de grondlegger van de gelijknamige wollenstoffenfabriek. Zij kregen elf kinderen, van wie er vijf reeds in de wieg of als kind stierven. Norbert stond bekend als een harde werker die zich weinig bewoog in het publieke leven. Joke zat in 1904 in het eerste bestuur van de St. Elisabethvereniging (sociale zorg) van de parochie het Goirke.
Samen staan zij geregistreerd als schenkers van de twee houten beelden van bazuinblazende engelen op de balustrade voor het monumentale Smitsorgel uit 1905 in de Goirkese kerk. Deze schenking deden zij ter gelegenheid van hun 40-jarig huwelijksfeest.
Zijn vader Thomas de Beer was al bijna 70 jaar toen hij in 1854, samen met zijn zonen Johannes Cornelis (Jan, 1818-1899) en Norbertus de wollenstoffenfabriek oprichtte die naar hem werd genoemd. De zaak kwam in de oude bakkerij van Peter Janssens op 'de Vèldhoove' goed van de grond. In 1867 werd deze zaak voortgezet in de gebouwen van de wollenstoffen- en baaienfabriek van Peter Mutsaers nabij het Wilhelminapark ( Eerst K 196, later pandnr 5).
In datzelfde jaar werd daar een grotere stoommachine in geplaatst. Er was op de nieuwe locatie ruimte genoeg voor verdere groei en bloei. Toen in 1892 de ongehuwde Jan zich uit de zaak terugtrok, trokken Norbertus en zijn zonen de kar verder.
Aan Norbertus was deze taak welbesteed, want hij stond bekend om zijn grote werkkracht en energie. Ook kon hij op zijn vier zonen rekenen.
De meeste gebouwen van het fors uitdijende complex aan het Wilhelminapark werden ontworpen door de bekende architect Franciscus C. de Beer.
De crisis van de jaren 1930 ging niet ongemerkt voorbij aan de fabriek van Thomas de Beer. Er moest een (financiële) reorganisatie plaatsvinden. Niet alle takken van de familie bleken na de beurscrach in staat om het benodigde kapitaal op te hoesten. De tak Jan de Beer-Smulders had beter op de centen gepast en kon de anderen uitkopen. Hij en zijn drie zonen (Jan Smul, Bep en Tom de Beer) kregen het in de fabriek voor het zeggen. Daar voegde zich alleen Jan 'Piep' de Beer bij, uit de tak van Lambert de Beer, die zich gesteund wist door zijn kapitaalkrachtige schoonfamilie. Charles (Karel) stelde zijn aandelen toen ook beschikbaar en verliet met zijn gezin het huis van vader Norbertus dat op het fabrieksterrein stond. Dit monumentale pand op Wilhelminapark 4 werd in 1936 gesloopt om plaats te maken voor een nieuwe toegang tot het ingebouwd geraakte fabriekscomplex.
grootouders
ouders
broers/zussen
kinderen
Norbertus de Beer | ||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
1865 | ||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
Johanna Maria Huberta Donders | ||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||