Hij is getrouwd met Anna Maria Cornelia van Uytrecht.
Zij zijn getrouwd op 27 december 1789 te Willemstad, Curaçao, hij was toen 28 jaar oud.
Kind(eren):
Notities
Aantekeningen
Albert stamt af van de bekende stamvader Albert Kikkert van de Texelse tak, die van Enkhuizen naar Texel komt en eigenaar is van Het Eijerlandse Huis.
Op 14-jarige leeftijd gaat Albert Kikkert in zeedienst. In 1779 is hij luitenant ter zee, in 1782 eerste luitenant en in 1786 kapitein.
Een jaar later vaart hij als commandant op het oorlogsschip de Hector. In 1789 vaart Albert als tweede man op het fregat de Amazoon naar de West.
Albert Kikkert komt voor het eerst op Curacao aan in 1795 als kapitein ter zee. Hij wordt eigenaar van de plantage St. Jan en woont in een woonhuis wat nu Hotel Avila Beach is. Later betrekt hij een woning in Otrobanda.
Als eigenaar van de plantage heeft hij een werkzaam aandeel in de revolutionaire woelingen. In 1800 keert Kikkert terug naar Nederland en doorloopt zijn verdere militaire rangen, schout bij nacht (19 okt 1802) op het schip Brutus en bevelhebber van de schepen die "ten noorden van het IJ tussen Texel en Delfzijl waren gestationeerd", en vice-admiraal (1807) met verantwoordelijkheid voor de schepen "voor Amsterdam, op de Zuiderzee, en de Waddenzee tot Hamburg". Op 1 april 1808 benoemde Koning Lodewijk Napoleon van Holland Kikkert tot directeur en commandant van de marine in het Zuiderdepartement met als standplaats Rotterdam.
Op 12 september 1808, bijna twee jaar voor de inlijving van Nederland bij het Franse keizerrijk, trad Kikkert als vice-admiraal in Franse dienst.Hij werd maritiem onderprefect van het tweede arrondissement met als standplaats wederom Rotterdam.
Hij staat in aanzien bij Koning Lodewijk Napoleon, die hem Ridder en Commandeur van de Koninklijke orde der Unie maakt. In 1813 liet het voorlopig bewind de Franse admiraal arresteren en gevangen zetten. Nadat hij te kennen had gegeven Napoleon niet meer te steunen werd hij opnieuw in zijn functie benoemd; Kikkert is een der eersten, die in 1813 het Franse vaandel verlaat en overloopt naar de Oranjegezinden. Ze bevrijden Dordrecht van de Fransen.
Wanneer Curacao in 1815 van Engelse in Nederlandse handen overgaat komt de Prins van Oranje met Albert Kikkert aan op het eiland. In zijn gezelschap zijn ook adjudant Isaac Kikkert en klerk Hermanus Kikkert. Koning Willem I benoemt Albert in 1816 tot Gouverneur-Generaal van Curacao en de onderhorige eilanden, tevens wordt hem het Commandeurskruis der militaire Willemsorde verleend voor de bevrijding van Dordrecht.
Naast deze orde ontving Albert nog enkele onderscheidingen, zoals de Doggersbank-medaille (1781) en werd hij commandant en officier van het Legioen van Eer (1804 en 1811), verder was hij aangesloten bij de Vrijmetselarij.
In 1817 stelt Albert per decreet dat de huizen op Curaçao pastelkleurig moeten worden.
Albert was eigenaar van plantage Jan Sofat, vroeger Jan Zoutvat, op Curaçao.
