Hij is getrouwd met Anna van der Brugge.
Zij zijn getrouwd
Kind(eren):
wordt op 25-12-1572 te Maidstone (GB) vermeld als Jan Cabelyau, dienaer des Heeren, tekent als Jan Capeliau op 20-8-1576 als een der "politische mannen der uthlandischen Gemeynte tot Mädston",[41] huw. get. (1581, 1586), wordt in 1588 bij verstek ter dood veroordeeld wegens deelname in 1587 aan een samenzwering om de regering van Leiden omver te werpen, weet blijkbaar te vluchten, is dan ook niet aanwezig als getuige bij het huwelijk van zijn zoon Jacques in 1592, maar weer wel in 1598 bij de inschrijving van deze zoon als poorter van Leiden, tr. vóór ca. 1560
Op 13-1-1588 wordt in een proces voor schout en schepenen te Leiden Jan Cabbeljau beschuldigd van poging tot omverwerping der stadregering en aanzetten tot oproer, verspreiden van schotschriften en meinedigheid. Het vonnis (bij verstek) luidt: het afkappen van twee vingers van de rechterhand, onthoofding waarna vierendeling, het hoofd en de vier delen ten toon te stellen op de vijf stadspoorten, alsmede levenslange verbanning uit Leiden, Rijnland, Den Haag en Haagambacht en confiscatie. [42]
Jan Cabbeljau maakt deel uit van een samenzwering geleid door kolonel Cosmo de Pescarengis, kapitein Nicolas de Maulde, Prof. Adriaen Saravia en Adolf van Meetkercke.[43]
De samenzweerders zouden zich ten dienste van de landvoogd Robert Dudley graaf van Leicester, meester maken van Leiden. De samenzwering mislukte, de hoofdaanleggers werden in 1587 ter dood gebracht.[44]
De van Italiaanse adel zijnde Cosmo de Pescarengis was aanvankelijk tafelhouder in de bank van lening te Leiden, daarna kolonel in 't leger der Staten.[45] Hij werd in 1587 ter dood gebracht. Kapitein Nicolas de Maulde, aanvoerder van het vendel, waarmede de regering zou veranderd worden, werd in 1587 geëxecuteerd, niettegenstaande Prins Maurits nog voor hem pleitte, en een jonge Leidse vrouw (Jonkvrouw Uytenbroeck waarschijnlijk een dochter van Willebroort Uytenbroeck (geb. voor 1533), secretaris te Dordrecht, en Cornelia van der Houve (geb. 1520)) zich aanbood om met hem te trouwen.[46] Aan Adolf van Meetkercke, ex-president van Vlaanderen, en Prof. Adriaen Saravia, hoogleraar theologie aan de Universiteit van Leiden, werd hetzelfde ten laste gelegd als aan Jan Cabeljau, en zij kregen (bij verstek) hetzelfde vonnis.[47] Ze wisten te vluchten, Saravia week uit naar Engeland.
752. Leyden, Sundaij, 29 October 1.581. Jan Cabelyau, to the Ministers of the Dutch Community, London.
Your' last Letter, writteu by Crystyan de Ryck' reached me yesterday, and I will draw the £15. on Pfl\Tie Metste as you ask me to do, on behalf of the two last students who arrived bere. They only stayed a month with M' Volkrij. In the other place, where they are residing with a religious old widow of our nation and religion, they have each to pay 100 guilders per aniuim, but they are better off than bofore.
One of my sons I .should like to .see placed yonder with a merchaiit of our nation. Here we have stili little opportunity of bringing up our children in the Community, a.s our Church is in a poor condition. It is a pity that the Synod abandons us altogethcr. Casparis ' complains that the S}Tiod does not listen to him ; he appeals to the Prince or the States, and nobody answers him.
3. It hai noir come to pan that Peter Ilakkiìu icill he propoied to the Community at their Miuister ; he will preach here four tceeki, and, if no objeetion i» made to him, will be accepted. They feel mire that
the Community, or at leatt thote who like him will keep lilent. Ilut the Elders who are agaimt him tcill retign. 4. Itebrandm Ilalcke wai elected by them. You know that Peter Cornelin» and Joh. Hai have lej't
II* in an irregular way, 5. As regardt my lon I nhould like to know hoic long he han atilt to Kindy ; it i« a great hurden to me.
Somma dat nu .so verre commen es, dat Petry Ackyus * die syii boucken eeft 3 elpen maken de ghcmeente sei vooren ghestelt wesen om Leeraer by ons te wesen,
' The first portion of the Letter beinn to a great extent illeRible, it is here sumraarized in English.
' See above, Letter Xo. 741. ' Ganper Vander Heyde, see above, Lcttcrs Xos. 446, 4.58, .57li, 600.
* Aecording to Soermans, Kerkelyk Urgitter (p. 4il), Petrus Hakkius becanie Minister at Leyden in 1578.
Vander Aa (Biographitch IVoordenhoek , Hackius) says that he was lent to the Church of Leyden in 1578 or
1581, but wa» soon appointed ab»olat<.'ly. See furthtr Vander .\a, in voce.
CH. III. 82
650 Jan Cabelyau, to the Dutch Community, London, 1581.
sai vier weken predeken, ende so de ghemeinte niet en weet op Leere ende leuen
te brynghen sai anghenomen wesen, ende sy sya versekert dat de ghemeente zwy-
ghen sai, te weten, die em meest toeghedaen wesen. Want de Ouerheyt ende den
meesten deel vau den Kercken Raet syn met em....De hauderlynghen die hier te-
ghen gheweest hebben willen haren dienst neder leghen, waer van dat desen dach
et eerste begynsel es. Ende Hysbrandt Balck* die es by en beropen....V.L. es 4
bekendt hoe dat Pieter Cornelys* en Johannes Hai* ons so onhordenlyck verlaten
hebben ; sy hadden beloeft ons te dienen tot dat wy ander in haerlieder stede had-
den, ende sijn van den stoel ghebleuen, daer al de ghemeinte by een was om dat
men haerlieden geen Attestatie geuen en wilde, so sy selue ghodycht hadden, ende
omdat in haerlieder Attestatie staedt van ons ende van dOuerheyt gegheuen ofte
sii eenijchsyns hoorsake van den tuijst gheweest hadden.... Men solder wel boucken
af scrijuen....Voort angaende Lijeuyne' mynen sone wilde wel weten wat V.L 5
dynckt ofte hy noch laughe sai moeten leren, et valt my al lastegher dan ghijlieden
wedt....In Leyden den 29'" Octobris 1581. 6
By mij...Jan Cabelyau.
Addressed: An den...Kerckendienaeren der Nederduytsche Ghemeynte tot Lon- 7
den. Endorsed: Brieuen van Jan Cabbeljaeu met de antwoirdt. Te schryuen an
Lieuen Kabbeljauw, hier te komen tegen S' Jansmesse ende syn boecken mede te
brengen. [See Letter of 19 January 1582, below, Letter No. 766.]
^ Also called Trabius ; see above, Lettera Nos. 200, 232 &c.
^ According to Soermans, Kerkelyk Begister (p. 49), Peter Cornelisz waa discharged iu 1579, reelected
in 1580, resigned in 1581, and left Leyden for Delfshaven in 1582 ; see furthcr Vander Aa, Biogr. Woorden-
boek. Johannes Hai left Leyden for Amsterdam in 1581. See Soermans and Vander Aa.
!¦ See abo%e, Letters Nos. 661, 666, and below, No. 766.
Jan Cabbeljou | |||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
Anna van der Brugge | |||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
De getoonde gegevens hebben geen bronnen.