Voornaeme Geslachte en Eenvoudige Luyde » Jan TIMMERMAN (± 1605-1673)

Persoonlijke gegevens Jan TIMMERMAN 

Bron 1

Gezin van Jan TIMMERMAN

(1) Hij is getrouwd met Ariaentje Cornelisdr.Bron 3

Zij zijn getrouwd.


Kind(eren):

  1. Aerjaenken Jansdr  1632-????


(2) Hij is getrouwd met Geertje Gerritsdr.

Zij zijn op 24 februari 1636 te Groote Lindt in ondertrouw gegaan.


Kind(eren):

  1. Dirck van DRIEL  ± 1645-???? 


(3) Hij is getrouwd met Maijke van CROONENBURG.Bron 4

Zij zijn getrouwd op 8 oktober 1651 te Heerjansdam.


Kind(eren):

  1. Trijntje van DRIEL  1654-1733 
  2. Jan van DRIEL  1656-1736 
  3. Bastiaan van DRIEL  1658-????
  4. Geertruij van DRIEL  1660-????
  5. Fijgje van DRIEL  1663-????
  6. Mels van DRIEL  1665-???? 


Notities over Jan TIMMERMAN

Jan Dircksz van Driel, huistimmerman, geboren circa 1605 te Kleine-Lindt, overleden 1672-1673 te Kleine-Lindt, weduwnaar wonende in de Linde (Groote Lindt) 1636. Hij testeerde met zijn 2e vrouw Dordrecht 26 febr.1651.
In 1636 werd Jan door mij voor het eerst in de bronnen aangetroffen en wel toen zijn tweede huwelijk in het trouwboek van Heinenoord werd opgetekend. Van Groote Lindt, de plaats waar ondertrouw en trouw geschiedde, is uit die tijd geen trouwregister bewaard gebleven. Jan stond aanvankelijk in de Lindtse
gemeenschap bekend met de toenaam "timmerman", welke dus aan zijn beroep ontleend was. In de zeventiende eeuw treft men in Groote- en Kleine Lindt meerdere ambachtslieden aan, met name timmerlieden en metselaars. Op het eerste gezicht lijkt dit wat vreemd in dergelijke kleine boerengemeenschappen. Waarschijnlijk echter waren deze ambachtslieden werkzaam bij de wederopbouw van het in 1572 door de Spanjaarden verwoeste kasteeltje Develsteyn in Groote Lindt. De toenmalige sloteigenaar Willem van Diemen had zijn behuizing in 1570 om veiligheidsredenen verlaten en na zijn dood verkochten zijn kinderen de ruïne in 1594 aan Willem van Beveren. Nog datzelfde jaar werd begonnen met de opbouw van het kasteeltje en aangenomen mag worden dat toen allerlei ambachtslui werden aangeworven, waarvan sommige wel met hun gezinnen in Groote
Lindt zullen zijn neergestreken.
Zou Jan Dircksz. van Driel tot een dergelijke familie hebben behoord ? Dit
lijkt wel voor de hand te liggen. Aan de opbouw en verfraaiing van het
kasteeltje werd jarenlang -mogelijk met tussenpozen- gewerkt. Zeker nog in de
dertiger jaren van de zeventiende eeuw werd in opdracht van Mr.Cornelis van
Beveren, zoon van de voornoemde Willem, aan het slot gewerkt. Het is mogelijk dat de meeste van de gerecruteerde werklieden uit Dordrecht kwamen, want waar anders zouden de van Beverens- een der voornaamste families in die stad- in de eerste plaats naar geschikte werklieden hebben uitgezien ?
Is het niet opmerkelijk dat juist in die stad de naam van Driel al zeer oud is
en dat juist daar de bakermat lijkt te liggen van al die latere boerengeslachten
op IJsselmonde en in de Hoekse Waard ?
Op 22 maart 1641 kwam Jan Dircxsz. timmerman, wonende in het dorp Groote Lindt, als vader van zijn omtrent 9 jaar oude kind Aerjaenken Jansdr., nagelaten bij zijn huisvrouw Aerjaenken Cornelis., aan de ene zijde, met Arien Heyndrickxen, getrouwd met Janneken Cornelisdr., wonende in Heeroudelandsambacht, als mede-voogd, en zich sterk makende voor de in Ridderkerk wonende Jacob Cornelisz., aan de andere zijde, tot uitkoop van het moederlijk erfdeel van het kind. Jan zou in de boedel blijven zitten en zijn dochter moeten opvoeden enz. tot de leeftijd van 15 jaar en vervolgens dan als moederlijk bewijs 50 gulden aan haar, of bij haar vooroverlijden aan haar erfgenamen, moeten uitkeren.
Het is enigszins opmerkelijk dat deze akte pas vijf jaar na het tweede huwelijk
van Jan werd opgemaakt. Doorgaans werd een dergelijke overeenkomst kort voor het hertrouwen vastgelegd.
Huych Gijsbrechtsz., heemraad van Groote Lindt, transporteerde op 20 februari 1643 omtrent 50 roeden boomgaard en beplanting "aen den kerck wech" aldaar in het dorp Groote Lindt wonende Jan Dirckxssen timmerman. Aan de noordzijde was dit perceel belend aan het schoolhuis en aan de oostkant van de kerk van Groote Lindt. Aan de zuidzijde is 'den bogaert van Jan Cornelissen timmerman als belending genoemd. Deze persoon zou een aangetrouwde oom van Jan kunnen zijn geweest.
