Doop op 3 oktober 1738 te Harderwijk
Vader
Harmen Berentzen
Moeder
Marij Sanders
Dopeling
Sander Berentzen
Sander Harmenzen
Extra informatie
Kerkelijke gemeente Harderwijk
Bronvermelding
Gelders Archief
Gelders Archief, DTB Dopen
Harderwijk, Arnhem, archief 176, inventarisnummer 830.2, folio 194
Registratie op 26 maart 1758 te Harderwijk
Lidmaat of gevormde
Sander van Emster
Extra informatie
Kerkelijke gemeente Harderwijk
Bronvermelding
Gelders Archief
Gelders Archief, Lidmatenregistratie
Harderwijk, Arnhem, archief 176, inventarisnummer 837.4, folio 117
--------------------------------------------------------------------------------
ORAH-154 - fol.080vso
Voor deselve Schepenen compareerden de WelEd. Gestr. Heer J.B.
de Vries, Oud Raad en Fiscaal der Colonie van Surinamen etc. ter eenre,
en Monsr. Sander van den Emster ter andere sijde, en verklaarde
den Heer 1e Comparant te hebben aangenomen, gelijk deselve
aanneemt bij desen, den voornoemden Sander van den Emster, om
op sijn WelEd.Gestr. Plantagien in Surinamen te dienen en te fun-
geren in qualiteijt als Mr. Chirurgijn of Doctor, en de 2e Compa-
rant meede verklaarde sig in dienst van sijn WelEd. Gestr. en in
voorsr. qualiteijt te hebben geengageert en verbonden, sig engage-
rende en verbindende bij desen, en sulks op voorwaarden en conditien
hier naa volgende.
1º. Dat de 2e Comparant Sander van den Emster aanneemt en be-
looft de tijd van ses agtereenvolgende jaaren, te rekenen van den
dag van sijn arrivement op de Colonie of Plantagie, in qua-
liteijt als Mr. Chirurgijn te dienen op soodane Plantagie, als
hem door de Heeren Administrateurs derselver Plantagien, d’Hee-
ren Reijsiger en De Vries, sal aangewesen worden, sijn functie
eerlijk en getrouw waarteneemen, soo wel ten opsigten der
Blanken en Slaven in ’t generaal sijn WelEd. Gestr. toebeho-
rende, als wel specialijk der Slaaven van desselfs Plantagien,
genaamt Goed Succes, Vrieskoop en Coresburg, gelijk meede der
Slaaven aan Paramaribo of elders, en omtrend derselver visiteringe,
genesing en verpleginge alles te doen wat een goed en be-
quaam Chirurgijn of Doctor ten reguarde van allerleij siektens, ge-
breeken of ongemakken, soo wel inwendig als uijtwendig, toestaat
en verpligt is te observeren.
2º. Dat hij 2e Comparant meede belooft sig in alles te gedragen na de
coustume des lands aldaar, conforme de ordres en onderrigtinge
die gem. Heeren Administrateurs of wel derselver Directeur mogten
goedvinden en nodig oordelen hem ten aansien sijner functie
van tijd tot tijd te geven, sonder de minste tegensprake, ook wel
sorg te dragen van sig altijd nugteren en in staat te bevinden
om op d’eerste ordre te gaan alwaar hij geroepen werd en te doen ’t geen
hem bevoolen werd, soo wel ’t geene hij volgens sijn functie ver-
meenen sal nodig en dienstig te zijn.
3º. Dat hij meede aanneemt sijn post vlijtig en naarstig waartenemen
met postpositie van sijn eijgen of particuliere saaken, sonder sig te
sullen of mogen absenteren of eenige tijd te versuijmen, onder wat
prætent sulks soude mogen weesen, uijtgenomen siekte of andere
wettige reedenen; dat egter den Heer 1e Comparant, vertrouwende dat
hij den inhout deser conditien ponctueelijk sal nakoomen, hem
mits desen permitteert, ingeval hem buijten voorsr. diensten eenige
tijd mogt overschieten, deselve ledige uuren te moogen besteden tot
assistentie en hulp van andere Blanken en Slaaven buijten
de voorñ. Plantagien wonende, die van hem mogten wenschen ge-
dient te zijn, soo nogtans en onder dat beding, dat hij verpligt
sal weesen de verdiensten, uijt sodane buijten practijcq trekkende,
voor de helft in rekening te brengen of uijt te reijken aan gem.
