Vernoemd naar grootvader Adriaen, de vader van zijn moeder.
Adriaen Cornelisz komt voor in het kohier Hoofdgeld Noordwijkerhout 1623 genoemd bij het gezin (bron: RAL SA 4023).
"Vertrokken naar buitenland" ca 1640.
Gesteund in manuscript "Woninge" van zijn neef Cornelis van Alkemade #1210 vinden we onder "Gecesseerde en Uittertijd zijnde Brieven en Bewijsen" Nr 3: "Een Mandament vanden Hove van Holland, bij welke Adriaan Cornelisz vertoont heeft, dat hij met trouw.beloften verbonden was aan Engeltge Cornelisdr en dat zij capterende zijne absentie buijten s'Lands, haar andermaal verbonden had met Cors Cornelisz en twee proclamatien tot Voorhout had doen gaan, en dat hij de 3e had geschut, om zijne redenen van oppositie ten eersten Regtdage in te brengen, en dat in dese Zaak zoo precipitant geprocedeert was, etc. Voorts mede dat Mr Quirijn vander Maas, Balliu van Lis ter zelver zaak, hangende dese Appellatie hem had gearresteert als of hij crimineel gepocceert hadde, etc. den 25 September 1642 (bron: RAL LB 5040, zie afb. diversen 2407).
Op 25 mei 1643 leggen Adriaen Corn van Alkemade ca 29 jaar en Huijbert Bouwensz 52 jr, een verklaring af op verzoek van Willem Sijmonsz anders gezeit Willem Huijch. Het betreft een gebeurtenis met Joachim Leendertsz, kleermaker te Noordwijk. Getuigen: Engel Adriaensz (#4095), schipper en Willem Pietersz Roetselaer (bron: RAL ona Noordwijk 6276, acte 57).
Op 21 mei 1647 koopt Adriaen Cornelisz Outge van Jacob Jacobsz van Holst 3 morgen 3 hond 10 roe land genaamd de Domwey gelegen aan de zuidzijde van de Breloffterweg, belend N en NO dezelfde weg, Z of ZO Symon Willemsz Casteleyn en ZW en NW de Grafelijkheids wildernis, alles volgens de oude brieven, voor 1950 gulden contant (bron: RAL ora N 174, fol. 97).
Adriaen Cornelisz Outge overleed op 30-09-1647 aan zijn verwondingen die hij had opgelopen bij een ruzie met Pieter Pieter Stevens op 21-07-1647 in herberg De Roscam te Noordwijk. Pieter had hem een tinnen tapkan naar zijn hoofd gegooid, ze hadden beiden hun mes getrokken en Pieter had Adriaen een wond van een handbreed aan zijn zijde toegebracht (te lezen in ORA N'wijk 21, niet genummerd). De eis tegen Pieter was terechtstelling met het zwaard en verbeurte van zijn goederen. Het vonnis ben ik nog niet tegengekomen, wel een verzoek van Pieter om de zaak te schikken omdat volgens hem Adriaen niet door de kwetsuur was overleden die hij hem had toegebracht. Dat is misschien gelukt want in juli 1651 wordt hij nog vermeld als kerkmeester van Voorhout. Maar Adriaen bleef dood.... (bron: e-mail 12-3-2015 Frans Angevaare).
grootouders
ouders
broers/zussen
kinderen
Angevaare, Frans, Noordwijk