Albert Kikkert was lid van de Vrijmetselarij - op Curaçao was hij een atief lid van de loge "De Vergenoeging nr. 22" - en dit genootschap bestaat in 2006 250 jaar. Het hele plantagegebied is inmiddels ontwikkeld door de firma Spanish Water Resort. Er zijn vele kavels bebouwd met villa's. Het plan is om in het laatste gedeelte van Jan Sofat een huis te bouwen waar mensen tot rust kunnen komen. Ook wordt hier het Albert Kikkert Plantsoen gerealiseerd met een borstbeeld van Albert op een sokkel, ter nagedachtenis aan deze belangrijke gouverneur. In Nederland wordt het borstbeeld gemaakt en op 7 juni 2006 komt er een vooronthulling in Amsterdam in samenwerking met de Vrijmetselarij, de Marine en de vereniging Kikkert. Het echte feest op Curaçao is op 7 september 2006.
Commandeur in de orde der Unie; vice-admiraal; Commandeur MWO; officier Legioen van Eer; en laatst Gouverneur van Curaçao (1815-1819).
Vice-admiraal, circa 50 jaar, thans Commandant en Directeur te Rotterdam. Officier van fortuin, heeft geld getrouwd en in de dienst gewonnen; buiten reproche; 33 j. gediend; is bekend als een goed zeeman; geen bekwaamheden buiten de dienst zover men weet; is gehuwd en heeft 3 kinderen; heeft zich zeer wel gedragen in de actie van Doggersbank; heeft enige tijd in Curaçao gewoond en is daar getrouwd.
http://vocopvarenden.nationaalarchief.nl/detail.aspx?ID=34133
Datum indiensttreding: 17-10-1786 Datum uit dienst: 30-03-1788
Functie bij indiensttreding: Luitenant ter zee Reden uit dienst: Gerepatrieerd
Uitgevaren met het schip: Merenberg Plaats of schip: Azie
Maandbrief: nee Schuldbrief: ja
Gegevens van de vaart
Schip: Merenberg Inventarisnummer: 14829
Kamer: Enkhuizen Folio: 5
Vertrek: 17-10-1786 Aankomst: Bengalen
DAS-en reisnr.: 4535.4 Kaap:
Nieuw Nederlandsch Biografisch Woordenboek van Van der Aa:
KIKKERT (Albert) werd den 27sten November 1762 op het eiland Vlieland geboren en trad als kadet in zeedienst in 1776. In 1779 werd hij luitenant en was als zoodanig op het linieschip de Bataaf, kapitein Bentinck, tegenwoordig bij den slag bij Doggersbank, waarin hij door zijne koelbloedigheid en onverschrokkenheid uitmuntte, en met eene zilveren medaille vereerd werd. In 1782 werd hij 1e luitenant en in 1786 kapitein. Hij maakte, bevelvoerende op de Ceres van 36 stukken, verschillende kruistogten in de Middellandsche zee, bezocht de Azorische eilanden en ontscheepte in de maand December 1795 op het eiland Curaçao, vergezeld door den kapitein Wierts. Aan beide verdienstelijke officieren komt de eer toe, door beleid en standvastigheid de rust te hebben hersteld en daardoor medegewerkt te hebben tot behoud der kolonie en de beide aan hun bevel toevertrouwde bodems. Toen evenwel in 1800 de nood aldaar, door afscheiding van het verkeer met het moederland, en door de staatkundige geheurtenissen elders voorgevallen, met elken dag klom, besloot de kapitein Kikkert, die na het overlijden van Wierts het bevel voerde, en op zijn herhaald schrijven naar Nederland geen antwoord kreeg, noch ondersteuning erlangde van het bestuur der kolonie, de overgeblevene manschappen af te danken, met zijne voornaamste officieren het eiland en de schepen te verlaten en naar het moederland weder te keeren. Zijn gedrag, als uit nooddwang geschied, werd in Januarij 1801 door den agent van marine goedgekeurd, ofschoon hij echter nog met vele, vooral geldelijke bezwaren te worstelen had. In 1802 tot schout-bij-nacht benoemd, verkreeg hij in 1803 het kommando over de oorlogschepen