Op het Kamperzand buiten de Ketelmond zaten gisteren nog twee schepen aan den grond en het ijs bekneld, die de noodvlag in top hadden.
De "Baron Rengers" uit Kampen, die nu reeds drie schepen en een stoombootje daar gehaald heeft en naar Kampen gesleept, zal nu trachten deze schepen ook te krijgen. Het is een schip met hooi, van G. de Vries, uit Zwartsluis, waar o.a. nog een kindje van enkele weken aan boord is, en een beurtschip van Assen op Amsterdam.
De gezagvoerder van de "Rengers" deelde mede, dat het niet gemakkelijk ging, bij deze schepen te komen. Men hoopt nu de opvarende van deze schepen over te nemen en naar Kampen te kunnen brengen.
Ook zitten twee visschschuiten vast in het ijs, door de visschers verlaaten.
Provinciale Drentsche en Asser Courant 26 januari 1907
Uit Kampen meldt men aan de Zwolsche Courant:
Nadat gistermiddag de stoomboot "Baron Rengers" van de buiten den Ketelmond aan den grond zittende vaartuigen een tweetal, met de sleepboot "Simson" , die ook aan de grond zat, had binnengesleept, is de "Rengers" een paar uur later opnieuw naar zee gestoomd, om te trachten de andere 3 vaartuigen vlot te krijgen, zijnde het beurtschip van Assen op Amsterdam, een schip met hooi van G. de Vries en een met koemest van J. v.d Stouwe, beide van Zwartsluis. Het plan was om zooveel noodig van de lading mest over boord te werpen; eenig werkvolk was daartoe van hier met de "Rengers" meegegaan. De "Rengers" was hedenmiddag met één mestschip in den Ketel; de beide anderen waren niet te benaderen.
Provinciale Overijsselsche en Zwolsche Courant 29 januari 1907
Kampen, 28 Jan. Zaterdag avond zijn de stoombooten Baron Rengers van Gebr. De Groot en de Simson, kapt. Sterken, dien morgen van hier vertrokken om nogmaals te beproeven de buiten den Ketelmond in het ijs zittende vaartuigen los te krijgen, hier teruggekeerd, zonder haar doel bereikt te hebben. In den ketel was het ijs hier en daar zoo hoog opgestapeld, dat het onmogelijk was zich er door te werken.
De vrouw en het kindje van schipper G. de Vries zijn dien middag door den jager G. Spanhaak met een punter van boord gehaald, waarna ze per rijtuig van den Ketel eerst naar hier en vervolgens naar de familie te Zwartsluis gebracht zijn.
De heer G. de Groot, die aangenomen had de vaartuigen hier binnen te brengen, gaf echter den moed niet op. De Rengers stoomde gistermorgen 7 uur weer naar zee; de heer G. de Groot ging nu met een 25-tal flinke mannen aan boord, die hij voor dat werk had aangenomen. Met zeer veel moeite wist de Rengers dan voor- dan achterwaarts stoomende en met krachtige hulp van al die mannen en het eigen personeel, zich eindelijk door de groote massa ijs heen te werken en buiten den Ketel te komen.
Ook heeft het ontzaglijk veel moeite gekost de schepen te bereiken, daar deze door stapels ijs waren ingesloten. Toch slaagde men en kreeg men de beide vaartuigen tegen den avond in den Ketel.
Van morgen 10 uur sleepte de Rengers hier binnen het Asser beurtschip en stoomde dadelijk weer naar den Ketel om het schip met hooi en ook dat met koemest van schipper J. v.d. Stouwe naar hier te brengen.
Catharina Johanna. (Harlingen, 15 October.) Heden kwam alhier binnen de "Catharina Johanna", schipper De Vries, thuis behoorende te Zwartsluis, met kunstmest van Luik naar Groningen bestemd. Het schip had op de Waard bij Workum aan den grond gezeten en werd met adsistentie van Hindelooper visschers vlot gebracht.
Voor den kantonrechter te Zwolle heeft gisteren terecht gestaan de 48-jarige schipper G. de Vries, wonende te Zwartsluis, ter zake, dat hij als schipper van een zeilschip, dat in Nederland thuis behoort, met zoon en dochter een reis naar Duitschland en Denemarken heeft gemaakt, zonder voorzien te zijn van een certificaat van deugdelijkheid van het schip.
De adjunct-inspecteur van de scheepvaart de heer J. Bourhave, uit Groningen, verklaarde, dat het schip niet zeewaardig was en waarschijnlijk, als tijdens de reis een storm was opgestoken, zou zijn vergaan.
Beklaagde zeide, een groot gezin te hebben en geen vrachten voor de binnenvaart te hebben kunnen krijgen.
Wegens overtreding van artikel 2 van de Schepenwet werd beklaagde veroordeeld tot 14 dagen hechtenis voorwaardelijk, met een proeftijd van 2 jaar.
Nieuwsblad van Friesland 23 januari 1925
Kantongerecht Zwolle
Varen zonder certificaat van deugdelijkheid van het schip.
Goed bloed verloochent zich nooit. Onze voorvaderen trokken er met drie zeilschepen op uit, om rond de Kaap de Goede Hoop Indië te bereiken. Zij kwamer er best, met hun doodgewone scheepjes, al duurde het wat lang. "Het water is ons element, de zee is onze glorie!" In dien goeden ouden tijd was echter niet alles en alles door wetten gebonden. Wie heeft er ooit van gehoord dat Columbus voor de Rechtbank moest komen, toen hij terug was van de ontdekking van Amerika, omdat hij zonder goede zeekaarten en andere paparassen gevaren had?
