Stamboom Van den Aker, Van Eindhoven, Schepens en Verhoeven » Jan Gerart Alaert Schepens (< 1629-± 1640)

Persoonlijke gegevens Jan Gerart Alaert Schepens 


Gezin van Jan Gerart Alaert Schepens

Hij is getrouwd met Merieken Peter Jansen van den Marerselaer.

Zij zijn getrouwdBron 2


Kind(eren):



Notities over Jan Gerart Alaert Schepens

Jan zoon Henrick Jan van Berse voor wat betreft een helft daarvan, verder Henrick de Leeuw als man van Meriken dochter van wijlen Gerit Alaerts Schepens, voor hemzelf handelend en ook in opdracht van Jan Gerit Alaerts ( Schepens, JT ), Jan Philips Stans, Aert Niclaes Alaerts (=Schepens, JT ), en voor Arien Jan Lamberts als man van Ariaentjen dochter van wijlen Claes Alaert Schepens, zijnde allen erfgenamen van Jan Alaerts ( Schepens ), samen wat betreft de andere helft ervan, verklaren dat Adriaen Goijaert Loijs aan hen een jaarlijkse rente heeft afgelost van 2 gulden, die hij als betalingsverplichting op zich had genomen toen zij aan hem het huis etc., hebben verkocht waarin Adriaen momenteel woont d.d. 27 februari 1610, welke rente betaald diende te worden aan Dingen dochter van Cornelis Wouters, welke rente aflosbaar was met 32 gulden eens en wel overeenkomstig het testament dat wijlen genoemde Jan Alaerts Schepens daarover had gemaakt. Ze geven deze Adriaen Goijaert Loijs daarvoor nu volledig kwijting. Ze beloven hem daarvoor verder altijd te zullen vrijwaren wat betreft het kapitaal en ook de achterstallige rente. Datum 27 januari 1631, getuigen Velde en Francken.
Bewerking van het oud rechterlijk archief Oirschot door Jan Toirkens 1631
++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++

Onder de navolgende voorwaardes heeft Jan Gerit Alaerts Schepens een hofstede verhuurd aan Gerit Peters van Liempde. Het betreft een huis, schuur, schop, varkenskooi, tuin, akkerland, weide en hooilanden, zoals dat tegenwoordig in gebruik is door Henrick Martens van Roij en de verpachter zelf de halve beemd gebruikt genoemd Delsdonk, en de hooibeemd genoemd het Nieuw Erf, gelegen op het Sonderen. De huur loopt voor 12 achtereenvolgende jaaren en kan halverwege de periode worden opgezegd, maar diegene die dat wenst te doen na 6 jaar, moet de ander dat met Kerstmis voorafgaand opzeggen. De huur gaat in wat betreft de tuin, voor 25 roedes, de beemd, het voorste driesken en het achterste weilandje aan de Papenvoort per half maart, wat betreft het huis met het hooiland genoemd de Moost per Pinksteren, rogge leveren en de pachter zal van de totale hoeveelheid in plaats van rogge ook een mud boekweit mogen leveren en 7 lopen gerst en moet elk jaar uiterlijk met Maria Lichtmisdag worden geleverd en voor de eerste keer in het jaar 1634 en zo verder door 12 jaar lang. De pachter moet het koren schoon en gewand opleveren en van de rogge jaarlijks daarvan een mudde in Den Bosch moeten leveren zonder dat hij de vrachtkosten daarvan in mindering op de huursom mag brengen. Verder zal de verpachter jaarlijks in het weiland genoemd de Moost turf mogen steken voor zover hij dat zelf nodig heeft, welke turf de pachter thuis moet brengen ten huize van deze verpachter met het paard van de pachter. Verder is de pachter verplicht om het huis in goede staat van onderhoud te houden wat betreft het dak, vensters etc. en ook moeten zorgen voor onderhoud van wegen en waterlopen. Ook moet de pachter gedurende de huurperiode alle dorpslasten en andere heffingen voor zijn rekening nemen en mag dit niet op de huurprijs in mindering brengen. Partijen beloven over en weer deze huurovereenkomst na te zullen komen. Datum 7 januari 1632, getuigen Nistelroij en Oudenhoven.
Bewerking van het oud rechterlijk archief Oirschot door Jan Toirkens 1632
+++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++