op het IJ gestationeerd, als hoedanig hij in April 1807 door den vice-admiraal de Winter vervangen werd. Na nog gedurende een jaar onder diens orders gediend te hebben, werd hij in 1808 benoemd tot vice-admiraal en belast met het kommando over de zeemagt gestationeerd van de Zuiderzee tot Hamburg. Bij de omwenteling in 1813 bevond hij zich in Holland, en reeds op den 26sten November zwoer hij in eene proclamatie uit Rotterdam de Fransche dienst af en omhelsde met vuur de zaak der onafhankelijkheid. Door het algemeen bestuur het opperbevel van de verdediging der Maas opgedragen, aanvaardde hij deze waardigheid door eene openlijke afkondiging, welke zoowel ten aanzien van taal, als van gevoelens, in den geest onzer aloude zeehelden was gesteld, en den Nederlander den roem, door zijne voorvaderen behaald, op het levendigste herrinnerde. Hij dwong de Franschen Dordrecht te verlaten, en begunstigde de pogingen om den Briel en Hellevoetsluis meester te worden, ten einde de invoer van oorlogsmateriaal uit Engeland ongehinderd te doen plaats hebben. Ter belooning van zijn gedrag werd hij benoemd tot kommandeur der Militaire Willemsorde en gouverneur van Curaçao. Hij overleed den 16den December 1819. Koning Lodewijk verhief hem tot ridder en later tot kommandeur der orde van de Unie, en keizer Napoleon verhief hem tot officier van het Legioen van eer.
Uit de "Curaçao Gazette van 2 Febr. 1816:
De lang verwachte aankomst van troepen op 27 Jan. 1816, vertrokken 24 Nov. 1815 uit Vlissingen om bezit te nemen van deze kolonie, had op jongstleden Zaterdag plaats. Omstreeks 6 uur in de avond van die dag kwam alhier aan het Hollands schip "Prins van Oranje", onder Kommandant Schout bij nacht J. E. Lewe van Aduard en later in de avond van dezelfde dag de gewapende schoener De Haay, onder kapitein Willem Hendrik de Quartel. Wegens de late avond hadden er gene saluten plaats. Op de volgende morgen om 9 uur werd van de Prins van Oranje (een linieschip van 84 stukken geschut), een Koninklijk saluut gedaan en van Waterfort beantwoord. Zijne Excellentie, de Vice-Admiraal Albert Kikkert, vergezeld van de voornaamste officieren van zijn gevolg, verliet om 10 uur de Prins van Oranje, onder het lossen van saluutschoten van de forten en genoemd schip en werd aan de landingsplaats ontvangen door Zijne Excellentie de Generaal-Majoor John Le Couteur, Luitenant-Gouverneur, opperbevelhebber der land en zeemacht, vergezeld van de achtbare Heren leden van Zr. Ms Raad en verder gevolg. Het 7e W . I . regiment stond op de Breedestraat aan de beide zijden der straat in parade geschaard. Er werd door het muziekcorps van het garnizoen het Britse Nationale lied "God save the King" gespeeld en de geweren gepresenteerd, terwijl de Gouverneur Le Couteur, de Admiraal Kikkert en hun gevolg er door gingen, om zich naar de Gouvernements Penn te begeven, alwaar zij luisterrijk door de Gouverneur Le Couteur onthaald werden".
Aan boord van de Prins van Oranje waren behalve de Vice-Admiraal en Gouverneur-Generaal van Curacao Albert Kikkert, Isaak Kikkert, adjudant van de Gouverneur, Mr. Lamaison, President van de Raad van Civiele en Criminele Justitie, Mr. /. /. Elsevier, gegradueerd lid van de Raad van Justitie, H. J. Nuboer, Raad Controleur Generaal, /. Scharbouw, Boekhouder bij de Raad Controleur, L. Boye, Kommandeur van Aruba, H. Kikkert en /. Paddenburgh, Landschool-onderwijzer, de Luit.-Kolonel F. Knotzer, enige kapiteins o.a. R. F. van Raders en vele luitenants o.a. /. M. van Eps.