Ook in schipper Gerrit de Vries verloochent zich de oude ondernemingsgeest niet. Hij kon een goede vracht naar Denemarken en Hamburg krijgen, hij ging .... en overtrad de Scheepvaartwet met als gevolg: terechtstaan als beklaagde.
Gerrit de Vries, 48 jaar, schipper op het zeilschop "Catharina Johanna", wonende te Zwartsluis heeft gevaren van Neuss a.d. Rijn naar Rudkjöbing in Denemarken, vandaar tot het innemen van een lading naar Hamburg, vandaar na bevrachting naar Taxa in Denemarken, vandaar met een nieuwe lading naar Kolding, vandaar ter bevrachting naar Stobystrand, en vandaar met een lading naar Bonn aan den Rijn. Hem werd nu ten laste gelegd: "terzake van het als een schipper met een schip, dat in Nederland thuis behoort, daarmede een reis voortzetten zonder dat een geldig certificaat van deugdelijkheid overeenkomstig de Schepenwet voor dat schip is afgegeven."
Een beklaagde, maar een kerel met pit in z'n body.
Kantonrechter: Wat u gedaan heeft, was levensgevaarlijk.
De Vries: Ik voer langs de kantjes.
Ambtenaar O.M.: Jawel maar als een kleine storm was opgezet, was u weg geweest.
De Vries: Ik ben op het schip geboren en getogen en men doet wat als de nood dringt. Ik kon voor de binnenvaart geen vracht krijgen, wel naar Denemarken, dus nam ik die.
Rechter: Dat u ging, was uw zaak, maar u had uw zoon en dochter aan boord. U schijnt niet bang te zijn.
De Vries: Gelukkig niet.
Ambtenaar O.M.: U had geen zeekaart, terwijl het op de Duitsche kust zeer gevaarlijk is.
De Vries: Meneer, of je nu vaart tusschen de Hollandsche of Duitsche Wadden, dat is gelijk. Op de gevaarlijke punten had ik een loods.
Kantonrechter: U heeft alle mogelijke wetten overtreden. Er staat op wat u deed geen geldboete, alleen hechtenisstraf. Zelfs tot één jaar gevangenisstraf maximum.
De Vries: Ik heb overal gevaren: in Holland, op de Zeeuwsche Stroomen, in België, overal.
Johan Boerhave adjunct-inspecteur van de Scheepvaart, te Groningen, wordt gevraagd, of beklaagde voor zijn schip een certificaat van deugdelijkheid kan krijgen.
Getuige: Het zal niet gaan.
Ambtenaar O.M.: Is het schip dus niet zeewaardig?
Getuige: Neen.
Ambtenaar O.M.: Zou het bij stormweer op de Noord- of Oostzee naar den kelder gaan?
Getuige: Ja.
De Vries: Ik ben 48 jaar en de loods aan boord was ook al op leeftijd.
Rechter: U waagde het leven van uw zoon en dochter.
De Vries: Ze gingen met plezier mee. Een ongeluk kan je overal krijgen, zoowel op de Noordzee als de Zuiderzee. Maar ik ben thans bezig een ander schip te krijgen.
Johan G. van Goor, scheepsbouwer te Zwartsluis, verklaart: Ik ken het schip van De Vries. Het is een goed degelijk schip, dat thans op mijn werf ligt.
Ambtenaar O.M.: Zoo, had u wel als gast mee gewild naar Denemarken?
Van Goor: Jawel.
Kantonrechter: Is beklaagde doende een nieuw schip te krijgen?
Van Goor: Ja, dat wordt gebouwd onder toezicht van de scheepvaart-inspectie.
Ambtenaar: Wegens overtreding van artikel 2 van de Schepenwet vraag ik 14 dagen hechtenis voorwaardelijk met een proeftijd van 2 jaar.
Kantonrechter: Al is het schip goed en de beklaagde een goed schipper, al kan het hem niet veel schelen omdat hij al 48 jaar is, en al is de oude loods ook al een heel stuk op weg, daarom is toch wat beklaagde deed strafbaar. Ik vraag 14 dagen hechtenis voorwaardelijk met een proeftijd van een jaar.
De Vries: Ik moest wel wat doen. Ik heb een huishouding met 6 kinderen, waarvan één op school gaat.
idem 1909
Hij is getrouwd met Katharina Johanna de Vries.
Zij zijn getrouwd op 8 februari 1906 te Zwartsluis, hij was toen 29 jaar oud.Bron 9
Kind(eren):
grootouders
ouders
broers/zussen
kinderen
Gerrit de Vries | |||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
1906 | |||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
Katharina Johanna de Vries | |||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
Het Nieuws van den Dag; Kleine Courant 26 januari 1907
Algemeen Handelsblad 16 oktober 1913
Nieuwe Rotterdamsche Courant 23 januari 1925
BS Zwartsluis 1906 geb. akte 71
BS Zwartsluis 1911 geb. akte 25
BS Zwartsluis 1960 ovl. akte 21
HVZ registratie begraafplaats Cingel
BS Zwartsluis 1906 huw. akte 2