De kinderen van Jan Gerit Alaerts ( Schepens, JT )
Het eerste lot is het grote huis met drie lopenzaad land van de aanstede, b.p. Jan Henricks van Berse. Verder de Hanendonck met een vierde deel van de Moost en een derde deel in de Moost Steegden met het andere vierde deel te delen. Dit lot zal 100 gulden missen in de rentes. Lasten zijn drie gulden aan een bepaald beneficie. Nog aan Henrick leeuwen vanwege het kapittel ca. ... 15 of 16 stuivers.
In marge :
Dit lot is toebedeeld aan Jan Gerits.
Het tweede lot betreft de schuur met een zesterzaad van de aanstede, b.p. Lambert Jans de Bresser, de Eijkakker. Verder nog het vierde deel van de gehele Moostaf te delen van het voorgaande lot. Verder de achterste Papevoort. Verder een rente van 3 gulden van Roelof Aerts, nog een rente van 2 gulden 10 stuivers per jaar te ontvangen van Simon Matheeus van Aelst. Dit deel krijgt 100 gulden minder uit de rentes. Uit dit deel moet jaarlijks 4 gulden worden betaald aan het kapittel en verder zal dit lot samen met het vorige lot bepaalde lasten moeten dragen die hiervoor zijn genoemd.
In marge :
Dit lot is toebedeeld aan dochter Heijlke.
Het derde lot betreft de halve Grote Akker gelegen naast de schout van Kempenland met het vooste driesje of Papevoort. Verder krijgt dit deel een vierde part in de Moest daarachter te delen met het volgende lot. Dit deel krijgt van de anderen 100 gulden. Dit deel is 4 voet breder over de lengte dan de andere helft van de vermelde Groot Akker, langs de schout. Uit dit erfdeel als last te betalen een malder rogge in Den Bosch te leveren en de grondchijns.
In marge :
Dit lot is toebedeeld aan Gerit Janssen.
Het vierde lot krijgt de andere helft van de Groote Akker af te delen met het voorgaande lot van het voorste zesterzaad land met het achterste vierde deel van de genoemde Moest, te delen met het derde lot met de Rouwe Elsinge. Hieruit een malder rogge te betalen in Den Bosch en de grondchijns.
In marge :
Dit lot is toegewezen aan Willem Jans Scepens.
Verder hebben de verdelers afgesproken dat al het opgroeiende hout en geriefhout behalve de fruitbomen die elk op zijn perceel heeft staan en de eikebomen die op hun voorerven staan voor hun huis, dat die door ieder van hen zullen worden behouden, uitgezonderd nog 14 of 15 eikebomen staande tussen de schop en de keuken, die ze wel samen zullen delen.
Datum 21 februari 1639, in aanwezigheid van Jan Stockelmans en Peter Cornelis Francken en Arien Henriks de Cort. ( vreemd is dat deze conceptakte van 21 februari 1639 pas op 24 februari 1640, een jaar later dus werd geprotocolleerd, met andere getuigen-schepenen, de definitieve protocol-versie sluit echter wel volledig aan bij het concept van een jaar eerder, JT. )

(*)
Jan Daems, Dielis Henrick Dielissen, genoemde Heijlken dat ervan is afgedeeld. Verder krijgt hij de helft van een hooibeemd genoemd de Rouw Elsdonck, gelegen in Oirschot herdgang Straten waarvan de andere helft eigendom is van Margriet en Maijken, dochters van Henrik de Leeuw. Verder krijgt hij een kapitaal van 100 gulden te vorderen van Gerart Goossens onze secretaris en nog 100 gulden kapitaal te vorderen van Aert Rutgers de Leest. Uit dit erfdeel moet jaarlijks de grondchijns worden betaald, de helft van 7 Bossche zesters rogge aan de H. Geest in Den Bosch, altijd betaald geweest zijnde na de vermindering, verder de dorpslasten. Verder moet er overpad worden verleend aan diegenen die daar recht op hebben.
Genoemde verdelers beloven elkaar over en weer deze verdeling altijd gestand te zullen doen en indien naderhand zou blijken dat iemands erfdeel minder waard blijkt te zijn of dat er meer lasten op drukken dan nu bekend is, dan zullen ze die meerdere lasten gezamenlijk voor hun rekening nemen, ieder daarin voor een vierde deel. Verder zal ieder de lasten op het eigen erfdeel zodanig betalen dat de erfdelen van de anderen daarvoor gevrijwaard blijven. Datum 24 februari 1640, getuigen Velde en Stockelmans.
De verdelers behouden nog gezamenlijk al het hout zowel bomen als kaphout, behalve de fruitboom die ieder op zijn eigen erf heeft staan ook met het eikehout dat op het voorerf staat. De 15 of 16 eikebomen die tussen de schop en de keuken staan zullen ze gezamenlijk delen. Datum en getuigen als boven.
Verder is afspraak dat ieder het hout op de eigen grond zelf zal behouden, zowel bomen als geriefhout.
Gerart zoon wijlen Jan Geraert Alaerts Scepens verkoopt hierbij een kapitaal van 400 gulden met een rente van 20 gulden die vervalt per komende mei, die de gemeente Oirschot vanwege geleend geld aan hem is verschuldigd conform een schepenbrief van Oirschot. Hij verkoopt dit kapitaal nu aan Jan Gerarts van Cleijnenbreugel en de verkoper belooft alle lasten van zijn kant af te handelen. Datum en getuigen als boven.

