Een mandenmaker of mandenvlechter is een ambachtsman die voor zijn hobby of beroep manden vlecht. Een mandenvlechter is een handwerkman die manden en ander vlechtwerk vervaardigt uit allerlei natuurlijke materialen zoals wilg, rotan, stro, rietstengels enz. In de westerse wereld is het een oud ambacht, dat enkel nog als hobby wordt beoefend en gedemonstreerd. Het vlechtwerk in de handel is allemaal geïmporteerd uit lage loonlanden. Vlechtwerk is zoals alle handvaardigheden erg arbeidsintensief en weinig concurrentieel met moderne materialen. Waar het vroeger een noodzakelijk gebruiksvoorwerp was in huis, landbouw en visserij maar ook in de industrie is het momenteel eerder huisopsmuk en van decoratieve aard. Enkel in de ontwikkelingslanden behoudt het zijn oorspronkelijke functie. Het materiaal waar hier in de lage landen traditioneel mee gevlochten werd is de éénjarige scheut van de wilg (Salix), die overigens ook wel de wis wordt genoemd.
In de Ardennen werd ook wel hazelaar gebruikt. Hier wordt een heel andere techniek voor gebezigd en werd meestal slechts toegepast voor eigen gebruik.
Hij is getrouwd met Johanna Maria Severin.
Zij zijn getrouwd op 3 oktober 1851 te Culemborg, Gelderland, NL, hij was toen 26 jaar oud.Bron 2
grootouders
ouders
broers/zussen
kinderen
Johannes de Jong | ||||||||||
1851 | ||||||||||
Johanna Maria Severin | ||||||||||