Op 26 februari 1651 maakten Jan Diricxs van Driel, huystimmerman, en Geertgen Geerits, echtelieden wonende in de Lint, zij ziek zijnde, te Dordrecht
een mutueel testament. De langstlevende zou voogd zijn over hun gezamenlijke kinderen en deze moeten opvoeden etc. Indien Jan de eerststervende zou zijn, moest zijn weduwe aan zijn voordochter een "cleet" "naer de staet en gelegentheyt van sijnen boedel" geven. Indien zij zonder gezamenlijke kinderen zouden komen te overlijden zou de langstlevende van hen beide 3 Car.gld aan de erfgenamen ab intestato van de eerstgestorvene uitreiken.
Binnen enige maanden zal Geertgen zijn gestorven en nog in datzelfde jaar 1651 vond Jan een nieuwe levensgezellin in het naburige Kleine Lindt.
Gehuwd (1) circa 1630 met Aerjaenken Cornelisdr. Overleden 1632-1636 te Groote Lindt.
Gehuwd voor de kerk (2) op 24-02-1636 te Heinenoord (hervormd / gereformeerd) met Geertken (Geertgen) Gerritsdr. J.d.van Asperen won Heinenoord, overleden 1651-1651 te Groote Lindt.
Gehuwd voor de kerk (3) op 08-10-1651 te Heerjansdam (hervormd / gereformeerd) met Maijke Melsdr.(Melchiorsdr.) Croonenburg (zie 1395). De derde vrouw van Jan Dircksz. van Driel bracht heel wat "opmerkelijk bloed"
in deze familie van ambachtslieden en boeren.
Op 11 juni 1652 bevonden Jan Dircksz. van Driel en Mayken Melsen zich op het slot Develsteyn in de Lindt, alwaar Cornelis van Beveren, ridder, heer van
Strevelshoek, West-IJsselmonde en Kleine Lindt, zetelde. Van Beveren gaf die
dag aan van Driel een buitendijks gelegen erf"naest den opslagh van Develsluys aen de oostsijde van dien" in erfpacht uit. Tevens aan hem "den windt van mijn corenmolen aldaer bij den voornoemde van Driell te stellen ende onderhouden tot zijnen costen ende baeten, sonder dat wij op den voorsegde molen nu noch naermaels, voor althoos, yetwas boven de voorsegde erfpachten sullen pretenderen.
Van Driel zou voor dit alles jaarlijks een bedrag van 24 Carolus guldens
betalen. Als zekerheid voor deze jaarlijkse betaling stelde van Driel zijn huis
op het voornoemde erf, "als oock den voorsegde coren-molen binnendijcx aen ende annex d'oostzijde van de sluys" en zijn tractement als sluiswachter en
gemeenelandstimmerman.
Tevens is nog de volgende passage in deze overeenkomst opgenomen: "ende sal oock de schutskoy alleenlijck met het hout dat daer nu is versetten ter plaetse men hem ordonneren sael buytendijcx". Jan ondertekende de akte als "Jan Dircxsz. van Driell" en zijn vrouw plaatste een handmerkje. Deze overeenkomst zou voor het gerecht van Kleine Lindt gepasseerd worden wanneer de heer van Beveren dit believen zou en niet lang nadien -op 14 juli 1652- had dit metterdaat plaats.
Kennelijk na zijn huwelijk met Mayke Croonenburch vestigde van Driel zich
vanuit Groote Lindt in Kleine Lindt. Hij kreeg aldaar wellicht belangen dank
zij zijn derde vrouw. Een akte van 16 april 1653 te Kleine Lindt spreekt van
"het huys ende erff van Jan Dyrkxsen van Driell, sluiswachter ende
gemennnelandt timmerman" als belending. In een akte van 9 juni 1653 komt een Jan Dirckx voor als belender in Kleine Lindt. Waarschijnlijk betrof ook dit van Driel. Op een openbare verkoping te Kleine Lindt ten behoeve van het weeskind van Bastiaen Leendertsen Bleijcker kocht Jan Dircxz. "twee hoofdkussens" voor 3 gld. en "een kroonmet twee kandelaers met viff lepels" voor 1 gld.10 st.
Het zou kunnen dat van Driel ook een kleine herberg dreef, want op 12 april
1665 was Jan Dircxz.van Driel als eiser gewikkeld in een zaak voor het gerecht te Kleine Lindt tegen de weduwe en erfgenamen van Cleys Damise, van wie hij betaling van 69 gulden en 8 stuivers eiste "over verteerde costen tot sijnen huyse is verteert".
Lenaert Cleysen Schipper, wonende in het ambacht Kleine Lindt, transporteerde op 5 juli 1665 aan Jan Dirccxen van Driel een buitendijks gelegen boomgaard en griend aldaar, hetwelk aan de oostzijde o.a. aan van Driel was belend.