Bewerking van het oud rechterlijk archief Oirschot door Jan Toirkens 1640
+++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++

Goijaert en Willem, gebroeders, verder Jan Gerarts van Cleijnenbreugel als man van Agneta en verder haar zuster Helena, allen kinderen zijnde van Jan Geraert Alaert Scepens verwekt bij wijlen diens vrouw Merieken dochter van wijlen Peter Jansen van den Maerselaer, welke Helena is geassisteerd door haar voogd, hebben verklaard met elkaar een boedelverdeling te hebben gemaakt van het bezit dat bij de dood en overlijden van hun ouders door hen is geerfd.
Bij deze verdeling krijgt Jan Geraerts van Cleijnenbruegel namens zijn vrouw het grote huis met de varkenskooi en 3 lopenzaad van het aanliggend erf, naast het erf van Jan Henricks van Berse af te meten, gelegen in Oirschot, herdgang de Kerkhof, ter plaatse genoemd aan de Heuvel, b.p. genoemde Jan Henricks van Berse, genoemde Heijlken dat ervan is afgedeeld, genoemde Willem dat ervan is afgedeeld, de kinderen van Dirck Antonissen van der Vleuten, de gemeenschappelijke straat aldaar. Verder krijgt hij een stuk akkerland genoemd het Achterste Zesterzaad, ter zelfder plaatse als hiervoor gelegen, b.p. Henrick Gerits van de Schoot, Henrik Janseen van Berse, Jonker Franchois Prouveur, Jan Jan Aert Sceijntgens de jonge. Verder krijgt hij een hooibeemd genoemd de Hanendonck, gelegen in Oirschot herdgang de Notel, b.p. Henrik Willem Heijligen, de gemeijnte, een beemd aldaar genoemd het Helderken. Nog krijgt hij het vierde deel van een weiland genoemd de Moost ter zefder plaatse als hiervoor, b.p. genoemde Heijltgen dat ervan is afgedeeld, Anneken van der Vleuten, Jan Stockelmans, Gerit Janssen dat ervan is afgedeeld, Goijaert Niclaes Scepens. Dit lot moet 100 gulden minder uit de rentes krijgen. Verder moet dit lot 3 gulden per jaar betalen aan een bepaald beneficie in de St. Peterskerk te Oirschot, nog 17 stuivers rente etc. aan het kapittel te Oirschot en aan de heer van Oirschot in twee verschillende teksten, te weten de ene 10 stuivers per jaar en de andere 7 stuivers per jaar. Verder moet hij de helft betalen van 7 stuivers per jaar aan de kapelaans en de helft van 7 oort aan de H. Geest te Oirschot. Verder nog de grondchijns en de dorpslasten te betalen en te moeten zorgen voor onderhoud van wegen en waterlopen.
Bij deze verdeling krijgt genoemde Heijlken de schuur met de schop met een zesterzaad land van het aanliggend erf, gelegen in Oirschot herdgang de Kerkhof ter plaatse genoemd aan de Heuvel, b.p. Lambert Janssen de Bresser, genoemde Jan dat ervan is afgedeeld, genoemde Geraert Janssen dat ervan is afgedeeld, de gemeenschappelijke straat aldaar. Nog krijgt ze een stuk akkerland genoemd de Eijckakker, ter zelfder plaatse als hiervoor gelegen, b.p. Jan Niclaes Loijen, Marten Cornelissen, genoemde Geraert, genoemde Willem beiden ervan afgedeeld zijnde. Verder krijgt ze het vierde deel van een weiland genoemd de Moost, ter zelfder plaatse als hiervoor gelegen, b.p. de kinderen van Joorden Janssen van Berendonck, genoemde Willem dat ervan is afgedeeld, genoemde Jan Geraerts dat ervan is afgedeeld, het gasthuis van heer Jan Daems. Verder krijgt ze een weiland genoemd de Papevoort, ter zelfder plaatse als hiervoor, b.p. de kinderen van Willem Goort Vlemmincks, Jans