genealogieonline

Stamboom Dullemen » Jan Arkel van de Lede (± 1320-1377)

Persoonlijke gegevens Jan Arkel van de Lede 


Voorouders (en nakomelingen) van Jan Arkel van de Lede


Notities over Jan Arkel van de Lede

Bisschop van Utrecht en Luik. Jan van der Lede. Op 27 Oct. 1321 65) beleent graaf Willem hem met
het goed ten Berghe, den graaf aangekomen bij dode van Herbaren, here van den Berghe. JanÆs
moeder Cunegonda zal dit goed tot lijftocht ontvangen. Op 23 Aug. 1326 86) vertoeft Cunegonda,
die met haar stiefzoon Jan van Arkel in twist geraakt was (waarschijnlijk over het goed ten
Berghe) met haar nog minderjarige kinderen te Linschoten. Indien Mabelia van Voorne in 1318
gestorven is, en Jan 111 van Arkel in 1319 met Cunegonda hertrouwd is, kan Jan van der Lede in
1320 geboren zijn, en was hij dus in 1326 pas 6 jaar oud. Op 5 Juni 1330 geeft graaf Willem
,,onsen lieven neve, den here van Arkel en Janne sinen broederö een voorrecht ten aanzien van
land dat door poorters verworven zou worden te Bergambacht, Coelwijc, Stolwijc en Beijersroede
87). Op 12 Juli 1340 oorkonden Jan, heer van Arkel, Jan van Arckel, Canoniek ten Dom tÆutrecht en
Robbregt oan Arckel, ridder, gebroeders, dat zij aan graaf Willem beloofd hebben ,,is dat saecke
dat Jan van Arckel, Canoniek vorn. bij der gratien Godts ende bij hulp ende vordernisse sijnre
Heeren ende vrienden b i s s c h o p w o r t t o t U t r e c h t ö ,,dat wij dan in alle saecken
dienaeren wesen sullen ons liefs heeren s graven voornomtö. Graaf Willem liet er blijkbaar geen
gras over groeien om zijn protege op de bisschopsstoel te brengen en zo zijn invloed in Utrecht
te consolideren. Op 23 Juli 1340 werd ]an van Arkel tot bisschop gekozen, maar er was blijkbaar
een tegencandidaat, Nicolaas di Capucio, die echter voor deze hoge waardigheid bedankte, waarna
de paus op 20 Nov. 1342 88) aan de geestelijkheid van de stad en diocese Utrecht berichtte, dat
hij Johannes de Arkel, Elect, tot bisschop had benoemd, met dispensatie van het gebrek in zijn
leeftijd (d.w.z. voor zijn te jeugdige leeftijd, c. 22 jaar!). Op 20 Dec. 1342 89) verklaren
Florens van Jutfaes en Lazarinus de Flisco, kanunniken te Utrecht, mede namens hun medekanunnik
Johannes de Herkele, die afwezig is wegens zijn verkiezing tot bisschop van Utrecht, dat zij aan
het bevel van de paus voldaan hebben om aan Johannes, genaamd Caupo van Zutphen een beneficium te
verschaffen, welk bevel hun op 25 Juni ss) gegeven was. Het bestek van deze bijdrage laat niet
toe verder in te gaan op de persoon van bisschop Jan van Arkel 90). Op 14 April 1364 werd hij
gekozen tot bisschop van Luik, waar hij op 1 Juli 1377 overleed, nadat hij op 17 Juni 1363, dus
nog als bisschop van Utrecht, zijn testament gemaakt had 91). De bisschop spreekt in dit
testament over ,,Johan van Re+esteqn, onsen bastaertzoonö en ,,onse bastaert kijnderenö. Hiertoe
behoorde dan Margaretha, genoemd in een oorkonde van 10 Juli 1361 g2). Van haar en de overige
bastaardkinderen van bisschop Jan weten we verder niets, behalve dan van de zoeven genoemde Johan
van Rijnesteijn 92,) van wie het volgende bekend is: Op 10 Juli 1361 92) oorkondt heer Gijsbrecht
van Abcoude, dat Gijsbrecht van Bloemenweerde hem heeft opgedragen ten behoeve van Margaretha van
Arckel, vrouwe van der Eem, ,,dat huus ende hofstad t e R ij n e n s t e ij nö en dat zij er mede
beleend is onder voorwaarde, dat dit goed na haar dood zal komen op ,,]ohanne den bastaart haren
Johans zoon van Arkel, bisschops van Utrechtö. Sterft deze kinderloos, dan zal het komen op
Margriet, zijn zuster, en bij haar eventueel kinderloos overlijden op Robbrecht van Renswoude. Op
17 Juni 1363 gZ) oorkondt Jan, bisschop van Utrecht, dat het goed van Renswoude, wanneer
