Gijbrecht Goijaert Hoppenbrouwers, Willem Goessen Scepens als man van Lijsken en nog Daniel Embert Scepens als man van Lijntken, hebben samen en ieder hoofdelijk beloofd om aan Dirck die Crom die een bedrag van 126 gulden te zullen gaan betalen per a.s. Maria Lichtmisdag zonder rente danwel per a.s. Maria Lichtmisdag over een jaar met een rente tegen de penning zestien. Datum en getuigen als boven.
Er zou een bepaalde ruzie kunnen ontstaan tussen Gijsbert zoon van wijlen Goijaert Hoppenbrouwers als partij ter ener zijde en Willem Goessen Scepens als man van Elisabeth en Daniel Embert Jan Scepens als man van Cathalijn, gezusters en dochters van genoemde Goijaert Hoppenbrouwers, als partij ter andere zijde vanwege een huis met tuin, grond etc. gelegen in herdgang Straten waarin hun vader Goijaert gestorven is en wel voor zover dat bezit leengoed is en niet verder daarin. Door bemiddeling van goede mannen is er nu het volgende afgesproken. Genoemde Gijsbert Goijaert Hoppenbrouwers zal na de dood van diens moeder Jenneken dit bezit krijgen voor zover het leengoed is, en Willem Goessens en Daniel Emmerts krijgen alle opgroeiende houtopstand dat in het weiland groeit genoemd de Breemd, gelegen in het Snepschuet en zij mogen dit hout omhakken naar hun keuze maar ze moeten dit hout wel opruimen binnen een jaar na de dood van genoemde Jenneken. Inzake het geriefhout en de wei van het genoemde perceel dat zullen Gijsbrecht, Willen en Daniel en hun moeder Jenneken samen gebruiken zolang Jeneken in leven is en na de dood van Jenneken mag de grond uit dit weiveld door genoemde Gijsbrecht worden aanvaard, waarvoor Gijsbrecht aan Willem en Daniel een bedrag van 100 gulden eens zal betalen binnen een jaar na de dood van genoemde Jenneken. Indien Gijsbrecht dat bedrag niet op de gestelde termijn betaalt, dan mogen Willem Goessens en Daniel Embrechts deze grond uit de Breempt behouden. Datum 4 oktober 1553, getuigen Lauwer en Michiel Henricks.
Bewerking van het oud rechterlijk archief Oirschot door Jan Toirkens 1553
++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++
Eerder was er een schepenbrief opgesteld en een akkoord gemaakt tussen de kinderen van wijlen Goijaert die Hoppenbrouwer en daarbij was bepaald dat Gijsbert de wettige zoon van genoemde Goijaert de Hoppenbrouwer meteen een nieuw weiland in gebruik zou mogen nemen genoemd de Breemd gelegen in herdgang Straten, en wel direkt na het overlijden van zijn moeder Jenneken, onder voorwaarde dat hij aan Willem Goessen Scepens als man van Elisabet en aan Daneelen Embert Scepens als man Cathelijnen, beide dochters van genoemde Goijaert de Hoppenbrouwer 100 gulden zou betalen. Daarom zijn nu voor ons verschenen genoemde Gijsbert Goijaertsoen de Hoppenbrouwer en deze heeft nu in zijn plaats deze Daneel Embrecht Scepens benoemd teneinde dat deze Daniel na het overlijden van Jenneken deze Breemd in gebruik mag nemen en behouden, onder voorwaarde dat Danel tegen die tijd aan Willem Goossen Scepens 50 gulden zal betalen volgens het eerdere kontrakt daarover. Datum 24 december 1557, getuigen Haecks en Henricks.
Bewerking van het oud rechterlijk archief Oirschot door Jan Toirkens 1557
++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++
Gijsbrecht Hoppenbrouwer | ||||||||||
De getoonde gegevens hebben geen bronnen.