van den Velde, Aert Jan Sijckens, het erf van het St. Brigida altaar in de O.L. Vrouwekerk te Oirschot, de gemeijnte aldaar. Verder krijgt ze een jaarlijkse rente van 3 gulden te ontvangen van Roelof Aerts, nog een rente van 3 gulden die de erfgenamen heffen op Simon Matheeus van Aelst. Dit lot krijgt 100 gulden minder uit de gezamenlijke rentes en moet verder nog 4 gulden per jaar betalen aan het kapittel van de St. Peterskerk te Oirschot. Verder nog de helft van 7 stuivers per jaar aan de kapelaans van de St. Peterskerk te Oirschot, nog de helft van 7 oort per jaar aan de tafel van de H. Geest te Oirschot, nog de grondchijns en de dorpslasten en te moeten zorgen voor onderhoud van wegen en waterlopen.
Bij deze verdeling krijgt genoemde Geraert Jansen de helft van een stuk akkerland, genoemd de Groote Akker, gelegen in Oirschot herdgang de Kerkhof, ter plaatse genoemd aan de Heuvel, b.p. Jonker Franchois Prouveur schout van Kempenland, genoemde Willem dat ervan is afgedeeld, Henrik Jan Scepens, Lambert Janssen de Bresser, genoemde Heijlken, tot de palen aldaar van genoemde Lambert met de gehele weg die er tussenin loopt. Deze helft krijgt 4 voet breedte meer dan de andere helft. Verder krijgt hij het voorste driesje, ofwel de Papevoort, ter zelfder plaatse als hiervoor gelegen, b.p. Henrick Gijsbert Vlemmincks, de kinderen van Lenaert Lenart Moijses, de gemeijnte aldaar. Verder krijgt hij het vierde deel van een weiland genoemd de Moost, ter zelfder plaatse als hiervoor gelegen, b.p. genoemde Willem dat ervan is afgedeeld, de heer markies van Deinze, Jan Gerits van Cleijnenbreugel dat ervan is afgedeeld, de kinderen van Henrik Dielissen. Verder krijgt hij een stuk land deels hooiland en deels heide, genoemd het Nij Erf, gelegen in Oirschot herdgang de Notel, ter plaatse genoemd op het Sonderen, b.p. de tafel van de H. Geest te Oirschot, de weduwe van Dielis Niclaes Vlemmincks, Aert Daniels de Roij, de gemeijnte aldaar. Verder krijgt hij 200 gulden kapitaal te ontvangen van Geraert Goossens onze secretaris. Uit dit perfdeel moet jaarlijks een malder rogge worden betaald ofwel de helft van 7 Bossche zesters altijd betaald geweest zijnde in geld, verder de grondchijns. Er moet overpad worden verleend aan diegene die daar recht op hebben, voorts de dorsplasten te moeten betalen en te moeten zorgen voor onderhoud van wegen en waterlopen, Bij deze verdeling krijgt genoemde Willem de helft van een stuk akkerland, genoemd de Groote Akker, zijnde 4 voet overlangs smaller dan de andere helft ervan, gelegen in Oirschot herdgang de Kerkhof ter plaatse genoemd aan de Heuvel, b.p. genoemde Geraert dat ervan is afgedeeld, de kinderen van Dirck Antonis van der Vleuten, Jan Henricks van Berse, Jan Geraerts van Cleijnenbreugel dat ervan is afgedeeld, samen met de daar gelegen weg die er tussenin ligt tot aa de palen van Jan Henricks van Berse. Verder krijgt hij een akker genoemde het Voorste zesterzaad, ter zelfder plaatse als hiervoor gelegen, b.p. de kinderen van Dirck Antonis van der Vleuten, Jan Niclaes Lodewijks en meer anderen, Jan Henricks van Berse. Nog krijgt hij het vierde deel van een weiland genoemd de Moost gelegen ter zelfder plaatse als hiervoor, b.p. genoemde Geraert dat ervan is afgedeeld, het gasthuis van heer ( vervolg * )