Een akte te Kleine Lindt van 15 november 1666 spreekt van "Jan Dircksen onsen gerechtsbode".
Kennelijk is hij dan ook identiek met de Jan Dircxken als belender te Kleine
Lindt in akten gedateerd 22 april en 12 augustus 1666. De jaarrekening van de
Develpolder van Groote - en Kleine Lindt over het jaar 1669 maakt melding van een betaling van 16 stuivers aan Jan Dircxs timmerman "van arbeytsloon
blijckende bij sijnne declaratie". Hij ondertekende de jaarrekening als "Jan
Dircksz.van Driel".
In de jaren 1669 - 1670 komt van Driel voor als schepen van Kleine Lindt, terwijl hij in 1672 als heemraad van genoemd ambacht vermeld is
gevonden.
Meeuwis Jans Jongeruyter, wonende op Heerjansdam. transporteerde bij akte van 24 februari 1672 aan Jan Dircxs van Driel. "onse mede heemraet", ca 1 1/2 hond weiland "met de voet gestooten int noortendt van den Hoogen Nesse sijnde de twaelff roeden van de Swijndreghsen Waert".
Op 3 april 1672 trad Jan Dircksz.van Driel te Heerjansdam nog op als getuige
bij de doop van zijn kleinzoon Jan Willemsz.(de) Gelder, maar op 4 augustus 1673 bleek hij niet meer in leven te zijn, daar Maycke Melsen, weduwe van Jan Dircks van Driel, wonende op Heerjansdam zich toen borg stelde voor de gebroeders Pieter en Willem Ariens te Kleine Lindt.
De rekening over het jaar 1670 van de Develpolder spreekt reeds van de weduwe van Jan Dircxs van Driel, die geld te vorderen had vanwege door wijlen haar man verrichte werkzaamheden en leverantie. Het is duidelijk dat de afrekening over het jaar 1670 na het overlijden van van Driel moet hebben plaatsgevonden.
Op 12 november 1673 spreekt een akte van de weduwe van Jan Dircxsz.van Driel als belender in het Volgerland van Kijfhoek en op 11 oktober 1674 compareerde de op Develsluys wonende Mayken Melsen Croonenburg, weduwe van Jan Dircxs van Driel, te Dordrecht. Joffrouw Pieternella de Jongh, weduwe van Hugo van Westcappel, wonende te Dordrecht, transporteerde op 12 februari 1675 aan de op Develsluis in het ambacht Kleine Lindt wonende Maeyken Mels Croonenburgh, weduwe van Jan Dircxe van Driel, 1 merge 450 roeden land te Kleine Lindt. De koopceel was op 12 oktober 1674 voor de Dordtse notaris van Neeten opgemaakt en de koopsom bedroeg 700 Car.gld. met nog een "vereeringh" van 25 gld. voor de dochter van de verkoopster.
Mayken Mels, weduwe en boedelhoudster van Jan Dircxs van Driel,wonende op Develsluis onder Kleine Lindt, verklaarde bij akte gedateerd 27 januari 1690
400 Car.gld.schuldig te zijn aan de Dordtse predikant de heer Henricus
Francken. Voor deze geldlening stelde zij als zekerheid een huis met 350 roeden weiland onder het Volgerland van Kijfhoek aan de Develzijde. Deze schuldbrief werd op 26 maart 1712 geroyeerd.
Op laatstgnoemde datum compareerden te Kijfhoek de kinderen en erfgenamen van Jan Dirckse van Driel en Maeycke Melse Kroonenburg zaliger, in hun leven gewoond hebbende te Kleine Lindt, te weten: Leendert van Nes, getrouwd met Trijntie Jans van Driel. Jan Janse van Driel, Geertruy Jans van Driel, weduwe van Willem Franks Benschop, Pieter Kornelesse van de Fijnijert, getrouwd met Fijgie Jans van Driel.
Zij werden geassisteerd met de Heerjansdamse schout Rookes Leenheer, die namens hen een stuk weiland van 1 mergen 150 roeden land in het Volgerland van Kijfhoek aan de Develzijde, dat gemeen lag met 150 roeden van de armen van Heerjansdam en aan de oostzijde belend was aan schout Leenheer, voor 1300 gld. aan de onder de Kleine Lindt wonende Pieter Wouterse op Sluys transporteerde.
Op 27 januari 1706 was hun moeder evenwel nog in leven, want toen werd er voor Bastiaen A.Gelder, weduwnaar van Lijsbet Jans, ten huize van Maeycke Mels op Develsluis een akte door de schout van Kleine Lindt opgemaakt. Deze Bastiaen was wellicht een broer van Mayke's overleden schoonzoon Willem Gelder. Het feit dat er door de schout een akte ten hare huize werd opgemaakt lijkt er ook weer op te wijzen dat van Driel en zijn vrouw een soort herberg hebben gedreven, in elk geval een enigszins openbare gelegenheid.
Maeycken Mels, weduwe van Jan Dircxe van Driel, werd nog in tal van akten vermeld gevonden als belender te Kleine Lindt.

