Albert de Mos (geb. 28-07-1835 en overleden op 25-01-1861 te Oegstgeest, oud 25 jr., wonende in den Haag, ongehuwd, akte 9 Oegstgeest + akte 288 den Haag). Albert was marinier, heeft op 5 juli 1853 (oud bijna 18 jr.) in het garnizoen te Leiden de eed afgelegd (zie akte + zijn handtekening). Bij vonnis dd. 8 februari 1858 is hij o.a. veroordeeld voor: "...het bestelen van een kamaraad van eene onderbroek..." en krijgt: "...tot de straf van den kruiwagen den tijd van drie jaren".
NB. Drie jaar na dit vonnis uit febr. 1858 en 2 weken voor afloop van de "kruiwagenstraf" overlijdt Albert de Mos te Oegstgeest in het Het Huis van Militaire Detentie. Hier werden alle tot militaire detentie veroordeelden voor de tijd van meer dan 1 jaar ondergebracht. Ingevolge de wet van 3 januari 1384 (Stbl. 3), die op 1 september 1886 werd ingevoerd, werd de aparte positie van het Huis van Militaire Detentie opgeheven, en sindsdien ondergaan veroordeelde militairen hun straf, geheel gelijk aan de burgers, in een van de strafgevangenissen.
grootouders
ouders
broers/zussen
kinderen
De getoonde gegevens hebben geen bronnen.