Concept van een boedeldeling ( zie blz. 140-148 ), tussenliggend stuk.
-------------------------------------------------------------------------

De kinderen van Jan Gerit Alaerts ( Schepens, JT )

Het eerste lot is het grote huis met drie lopenzaad land van de aanstede, b.p. Jan Henricks van Berse. Verder de Hanendonck met een vierde deel van de Moost en een derde deel in de Moost Steegden met het andere vierde deel te delen. Dit lot zal 100 gulden missen in de rentes. Lasten zijn drie gulden aan een bepaald beneficie. Nog aan Henrick leeuwen vanwege het kapittel ca. ... 15 of 16 stuivers.

In marge :

Dit lot is toebedeeld aan Jan Gerits.

Het tweede lot betreft de schuur met een zesterzaad van de aanstede, b.p. Lambert Jans de Bresser, de Eijkakker. Verder nog het vierde deel van de gehele Moostaf te delen van het voorgaande lot. Verder de achterste Papevoort. Verder een rente van 3 gulden van Roelof Aerts, nog een rente van 2 gulden 10 stuivers per jaar te ontvangen van Simon Matheeus van Aelst. Dit deel krijgt 100 gulden minder uit de rentes. Uit dit deel moet jaarlijks 4 gulden worden betaald aan het kapittel en verder zal dit lot samen met het vorige lot bepaalde lasten moeten dragen die hiervoor zijn genoemd.

In marge :

Dit lot is toebedeeld aan dochter Heijlke.

Het derde lot betreft de halve Grote Akker gelegen naast de schout van Kempenland met het vooste driesje of Papevoort. Verder krijgt dit deel een vierde part in de Moest daarachter te delen met het volgende lot. Dit deel krijgt van de anderen 100 gulden. Dit deel is 4 voet breder over de lengte dan de andere helft van de vermelde Groot Akker, langs de schout. Uit dit erfdeel als last te betalen een malder rogge in Den Bosch te leveren en de grondchijns.

In marge :

Dit lot is toebedeeld aan Gerit Janssen.

vervolg :

Het vierde lot krijgt de andere helft van de Groote Akker af te delen met het voorgaande lot van het voorste zesterzaad land met het achterste vierde deel van de genoemde Moest, te delen met het derde lot met de Rouwe Elsinge. Hieruit een malder rogge te betalen in Den Bosch en de grondchijns.

In marge :

Dit lot is toegewezen aan Willem Jans Scepens.

Verder hebben de verdelers afgesproken dat al het opgroeiende hout en geriefhout behalve de fruitbomen die elk op zijn perceel heeft staan en de eikebomen die op hun voorerven staan voor hun huis, dat die door ieder van hen zullen worden behouden, uitgezonderd nog 14 of 15 eikebomen staande tussen de schop en de keuken, die ze wel samen zullen delen.

Datum 21 februari 1639, in aanwezigheid van Jan Stockelmans en Peter Cornelis Francken en Arien Henriks de Cort. ( vreemd is dat deze conceptakte van 21 februari 1639 pas op 24 februari 1640, een jaar later dus werd geprotocolleerd, met andere getuigen-schepenen, de definitieve protocol-versie sluit echter wel volledig aan bij het concept van een jaar eerder, JT. )
Jan Daems, Dielis Henrick Dielissen, genoemde Heijlken dat ervan is afgedeeld. Verder krijgt hij de helft van een hooibeemd genoemd de Rouw Elsdonck, gelegen in Oirschot herdgang Straten waarvan de andere helft eigendom is van Margriet en Maijken, dochters van Henrik de Leeuw. Verder krijgt hij een kapitaal van 100 gulden te vorderen van Gerart Goossens onze secretaris en nog 100 gulden kapitaal te vorderen van Aert Rutgers de Leest. Uit dit erfdeel moet jaarlijks de grondchijns worden betaald, de helft van 7 Bossche zesters rogge aan de H. Geest in Den Bosch, altijd betaald geweest zijnde na de vermindering, verder de dorpslasten. Verder moet er overpad worden verleend aan diegenen die daar recht op hebben.