Hn. Administrateurs, dewelke hem deswegens tot verandwoording
sullen mogen roepen, soo dikwijls sulks bij HaarEd. sal goedge-
vonden worden.
4º. Dat de Heer 1e Comparant daar tegen, in verwagting van voorsr.
goede diensten en naarstige waarneming der functie als Chirurgijn
of Doctor, aan hem 2e Comparant bij desen belooft daar voor te doen
hebben en genieten vrij transport naa de voorsr. Colonie van Su-
rinamen en hem daar heene te senden met schip, De Planters
Vriendschap genaamt, gevoert bij Capt. Claas Pieterz. Reijmers, of
met soodanig ander schip als hem sal werden aangewesen, als
meede, op de Plantagien arriverende, vrije kost en vrije wooning,
sullende het bewassen en benaaijen van sijn klederen ook
op kosten van sijn WelEd. Gestr. gedaan worden, en hij boven dat alles
voor salaris ontfangen gedurende de drie eerste jaaren ’s jaars twee
hondert en vijftig guldens Hollands en de drie laatste jaaren
’s jaars drie hondert guldens Hollands, te betaalen jaarlijks bij
voorñ. Hn. Administrateurs der voorsr. Plantagien.
5º. Dat ingevalle hij 2e Comparant, na verloop van voorsr. ses jaaren
gedient hebbende, genegen soude zijn na ’t Vaderland te retour-
neeren, den Heer 1e Comparant beloofde hem meede vrij transport
te besorgen en dus hem van sijn dienst te ontslagen.
6º. Eijndelijk dat de 2e Comparant ook nog belooft ten opsigte van medi-
camenten, oud linnen, pluksel etc. ’t geen hij van sijn WelEd.Ge. tegens-
woordig komt te ontfangen, alle mogelijke menagie en ordentlijk
gebruijk te observeren, als mede omtrend sodane medicamenten
als hij van tijd tot tijd verders sal ontfangen, dewelcke sijn WelEd.Ge.
hem sal fourneren en doen besorgen, sullende ten dien eijde hij
2e Comparant verpligt zijn alle halve jaar een lijst aan gemelde
Heeren Administrateurs te behandigen van alle soodane medi-
camenten als hij nodig mogte hebben, en voor ’t overige ge-
houden zijn sig van alle benodigde instrumenten, hoegenaamt,
behoorlijk voorsien hebbende, deselve instrumenten wel en
in goeden staat te onderhouden, soo als een goed en getrouw
Chirurgijn of Doctor betaamt.
Tot nakominge van alle voorsr. conditien verbinden beide de
Comparanten resepective haare personen en goedren, onder sub-
missie als na regten. # Actum Harderwijk, den 30. Sept. 1767
# Eijndelijk heeft Zander van den Emster, Compt. in deese,
verklaart dat ingevalle hij onverhoopt binnen de tijd van ses
agtereen volgende jaaren voorsr. op de meergeñ. Colonie
mogt komen te overlijden, alsdan met eerbiedige uijtsluijting
van de Edele Heeren Commissarien der onbeheerde
Boedelscamer aldaar, tot Executeuren en Redders van all ’t
geen hij mogt koomen natelaten, aantestellen voorñ.
Heeren en Mrs. G. Reijsiger en H.J.H. de Vries.
grootouders
ouders
broers/zussen
kinderen
Sander van den Emster | ||||||||||||||||||
De getoonde gegevens hebben geen bronnen.