Kantongerecht te Zwolle.
Riekent Jongman, mattenmaker te Zwartsluis, ter zake het in de maand Maart zoeken naar eieren van waterwild op eens anders grond, zonder te zijn in gezelschap van den eigenaar of rechthebbende en zonder diens schriftelijke vergunning, tot f 3 of 3 dagen hechtenis.
Drang tot evangelieprediking.
Te Zwartsluis voelen de kruidenier Snippe en de mattenfabrikant Jonkman met hun vrouwen, zich geroepen het Evangelie te verkondigen. Beiden hebben hun affaires van de hand gedaan, en zullen 'n Evangelisatieschip koopen om daarmee de wijde wereld in te gaan.
Zij willen 't Evangelie verkondigen, vooral de Vredesgedachte en door het verkoopen van tractaatjes in hun levensonderhoud trachten te voorzien. De vorige week hebben ze elkaar in een sloot door onderdompeling gedoopt.
Als men hoort wat de menschen in Zwartsluis die beide gezinnen - Snippe heeft een zoon en Jonkman vier kinderen - aandoen, er zijn ketelmuzieksérenades gebracht, als Snippe en Jonkman zitten te bidden, wordt het raam opgeschoven en onder 't raam doorgeschreeuwd, dan zou men zoo zeggen, dat zij in Zwartsluis zelf een dankbaar terrein kunnen vinden om het Evangelie van liefde en verdraagzaamheid te prediken, schrijft het Z.N. en A. B.
Jonkman en Snippe zijn van den Gereformeerde godsdienst, maar deze stap wordt hun door andere geloovigen zoo kwalijk genomen, dat de menschen een zuur leven hebben.
De profeet Orsel.
Men schrijft ons uit Arnhem:
In aansluiting met couranten-berichten, welke gewijd zijn aan den nieuwen profeet Orsel, leider van "de gemeente der Heeren", is het, wellicht ook ter voorlichting aan zijn vele volgelingen in het Noorden van het land, nuttig om iets uit het verledene mee te deelen. Orsel is thans de man, die, naar het heet, wonderbaarlijke genezingen verricht door zalving en gebed, hij bewoont het bijbelschip Immanuel, dat gevolgd wordt door twee woonschepen, waarin zich leden van de gemeente des Heeren hebben gevestigd, maar dat is alles van den jongsten tijd.
Orsel is niet maar opeens profeet geworden en wanneer men hoort hoe zijn levenswandel was en is, wekt het wel eenige verwondering, dat hij het zoover in de wereld gebracht heeft.
Van een zijde, welke wij als volkomen betrouwbaar beschouwen, vernamen wij over Orsel het volgende:
Oorspronkelijk heeft de tegenwoordige profeet in het Noorden gewerkt als schippersknecht en als veenarbeider. Later is hij op de Ned. Rubberfabrieken te Veendam gekomen en daar ontplooide hij ook zijn redenaarstalent. Hij beschikt over een groote hoeveelheid bijbelkennis, vertelde onze zegsman en hij kan preeken als de beste dominee. In Veendam werd hij ook muzikant bij het muziekcorps van het Leger des Heils. Het viel echter op, dat hij zich tegenover vrouwen en meisjes dikwijls als Don Juan gedroeg tot ergenis van bezoekers van de samenkomsten van het Leger des Heils. Op een avond, kort voor den aanvang van een Leger-samenkomst, werd door twee geregelde bezoekers, die Orsel een tijdlang nagingen, geconstateerd, dat zijn gedrag moeilijk te rijmen viel met dat van een waardig lid van het Leger des Heils.
Orsel werd op de verklaring van die beide personen welke ter kennis was gebracht van den bevelvoerende officier, gewezen en het gevolg was, dat hij zijn plaats in het muziekcorps verliet en het Leger des Heils nooit meer iets van zijn bestaan liet weten.
Na de verplaatsing van de Ned. Rubberfabrieken kwam Orsel te Heveadorp (Doorwerth), waar hij niet naliet in gesprekken met veel bijbelteksten te werken. Hij vormde een kleinen vriendenkring en werd na eenigen tijd geïntroduceerd bij de leden van de zangvereeniging "De Vredesbazuin" te Arnhem. Deze vereeniging bestaat nu niet meer; Orsel maakte er juist kennis mee in den tijd, dat het aantal leden afnam en de vereeniging haar dirigent door vertrek naar elders kwijt raakte. Er scheen hem veel aan gelegen te zijn om hier een vasten voet te krijgen. Blakende van liefde voor het evangeliewerk verscheen hij dikwijls in Arnhem op samenkomsten van de leden en hun vrouwen. Zijn redenaarstalent maakte indruk, maar het viel al spoedig op, dat hij zich meer dan passend was met vrouwen bemoeide. Een der leden meende dan ook, dat het noodig was Orsel in de gaten te houden. Anderen liepen echter zoo met hem weg, dat zij van wantrouwen niet wilden hooren. Toch was daar reden voor, want na eenigen tijd ging Orsel, die zelf gehuwd is en een groot gezin heeft, met een getrouwde vrouw samenwonen, zonder zich verder iets van vrouw en kinderen aan te trekken. Hij bleef een tijdlang in Arnhem, waar hij reeds voor zijn bovennatuurlijke geneesmethode propaganda maakte. Wanneer hij met de bovenbedoelde vrouw uit Arnhem verdween, wist onze zegsman niet precies. Vast staat, dat hij op een goeden dag weer opdook in Zwartsluis, waar hij een fabrikant van rietmeubelen er toe bracht om zijn zaak te verkoopen. Het geld werd besteed voor evangelisatiewerk en den aankoop van het bijbelschip Immanuel, dat nu het verblijf werd van den profeet Orsel.
Het te Heveadorp achtergelaten gezin van Orsel staat zeer gunstig bekend; een der zoons te Ede werkzaam, twee kinderen werken op de Rubberfabrieken, een dochter is officier van het Leger des Heils, waar bij ook de moeder is aangesloten.
(1) Hij is getrouwd met Rika Borrel.
Zij zijn getrouwd op 26 mei 1900 te Zwartsluis, hij was toen 28 jaar oud.Bron 1
Kind(eren):
(2) Hij is getrouwd met Henderika Snippe.
Zij zijn getrouwd op 6 maart 1920 te Zwartsluis, hij was toen 47 jaar oud.Bron 1
grootouders
ouders
broers/zussen
kinderen
Riekent Jongman | ||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
(1) 1900 | ||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
Rika Borrel | ||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
(2) 1920 | ||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
Henderika Snippe | ||||||||||||||||||||||||||||||||||||||