Robbrecht van Renswoude zonder wettige kinderen mocht sterven, zal komen op Johan van
fleijnesteijn, onsen Cd.w.z. æs bisschops) bastaardzoon. Op 21 April 1366 yö) beleent Hertog
Albrecht vrouwe Margriet, vrouwe van der Eem, met 12 morgen land te Cothen, na haar dood te komen
op Jan van flinenstegn. Op 2 Juli 1373 9j) beleent Johan van Rijnesteijn, ridder, Johan van
Scherpenzeel met het goed ,,Groot Scherpenzeelö. In 1380 (1385) ontvangt hij van Brabant een
betaling van wege de slag bij Basweiler; aan dit stuk hangt zijn zegel gG). In 1380 verhief hij
voor zich het leen van æt huis Grijpensteijn en 7 morgen lands in het kerspel van Tul1 gi).
Tussen 1380-13Y0 stelt de heer van Vianen zijn klachten op tegen de heer van Arkel, en verhaalt
hierin, dat heer Jan van Rijnensteijn zijn dorpen Langebolgerei en Heicoep plat gebrand heeft!
waarbij de kerk van Heicoop met ,,het heilich Sacramentö mede verbrand zijn. Op 29 Aug. 1381 9s)
verkoopt hij aan het kapittel van St. Pieter te Utrecht ,,een goed gelegen ter Horst bij
Dribergenö, en het goed genaamd ,,het wilde Landö, tinsplichtig aan de hof te Doorn. In 1381 99)
is hij in conflict geraakt met betrekking tot het goed ,,dat heer Gerijt van Asperen in sinen
lesten live achterlietö. De heer van Asperen beweerde, dat al het goed dat heer Gerijt van de
heerlijkheid Asperen in leen hield, hem ledig aangekomen is. Heer Jan beweerde op zijn beurt, dat
al dit leen erfleen is ,,ende aen sin en wive bestorven sijn, want si e e n r e c h t e r v e i s
v a n h e e r G e r r i t v o o r sö. Hertog Albrecht doet uitspraak op 26 Juli 1382, waarbij hij
echter de uitspraak over alle geschilpunten weer aan anderen overliet! Korteweg leidt hieruit af
IOO), dat heer Jan dus gehuwd was met een dochter van heer Gerrit van Asperen. Hij zegt: ,,Deze
rechterve kan bezwaarlijk iets anders dan een dochter geweest zijnö. 1 n dÆien dit juist is, dan
moeten wij wel aannemen, dat heer Jan driemaal gehuwd geweest is, zoals wij nog nader zullen
zien. Het blijkt wel, dat heer Jan van de bisschop tenslotte het huis Gripensteijn en alle
tienden die heer Gerijt in leen gehouden had van de bisschop, in leen ontvangen heeft. Zijn
aanspraken moeten dus wel gefundeerd geweest zijn. (c. 1382) 101). Op 14 Juli 1383 draagt hij het
,,dagelix gerichte ende tiende tot Immichusenö over ten behoeve van Claes van der Sevender 108).
Op 17 Juli 1385 wordt heer Johan genoemd tesamen met zijn vrouw Margriete 103). In 1387 nam hij
deel aan de oorlog tussen de hertog van Gelre en koning Karel van Frankrijk. Op roof uit, had
heer Jan omstreeks IÆinksteren 1388 twee kooplieden, burgers van Parijs, die op reis waren naar
Antwerpen, in Henegouwen aangevallen, beroofd, gevankelijk naar zijn kasteel Rinestein en verder
naar Friesland gevoerd en tot het betalen van losgeld gedwongen. Op 15 Febr. 1393 veroorlooft
koning Aarel aan de slachtoffers om beslag te leggen op de goederen van de bisschop van Utrecht
en zijn onderdanen 104). Intussen had heer Jan in 1387 het goed ten Zij11 te Cothen van Johan
Mouwer gekocht ldj), en was hij c. 1388 na dode van zijn tante ltiargaretha, vrouwe van der Eme,
met Rijnesteijn beleend. Op 24 Juli 1389 is hij nog getuige voor de bisschop JOG). In 1391 wordt
de heer van Asperen wederom beleend met de goederen van wijlen heer Gerrit van Asperen 107).
Vermoedelijk is heer Jan bij de bisschop in ongenade gevallen en is hij in Hollandse dienst
overgegaan. Op 2/ Juni 1394 is hij lid van de Raad van hertog Albrecht ioh), in hetzelfde jaar
wordt hij rentmeester van Noordholland rog). Op 1 Nov. 1394 ontvangt hij het baljuw- en
dijkgraafschap van Medemblik 11ö). Eveneens in hetzelfde jaar waren Willem van IJzendoorn en Jan
van Rijnestein, ridders, door hertog Albrecht belast met het sluiten van een huwelijkscontract
