Kind(eren):
koopt 1607 2 m in Z20 van Koen Ariensz ORA Bk R1: 06.08.1624 f150v Cornelis Jacobsz, onsen mede
inwoender, bekent sedert 1611 in eygendom te besitten 10 m aen een stuck, noordzijde, op hem
selven [weer N37], streckende van de halver Graeff aff noortwaerts op totte halven sloot van den
halven broeck van Streeffkerck toe. Oost: Lambert Dircxsz en west: Jacob Cornelisz c.s. Welck
lant, voordien de pastorie vant dorp Blesgensgraeff bezittende, dit onder meer andere landen (op
octroy van de heeren Staten van 25.03.1610 daervan vercregen, ingaende 1611) vercocht heeft omme
mettet overschot der cooppenningen boven de jaerlijckse renten daerop te houden ter concurentie
van de heure (is: in plaats van de huur) lest daervan gemaeckt, te mogen herstellen die Kercke
aldaer waer Cornelis Jacobsz eerste cooper was mette last van 60 ponden (van 40 grooten tpont)
sjaers (de eerste maal 01.11.1611) van welcke losrente noyt eenige besegeltheyt gemaeckt es
geweest. Mitsdien alsnoch verlijdende de voorseyde losrente ten behoeve van de pastorie van den
dorpe van Blesgensgraeff ofte tgemeen Lant van Hollant, belovende de rente jaerlijcks te betalen
ten comptoire van den ontfanger Mr. Adriaen van Coolwijck de 1e November vrijs gelts, sonder
cortinge. Als bekennende tlant daeromme des te beter gecocht te hebben. Aflossing altijt
mogelijck, jegens den penninck 16, mits 3 maenden te voren waerschouwinge. Hij verbindt al zijne
goederen en oock dit lant. Onderteyckent en besegelt door Cors Cornelisz, Gerrit Sebastiaensz
Moll, Claes Dircxsz. 18.09.1624 f154 Adriaen Jacobsz ende Cornelis Jacobsz (als borge) in een
schuld (sonder eenige smaeldeelinge) aen Jacob Stoop Dircxsz, borger binnen Dordrecht of thoonder
van 1070 car. gulden (20 stuvers tstuck) over reste van cooppenningen van 4 m noordzijde inde
Molswaert daervan den eygen op huyden aen Willem van den Broeck, wijncooper binnen Dordrecht te
behoeve van voorseyde Adriaen Jacobsz bij Matheus ende Adriaen Cornelis soonen, gebroeders, voor
ons is overgegeven volgens overdrachtbrieff, welke 1070 car. guldens Adriaen en Cornelis Jacobsz
beloven te betalen in vijf termijnen, eerst 1/5 op Korsmis 1624, dan elcke volgende Korsmis weer
1/5 (t/m 1628). Bij verzuim moet rente betaelt gaen worden, den penninck 16, vanaf de
verscheyndag tot de afflossinge. Verbonden als pand: 't voorseyde lant en beiden hunne goederen.
[Weer N21].
grootouders
ouders
broers/zussen
kinderen
De getoonde gegevens hebben geen bronnen.