Hij is getrouwd met Elia Elisabeth Podt.
Ze zijn in de kerk getrouwd op 11 april 1756 te Deventer, hij was toen 30 jaar oud.
Elia Elisabeth, ged. Deventer 24 Mrt. 1716, f 31 Aug. 1793, begr. Deventer Lebuiuuskerk 4 Sept., huwt 1®. Deventer Fransche kerk 3 Dec. 1741 (ondertr. 18 Nov.) Gerrit Verhoef, ged. Deventer 17 Juli 1708, begr. aldaar Lebuinuskerk 24 Nov. 1744, ingescheven Deventer Athenaeum 22 Aug. 1764, kapitein regiment Mulert, zoon van kolonel JoanVerhoef en van Agneta van Suc.htelen ; zij huwt 2®. Deventer Fransche kerk 11 Apr. 1756 (ondertr. 27 Mrt.) Jacob van de Graaff I. Tj. D., ged. Harderwijk 6 Dec. 1726, begr. Deventer Lebuinuskerk 1 Sept. 1797, ingeschreven als student te Harderwijk 16 Apr. 1741 en 14 Mrt. 1746, kleinburger van Deventer, 3 Dec. 1740, grootburger 6 Feb. 1769, gemeensman voor de Assenstr. 1744—20 Sept. 1787
(toen ontslagen), ontvanger-generaal van Twenthe, zoon van Jacob Winter van de Graaff en van Reinera Geertruid Persoon.
Bron: https://www.knggw.nl/wp-content/leeuw/1930-103-223.pdf
Den 11 junij 1790 ontvangen van mr. Jacob van de Graaf, te Deventer woonachtig, 24 guldens, in voldoeninge van den 50e penning,
1e van een capitaal van 800 guldens, ten laste van Willem van der Meij en zijne huijsvrouw Maria Janssen Francken, ten behoeve van wijlen Gerhard Podt en Sara Alida Eekhout, echtelieden, volgens acte van den 13 meij 1769 gevestigd in het erve den Roskam, met de daar onder gehoorende landerijen, in het dorp Gorssel gelegen, en
2e van een capitaal van 400 guldens, ten laste van Albert van der Meij, ten behoeve, als vooren volgens acte van den 9 augustus 1783 gevestigd in twee stukken bouwland, het eene de Bijle, en het andere de Muijten Eerde genaamd, in den Gorsselschen Enk gesitueerd, door het overlijden van Rijkmanna Christina Podt, weduwe Dapper, op zijne ehevrouw Elia Elizabeth Podt, des overleedenes eenige zuster, ab intestato vervallen, en op den 12 meij 1790 ter Camere van haar edele mogende de heeren gedeputeerden getaxeerd op..................................................................................................f. 24-00-00
Den 16 december 1793 ontvangen van mr. Jacob van de Graaff, 465 guldens-3 stuijvers-4 penningen, in voldoeninge van den 50e penning,
1e van den Hof te Eschede,
2e uijt de rijsweerden, twee drie vierde whaaren,
3e twee en een halve whaar uijt de Borgh,
4e de whaare uijt Ontedinck,
5e het erve de Borgh,
6e het erve Ilbrink,
7e den halfscheid van een stuck uijt Ontendinck,
8e het halve erve Busse, alle onder Gorssel geleegen;
voords een obligatie in capitaal groot acht honderd guldens, ten laste van Willem van der Meij, en zijne huijsvrouw Maria Jansse Franken, in het erve de Roskam, onder Gorssel, den 13 meij 1769;
en eene groot vier honderd guldens, ten laste van Albert van der Meij, in twee stukken bouwland, in den Gorsselschen Enck, op den 9 augustus 1784 gevestigd,
door het overlijden van zijne ehevrouw Elia Elisabeth Podt, op den 31 augustus van dit jaar op den Huize Eschede, onder Gorssel voorgevallen, op hem, als eenige testamentaire ervgenaam in zijne
voornoemde qualiteit, als naamens alle die geene, welke vermeenen mogten, daar toe ab intestato berechtigd te zijn; zijnde zij alle woonachtig in de provincie Overijssel, en den 3 december 1793 ter
Camere van haar edele mogende de heeren gedeputeerden, getaxeerd op ......................f. 465-03-04
16-01-1786, hij wordt genoemd als volmagtiger bij de verkoop van 't Dijkerhof.
De getoonde gegevens hebben geen bronnen.