tussen hem (Albrecht) en de oudste dochter van graaf Adolph van Cleve ril). Op 31 Dec. 1395
ontvangt hij het baljuw- en rentmeesterschap van Amstelland, Waterland en de Zeevang 112). In het
begin van dit jaar had hij de heer van Coevorden gesteund in zijn strijd tegen de bisschop van
Utrecht i13), In Juli 1396 voerde hij (heer Jan) krijg tegen Hendrik, heer van Vianen, en de heer
uten Goye, burggraaf van Utrecht. Deze laatste riep de hulp in van de stad en van de bisschop.
Heer Jan werd op zijn slot Rijnestein belegerdrlÆ), in Augustus 1396 tot overgave gedwongen. Lijn
slot werd verwoest en hij zelf werd als gevangene naar Utrecht meegevoerd en tegen een losprijs
later weer vrijgelaten. Dit alles schijnt hem de ongenade van de graaf van Holland op de hals
gehaald te hebben, weshalve heer Jan maar in Gelderse dienst overging! Op 16 Juli 1398 is hij als
Raad van de hertog van Gelre aanwezig bij diens vredesverdrag met Jan van Beyeren, elect van
Luik. Voor alle schade en verliezen die hij (Jan) in dienst van de hertog geleden had, beleende
deze hem met ,,onse hues ende borgh geheiten Monsfort (= Mont- . fort), dat her Reijnart van
Schonenvorst te hebben plach". Op latere leeftijd schijnt hij naar een verzoening ge- streefd te
hebben, zowel met de bisschop als met de graaf van holland. Na de verzoening ontving hij zijn
huis Rijnestein, dat door Sweder van Vianen weer opgebouwd was, terug. Van de graaf van Holland
ontvangt hij op 30 Aug. 1412 een vrijgeleide voor een jaar voor hem zelf en vier knechten 116).
,,Op 27 Juli 1413 gaff mijn heer (d.i. de graaf) geleijde om bede wil des bisschops van Utrecht
(!) heren Jan van Rijnensteijn ende sinen wive, hoir leven lanc duerende of daerenbinnen een
vierde1 jairs na mijns heren wedersegghen, veijlich in sinen Bande ende stede van Arkel te wesen,
voir stade ende oude sculde die hem ijemant eijsschen mocht etc. ö 117). Op 31 Juli 1413 wordt
hij voor het laatst genoemd Iils). Korteweg meent, zoals wij zagen, dat heer Jan gehuwd is
geweest met een dochter van heer Gerrit van Asperen. De bij de he er Korteweg bestaande zekerheid
hieromtrent delen wij niet, wij zien hier enkel een kleine mogelijkheid. Heer lan huwde
vervolgens(?) met Lufgart, dochter van heer Gijsbrecht van Sterckenburg, die hij op Vigilia Lucie
13/8 lijftocht 119). Op 22 Dec. 1394 æQO) wordt heer Jan vermeld als gehuwd met de zuster van
Elyaes van Amerongen. Op 27 Juli 1413 ontvangt zij met haar man vrijgeleide. Uit een oorkonde van
17 Juli 1385 blijkt dat haar voornaam Margriete was 121). Op 29 Sept. 1407 was Daem Taetse reeds
beleend met ,,de huusinge en hofstede te Rinensteijn, gelijc als heren Jans van fiinensteijn te
wezen plachö. Daem was een zoon van Ernst Taefs, die in 1385 voogd was over Elyas van Amerongen
en zijn zuster Alijd. Wij troffen geen enkele akte aan waarin kinderen van heer Jan en zijn twee
of drie echtgen genoemd worden.

Heeft u aanvullingen, correcties of vragen met betrekking tot Jan Arkel van de Lede?
De auteur van deze publicatie hoort het graag van u!


Tijdbalk Jan Arkel van de Lede

  Deze functionaliteit is alleen beschikbaar voor browsers met Javascript ondersteuning.
Klik op de namen voor meer informatie. Gebruikte symbolen: grootouders grootouders   ouders ouders   broers-zussen broers/zussen   kinderen kinderen

Over de familienaam Arkel van de Lede


Historische context




Bron: Wikipedia




    

De publicatie Stamboom Dullemen is samengesteld door (neem contact op).
Wilt u bij het overnemen van gegevens uit deze stamboom alstublieft een verwijzing naar de herkomst opnemen:
Ton Deunhouwer, "Stamboom Dullemen", database, Genealogie Online (https://www.genealogieonline.nl/stamboom-dullemen/I12390.php : benaderd 28 juli 2021), "Jan Arkel van de Lede (± 1320-1377)".