Genoemde verdelers beloven elkaar over en weer deze verdeling altijd gestand te zullen doen

en indien naderhand zou blijken dat iemands erfdeel minder waard blijkt te zijn of dat er meer lasten op drukken dan nu bekend is, dan zullen ze die meerdere lasten gezamenlijk voor hun rekening nemen, ieder daarin voor een vierde deel. Verder zal ieder de lasten op het eigen erfdeel zodanig betalen dat de erfdelen van de anderen daarvoor gevrijwaard blijven. Datum 24 februari 1640, getuigen Velde en Stockelmans.

De verdelers behouden nog gezamenlijk al het hout zowel bomen als kaphout, behalve de fruitboom die ieder op zijn eigen erf heeft staan ook met het eikehout dat op het voorerf staat. De 15 of 16 eikebomen die tussen de schop en de keuken staan zullen ze gezamenlijk delen. Datum en getuigen als boven.

Verder is afspraak dat ieder het hout op de eigen grond zelf zal behouden, zowel bomen als geriefhout.

Gerart zoon wijlen Jan Geraert Alaerts Scepens verkoopt hierbij een kapitaal van 400 gulden met een rente van 20 gulden die vervalt per komende mei, die de gemeente Oirschot vanwege geleend geld aan hem is verschuldigd conform een schepenbrief van Oirschot. Hij verkoopt dit kapitaal nu aan Jan Gerarts van Cleijnenbreugel en de verkoper belooft alle lasten van zijn kant af te handelen. Datum en getuigen als boven.

Joorden Jan Aert Smetsers verkoopt een schuur die hij zelf in een ruil van Willem Lenaerts van de Sande heeft verkregen die op het erf van de hierna vermelde koper staat, staande in Oirschot herdgang Naastenbest. Het bezit wordt nu verkocht aan Gerard Lenaerts van de Sande en de verkoper belooft alle lasten van zijn kant af te handelen. Datum 27 februari 1640, getuigen Velde en Verhoeven

Bewerking van het oud rechterlijk archief Oirschot door Jan Toirkens 1640
+++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++

Heeft u aanvullingen, correcties of vragen met betrekking tot Jan Gerart Alaert Schepens?
De auteur van deze publicatie hoort het graag van u!


Tijdbalk Jan Gerart Alaert Schepens

  Deze functionaliteit is alleen beschikbaar voor browsers met Javascript ondersteuning.
Klik op de namen voor meer informatie. Gebruikte symbolen: grootouders grootouders   ouders ouders   broers-zussen broers/zussen   kinderen kinderen

Via Snelzoeken kunt u zoeken op naam, voornaam gevolgd door een achternaam. U typt enkele letters in (minimaal 3) en direct verschijnt er een lijst met persoonsnamen binnen deze publicatie. Hoe meer letters u intypt hoe specifieker de resultaten. Klik op een persoonsnaam om naar de pagina van die persoon te gaan.

  • Of u kleine letters of hoofdletters intypt maak niet uit.
  • Wanneer u niet zeker bent over de voornaam of exacte schrijfwijze dan kunt u een sterretje (*) gebruiken. Voorbeeld: "*ornelis de b*r" vindt zowel "cornelis de boer" als "kornelis de buur".
  • Het is niet mogelijk om tekens anders dan het alfabet in te voeren (dus ook geen diacritische tekens als ö en é).

Verwantschap Jan Gerart Alaert Schepens



Visualiseer een andere verwantschap

Bronnen

  1. (Niet openbaar)
  2. Bewerking van het oud rechterlijk archief Oirschot door Jan Toirkens 1640

Over de familienaam Schepens

  • Bekijk de informatie die Genealogie Online heeft over de familienaam Schepens.
  • Bekijk de informatie die Open Archieven heeft over Schepens.
  • Bekijk in het Wie (onder)zoekt wie? register wie de familienaam Schepens (onder)zoekt.

Wilt u bij het overnemen van gegevens uit deze stamboom alstublieft een verwijzing naar de herkomst opnemen:
Kees van den Aker, "Stamboom Van den Aker, Van Eindhoven, Schepens en Verhoeven", database, Genealogie Online (https://www.genealogieonline.nl/stamboom_van_den_aker/I5177.php : benaderd 3 februari 2026), "Jan Gerart Alaert Schepens (< 1629-± 1640)".