vader is schipper en niet aanwezig om aangifte te doen
Marijke Posthumus was hierbij getuige.
Jakele Douwes Donema was hierbij getuige.
Melle Ruurds Fenenga was hierbij getuige.
Het schip de Twee Gebroeders, kapitein P. F. Visser, van Stettin naar Zaandijk, is, volgens brief van Delfzyl, van den 16 dezer, in den nacht van den 14 op den 15 dito tusschen Schiermonikoog en Ameland geheel verongelukt; twee dochters van den kapitein zijn daarbij verdronken, doch de kapitein door den hieronder gemelden kapitein Brahms gered en den 16 dito te Delfzyl aangebragt.
De schepen Antina, kapitein H. H. Brahms, van Heiligenhaven naar Holland, en Helena Jacoba, kapitein B. J. Davids, v. Hamburg n. Amsterdam, laatst van Cuxhaven, zijn, volgens brief van Delfzyl van den 16 dito, aldaar binnengeloopen.
[Rotterdamsche Courant 22 november 1836]
grootouders
ouders
broers/zussen
kinderen
Elisabeth Oelriks Visser | ||||||||||||||||||
De getoonde gegevens hebben geen bronnen.