21.11.1756 FREDERIK CHRISTIAAN, kind van Gerhardus Colenbrander - Johanna Rothuis
Hij is getrouwd met Maria Christina Alida Hissink.
Ze zijn in de kerk getrouwd op 15 juni 1781 te Zutphen, hij was toen 25 jaar oud.
Het echtpaar is eigenaar van 't Eschede en is ook eigenaar van Groterkamp. Na hun overlijden gaat de Groterkamp over naar hun kleinzoon Frederik Christiaan Colenbrander.
Kind(eren):
Zoon van Gerhardus Johannes Colenbrander en Johanna Rothuis. Hij is eigenaar van 't Eschede te Gorssel en woont er in de zomer.
Voor meer informatie zie www.eesterhoek-gorssel.nl
Hij is ook de eigenaar van de helft van 't Groterkamp te Gorssel: Na het overlijden van Jacobus ten Velde hertrouwd Janna Lankhorst met Evert Martens. Die verkopen hun helft van Groterkamp aan Frederik Christiaan Colenbrander. Deze had toen de andere heft al in zijn bezit. “Dat alzo de comparanten (Evert Martens en Janna Lankhorst) zijn eigenaren voor de onafgedeelde helft van de meergedachte erve, met alle aan en onderhorigheden; eigenaar van de onafgedeelde wederhelft zijnde de heer Frederik Christiaan Colenbrander koopman wonende hier ter stede”. Bron: E-mail Albert Elbertse d.d. 14-02-2016.
17 december 1798 - Van Fredrik Christiaan Colenbrander, wonende binnen de stad Zutphen, ƒ 840-00-00 in voldoeninge van den 40en penning van het goed Eschede, bestaande uit de erven vanouds genoemd Borgte en Eschede, met de verdere onder dit parceel opgenoemde landerijen, waarop het heerenhuijs en verder getimmerte, hoven, platagien om het huis, Sterrebosch, allées en bosschen van linden, beuken, eijken en andere boomen, het weijdeland de Pas genoemd, een groote buijtendijksche hooijweerd met vijf en een quart whaare in de één en twintig van de Escheder Rijsweerden, het eijgentlijke erve Eschede, bestaande in huijs, bergh, schaapenschot en oven, hof en boomgaard en verdere landerijen, als de Grote Eester of Schotkamp, den Nieuwenkamp, den Middelstenkamp, den IJsselkamp, in gebruik bij Braamkolk, het Nieuwe Land, in gebruijk bij Jan Op’t Zand, het weijdeland de Maate, de onverdeelde helft in den Sweertsenkamp, en het Hoenderstuk, waarvan de andere helft behoord aan de ervgenaamen van wijlen Mr. J. v.d. Graaf, alles met de akkermaels bosschen, heggen en boomen daar op, om en tegen, de katerstede de Braamkolk, bestaande in huijs, een stuk zaaijland, akkermaalsbosch en hegge, beuken, Telgenboschje en opgaande boomen, 6½ koeweijde in de 41¼ op den Escheder Koeweerd, voorts nog ¼ whaar in de Gorsselsche Weerden, regt van schaapendrift, stemrecht in de Mark van Eschede en Gorssel, Markenrichterschap in de Mark van Eschede, bank en grafstede in de kerk van Gorssel, zijnde het erve Eschede als een zadelleen, voormaels leenroerig geweest aan de gewezen Provincie Gelderland, daarentegen bij dit parceel verkogt de leenkamer met de vasallagien daarbij behoorende. Aangekocht van H. Wenink als lasthebbende van G.E. Podt, Mr. E.H. Greven, Mr. H.W. Greven, A.J. Greven en Ds. W.A.J. Rosendaal, nomine uxoris, F.H. Greven, de vier eerste te Zwolle en de laatste te Dalfsen woonachtig, te zaamen als ervgenaamen ab intestato van vrouw E.E. van de Graaf, gebooren Podt, en den tweeden als leenvolger van dezelve voor ƒ 33300-00-00 en daarenboven aan hooggeld ƒ 300-00-00, dus te zaamen ƒ 33600-00-00 den 25 september 1798 ........................................................................................................................................ ƒ 840-00-00
grootouders
ouders
broers/zussen
kinderen
Frederik Christiaan Colenbrander | ||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
1781 | ||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
Maria Christina Alida Hissink | ||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
De getoonde gegevens hebben geen bronnen.