Heeft u aanvullingen, correcties of vragen met betrekking tot Jan TIMMERMAN?
De auteur van deze publicatie hoort het graag van u!


Tijdbalk Jan TIMMERMAN

  Deze functionaliteit is alleen beschikbaar voor browsers met Javascript ondersteuning.
Klik op de namen voor meer informatie. Gebruikte symbolen: grootouders grootouders   ouders ouders   broers-zussen broers/zussen   kinderen kinderen

Voorouders (en nakomelingen) van Jan TIMMERMAN

Dirck Jansz
± 1580-????

Jan TIMMERMAN
± 1605-1673

(1) 
(2) 

Geertje Gerritsdr
± 1610-????

Dirck van DRIEL
± 1645-????
(3) 1651
Jan van DRIEL
1656-1736

Via Snelzoeken kunt u zoeken op naam, voornaam gevolgd door een achternaam. U typt enkele letters in (minimaal 3) en direct verschijnt er een lijst met persoonsnamen binnen deze publicatie. Hoe meer letters u intypt hoe specifieker de resultaten. Klik op een persoonsnaam om naar de pagina van die persoon te gaan.

  • Of u kleine letters of hoofdletters intypt maak niet uit.
  • Wanneer u niet zeker bent over de voornaam of exacte schrijfwijze dan kunt u een sterretje (*) gebruiken. Voorbeeld: "*ornelis de b*r" vindt zowel "cornelis de boer" als "kornelis de buur".
  • Het is niet mogelijk om tekens anders dan het alfabet in te voeren (dus ook geen diacritische tekens als ö en é).

Bronnen

  1. K.J. Slijkerman: Geslachten van het eiland IJsselmonde
  2. geschat
  3. K.J. Slijkerman: Geslachten van het eiland IJsselmonde
  4. K.J. Slijkerman: Geslachten van het eiland IJsselmonde

Historische gebeurtenissen

  • Van 1650 tot 1672 kende Nederland (ookwel Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden) zijn Eerste Stadhouderloze Tijdperk.
  • In het jaar 1651: Bron: Wikipedia
    • 1 januari » Karel II wordt in Scone gekroond tot koning van Schotland.
    • 3 september » Slag bij Worcester - Definitieve overwinning van Cromwell op de koningsgezinden in de Engelse burgeroorlog. Karel II van Engeland ontsnapt en vlucht naar Frankrijk.
    • 29 oktober » Christiaan Huygens schrijft als eerste in de geschiedenis natuurkundige formules op. Deze gaven de correcte theorie voor impuls- en energiebehoud bij botsingen, een verbetering van de botsingswetten van Descartes.
    • 18 november » Johan Lodewijk van Nassau-Ottweiler neemt het regentschap voor zijn broers Gustaaf Adolf van Nassau-Saarbrücken en Walraad van Nassau-Usingen over van hun overleden moeder Anna Amalia van Baden-Durlach.

Over de familienaam TIMMERMAN


Wilt u bij het overnemen van gegevens uit deze stamboom alstublieft een verwijzing naar de herkomst opnemen:
Lucas van Heeren, "Voornaeme Geslachte en Eenvoudige Luyde", database, Genealogie Online (https://www.genealogieonline.nl/genealogie-schapekoppen/I192153.php : benaderd 1 mei 2024), "Jan TIMMERMAN (± 1605-1673)".