De eerste aanwijzing dat deze Aeldert de familienaam gaat voeren wordt gevonden in de volgende akte: 3 maart 1660 (HBT no.1252) Alen Heymensz Roosa nabuer tot Herwijnen heeft vercoft en opgedragen voor de helfte van vier mergen lants onverscheijden end onverdeijlt met de erven van Govert Ariensz de Jongh inne den gerichte van Hellouw binnen den paelgraeft gelegen tusschen lant van Jasper Geritz oost en Gerardt Falcken west streckende ten zuijden aen lant van willem Jansz cum suis end ten noorden <...> off soo wie en met laste van acht voeten schoordijcks gelegen inne den gerichte van Herwijnen beneden het middel van elk hoeft ende met de helfte van eens thijns van acht gulden jaerlicxs d erven van Govert Ariens de Jongh voorschreven in eenen eygendom erfflick te hebben en te besitten ende comparant voornoemd verteech daer op en hij geloofde en ende ten waervanne den boedel van Arien Meertens en borders van sijnen wegh t onzen lanrecht actum iii martii <1660>
De getoonde gegevens hebben geen bronnen.