Hij is getrouwd met Dirkje van Kouwenhoven.
Zij zijn getrouwd op 22 december 1852, hij was toen 26 jaar oud.Bron 1
Kind(eren):
Teunis Huibert de Mos, geboren 08-09-1826 (akte 1384) en overleden op 05-10-1860 (oud 34 jr., visser, akteplaats Den Burg, Texel. Verdronken op Texel, vermeld op het vissersmonument te Scheveningen). Hij huwde op 22-12-1852 met Dirkje van Kouwenhoven, getuige o.a. Leenderd de Mos, oud 30 jr., verkoper. Zijn moeder heet in deze aktes Cornelia Pronk (met een "c"). In de aktes van zijn zuster Jobje de Mos (1828-1897) heet hun moeder Kornelia Pronk. Teunis Huibert heeft 5 jaar gediend bij de Infantererie. Hij verklaarde op het Certificaat der Nationale Militie "niet te kunnen schrijven", zijn kenmerken daarbij zijn: neus: groot, ogen: blauw. Bij hun huwelijk in 1852 overleggen beiden een bewijs van onvermogen.
Bron www.vissersnamenmonumentscheveningen.nl:
NB. Op 7 oktober kwam er van Texel het bericht dat daar op de Eijerlandsche gronden een Scheveningse haringschuit was gestrand. In het vooronder van het schip bleken zich vier lijken te bevinden. Het vermoeden bestond dat de schuit Johanna Gébel was overzeild waarbij nog vier andere, zich aan dek bevindende vissers, hun dood in de golven hadden gevonden. Daarnaast had het ook gestormd in die dagen waarbij de schuit over de banken bij de Eijerlandsche gronden kon zijn geslagen. Met uitzondering van de zoon van stuurman Pieter Korving waren alle schepelingen vaders van huisgezinnen. Tweeëntwintig kinderen verloren daarbij hun vaders. Scheveninger Albert Mos schoot met dit drama de rederes Gébel, te hulp. Hij vertrok nog op de dag van het bericht met een pink van stuurman A. Kuiper naar Texel om de gevonden lichamen voor het begraven te identificeren. Daarnaast zouden Mos en Kuiper de staat van het schip inspecteren of het mogelijk zou zijn om het schip naar Scheveningen terug te halen.
Mos vond de staat van het vaartuig te slecht om deze terug te halen naar Scheveningen. De pink vertoonde verscheidene gaten in de boeg en langsscheeps zaten meerdere barsten, zo zwaar had het vaartuig tijdens de vermoedelijke aanvaring en stranding geleden. Goederen die niet konden worden meegenomen werden aan de plaatselijke strandvonder toevertrouwd. In januari 1861 kreeg rederes E. Gébel ƒ 1200,00 van het verzekeringfonds uitgekeerd voor het verlies van haar visserspink. In juli bracht de verkoop van de opgeslagen goederen nog ƒ 655,00 op.
* Willem- en Simon Dijkhuizen zijn broers
* Arie van der Keijl was geboren te Katwijk maar woonde sinds kort op Scheveningen
* Pieter- en Job Korving zijn vader en zoon
grootouders
ouders
broers/zussen
kinderen
Teunis Huibert de Mos | ||||||||||||||||||||||||||||||||||||
1852 | ||||||||||||||||||||||||||||||||||||
Dirkje van Kouwenhoven | ||||||||||||||||||||||||||||||||||||