Uit de Curaçaosche krant van 24-12-1819
De teraarde bestelling van de Vice Admiraal Albert Kikkert op 19 December 1819, daags na zijn overlijden.
Het lijk was opgebaard in de grate zaal van het Gouvernementshuis, hetwelk door een gedurige toeloop van inwoners van beiderlei sekte gedurende den gehele dag bezocht werd, als welke kwamen om hun laatste treurige en rouwvolle offer van eerbied aan het stoffelijk overschot van onze overleden gouverneur te brengen.
De begravenis was om 16.00 uur op de Protestantsche begraafplaats aan de Rodeweg op Otrabanda.
Het lijk in een mahony houten kist, werd overgebragt van het Gouvernementshuis naar het voorplein en vandaar door de poort, waar de troepen een salvo gaven wanneer het voorbij werd gedragen naar de waterkant.
Waar het lijk werd ingescheept en over de haven werd vervoerd naar Otrabanda. En het hele gezelschap in booten en postjes in korte afstand volgden. En de artillerie en Z.M brik "Merkaar" minute schooten deden gedurende den overtogt over het water.
Aan de overkant werden de troepen in gereedheid gebragt. Toen het lijk aan wal werd gebragt presenteerden zij het geweer en volgde een tweede salvo.
De plegtige togt ging toen voorwaarts naar de begraafplaats in de volgende orde Vier plasiers.
De bende muzikanten van de Curaçaosche bevolking die treurmuziek speelde.
De bende van het bateiljon Jagers met zwart omvloerde trammels, gevolgd door het bateiljon Jagers.
Het lijk met aan beide zijde 2 slippendragers. De ordeband en de versierselen van de Militaire Willemsorde, zijner Exellentien degen en hoed met andere eretekens lagen op de kist, die op een baer door 12 sergeants werd gedragen.
Zijne Exellentie 's adjudant met het rouwpaard, hetgeen door een knecht geleid werd, aan de rechter hand.
De naaste familie in des rouw.
De Spaansche Generaal Pardo, tussen de Kapiteinen Pool en de Quartel.
De Raad Fiskaal en de !eden van de Raad der Policie.
De President en Leden van den Raad van civiele en criminele Justitie, met de Secretaris.
Het collegie van Commercie
De Officieren van de burgery.
De Officieren van het garnisoen en staf van Z.M "Merkaar"
De corporatien zooals kerkeraden en publieke ambtenaren.
Een groat aantal inwoners der Kolonie.
De !eden van de logie Unlos nr. 411 der orde der vrijmetselaars van welke Zijne Exellentie lid en beschermheer was.
De Curaçaosche burgery, allen met zydgeweer.
De gehele trein ging voorwaards met een langzamen en plegtige stap. Doordat het gezelschap zoo talrijk was, konde den laatsten de begraafplaats niet bereiken, toen reeds de Jagers een derde salvo gedaan hadden en de aarde voor altoos het stoffelijk overschot van Zijne Exellentie had bedekt.
Overleden
Hij sterft plotseling op de nacht van 18 op 19 Dec 1819
Begrafenis
Hij is begraven om 16.00u
grootouders
ouders
broers/zussen
kinderen
Albert Lambertsz Kikkert | ||||||||||||||||||||||||||||||||||||
1789 | ||||||||||||||||||||||||||||||||||||
Anna Maria Cornelia van Uytrecht | ||||||||||||||||||||||||||||||||||||
Toegevoegd door een Smart Match te bevestigen
Stamboom op MyHeritage.com
Familiesite: van Wijnbergen Web Site
Stamboom: Franke
Toegevoegd door een Smart Match te bevestigen
Stamboom op MyHeritage.com
Familiesite: Smeets Web Site
Stamboom: 45621851_1_DF_21177ea4otgkn106